Zinnen als dolken in een fluwelen foedraal

Haar eerdere pogingen om dans en tekst te laten samengaan, riepen nogal wat commentaar op; dansers moeten doen waar ze goed in zijn en hun mond houden, dat was de teneur van de reacties: van het prevelen van slappe teksten wordt een voorstelling niet beter....

Quartett is een voorstelling van twee spelers, acteur Frank Vercruyssen van toneelgroep Stan en danseres Cynthia Loemij van Rosas, gemaakt samen met de zusters De Keersmaeker: de dansende Anne Teresa van Rosas en de acterende Jolente van Stan. De tekst van Heiner Müller, gebaseerd op de achttiende-eeuwse brievenroman Les liaisons dangereuses van Choderlos de Laclos, deed al eens eerder dienst als trefpunt van tekst en beweging. Robert Wilson regisseerde het stuk elf jaar geleden met danseres Lucinda Childs in de hoofdrol.

In deze Rosas & Stan-bewerking is alle overbodigs weggelaten: een planken vloer, zoals decorontwerper Herman Sorgeloos er al zoveel heeft gemaakt, een heldere belichting zonder poespas en sobere kostumering. In die Spartaanse omgeving kan alle aandacht uitgaan naar tekst en gebaar.

Dat - de Nederlandse - Cynthia Loemij een bijzondere danseres is, had ze al in eerdere voorstellingen van Rosas bewezen. Haar solo, waarmee Quartett begint, onderstreept dat nog eens. Zorgvuldig articulerend zet ze haar idioom van wiegelpasjes, wijdbeens hurken en verleidelijke handgebaren uiteen.

Dan verheft ze haar stem. Of eigenlijk: er komen gefluisterde woorden uit haar mond. Koel en afgemeten maar o zo sensueel richt ze het woord tot haar tegenspeler Valmont, de schrale man in het zwarte pak die al die tijd haast onbeweeglijk achter op het podium heeft gestaan. 'Waarom zou ik u haten, ik heb niet van u gehouden. Laten we ons vel tegen elkaar aanschuren', zegt ze.

En terwijl haar stem de vileine, kwetsbare woorden zegt die Müller madame Montreuil toebedacht, vertelt haar lichaam een heel ander verhaal. Het manoeuvreert en rangeert om de betekenissen heen, het maakt hiërogliefen van de omhaal aan woorden die madame in de mond gelegd krijgt. Elke scabreuze zin komt over haar lippen als een dolk, verpakt in fluwelen foedraal.

Acteur Vercruyssen pareert die veelvormigheid met een motorische variant van het spijkerschrift. Tegenover haar woud van leestekens plaatst hij een simpel uitroepteken: zijn gebaren zijn strak en eenduidig, zijn tekstbehandeling is al even sober. Waar de danseres zich ver op zijn terrein waagt, blijft de acteur bij zijn leest.

Later, als Montreuil en Valmont hun spel van liefde en perversie nog verder voeren door van rol te verwisselen, wordt ook Vercruyssen beweeglijker. Kort voor het onvermijdelijke einde waagt hij zich zelfs aan een enkel ouwelijk pasje, als povere imitatie van de verleidingskunsten van de danseres. 'Het paradijs heeft drie ingangen. Wie de derde van de hand wijst, kwetst de drievoudige bouwmeester. Plaats is er in het kleinste hutje.'

Acteur en danseres, woord en gebaar - geleidelijk vallen ze samen, zoals ook Valmont en Montreuil, de drastische verkenners van de grenzen van het betamelijke. Waarmee de De Keersmaekers alsnog hebben aangetoond dat tekst en dans heel goed samen kunnen gaan, en dat Müllers Quartett een voorbeeldig voertuig van hun bedoelingen is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.