Zingen van tralala, terwijl nazisme dreigt

Comedian Harmonists van Joseph Vilsmaier. Met Ulrich Noethem, Ben Becker, Max Tidof, Meret Becker. In dertien theaters, waaronder Tuschinski 5, Desmet en Rialto Amsterdam, Haags filmhuis, Lantaren/Venster Rotterdam....

PETER VAN BUEREN

Een pianist en vijf mannen die op verschillende hoogten door elkaar zingen en toch samen, dissonant en toch mooi: close harmony noemen ze dat. Een vooral vooroorlogse attractie, later hoofdzakelijk camp, want het heeft toch ook iets kinderachtigs en de liedjes zijn zoet en simpel.

Een van de (ooit) beroemdste van die groepen, de Comedian Harmonists, was ruim twintig jaar geleden onderwerp van een drie uur durende documentaire, ook door de VPRO uitgezonden, maar pas in 1997 kwam er een speelfilm uit over deze mannen wier groep in 1927 werd opgericht en in 1935 uit elkaar viel.

Comedian Harmonists is wat ze in Amerikaans filmjargon treffend een musical biopic noemen, een muzikale biografische film. De muziek speelt een belangrijke rol, maar is geen hoofdzaak, want regisseur Joseph Vilsmaier heeft vooral geprobeerd de geschiedenis van de groep te volgen, met inachtneming van de historische feiten en gebruikmaking van elementen die de speelfilm eigen zijn: acteurs spelen de rollen, er wordt aandacht besteed aan wat romantiek. Documentair materiaal ontbreekt. En dat alles langs conventionele lijnen: hoe de groep tot stand kwam, groeide en weer verdween, in chronologische volgorde. Anekdotes en optredens zijn gekozen voor zover ze functioneel zijn voor dit verloop.

Een belangrijk accent krijgt de maatschappelijke context: het opkomende nazisme. De legende van de Comedian Harmonists en de historische achtergrond waren de voornaamste reden dat de film sinds de première een jaar geleden een gigantisch succes in Duitsland was en daar ook vijf filmprijzen won. Voor wie niet kapot is van die rare manier van zingen en teksten als 'Veronika, der Lenz ist da - die Mädchen singen tra-la-la', blijft er niet ontzettend veel meer over dan een keurige, conventionele, zeer goed gespeelde, tot in de puntjes verzorgde, maar ook dramatisch wat saaie film met een paar sterke momenten en een aangrijpend slot.

In 1927 vormt de werkloze acteur met muzikale ambities Harry Frommermann een groep naar het (zwarte) Amerikaanse voorbeeld The Revelers, waarvan hij een plaat heeft gekregen van de beroemde Deense actrice Asta Nielsen, met wier dochter hij een tijdje is omgegaan. Dit zoeken naar andere zangers, het maandenlange repeteren tot een eerste optreden kost veel filmtijd. Het is op enkele aanstekelijke scènes na ook verre van spannend, mede omdat er meteen een romantisch draadje moet worden ingeweven, in casu de prille liefde tussen Frommermann en een meisje uit een platenwinkel, dat later kiest voor een ander maar op het laatste nippertje weer bij Harry terechtkomt.

Ook hoe het dan verder gaat is weinig enerverend verteld: groeiende populariteit, een reis naar Amerika en, na een heftige discussie over een mogelijk blijven, de terugkeer naar Duitsland.

Als alles is opgebouwd en uitgelegd krijgt de film pas echt een dynamiek. Het is 1935 en de jodenvervolging wordt steeds angstaanjagender. Een optreden in Neurenberg dreigt verstoord te worden, maar gouwleider Julius Streicher neemt de Comedian Harmonists in bescherming, omdat de vette lippenlikker gek van die liedjes is, hoezeer hij ook bekend staat als fanatieke antisemiet en drie leden joods zijn, terwijl ook veel van de liedjes geschreven of gearrangeerd zijn door joden.

Wanneer alle joden eruit moeten, vertrekken de drie leden naar Wenen, de rest blijft, na een ontroerend laatste optreden. Het lijkt of de film een grote aanloop is naar deze climax. Dan is het snel afgelopen, en in een naschrift wordt vermeld dat de twee drietallen nog nieuwe groepen vormden en dat ze elkaar nooit meer gezien hebben. 'Maar de bekoring van de Comedian Harmonists is tot op heden gebleven.' Dat de laatste nog levende Harmonist, Roman Cycowski, vorige maand overleed, kon natuurlijk niet vermeld worden.

Comedian Harmonists is, vooral voor de liefhebber, een aardige film, die zijn emotionele lading krijgt door de historische achtergrond, zonder iets wezenlijks toe te voegen aan wat al vaak verfilmd is. Leuk of juist irritant is dat het deuntje nog dagen in je hoofd blijft trippelen: 'Veronika, der Lenz is da - die Mädchen singen tra-la-la.'

Peter van Bueren

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden