Zimerman speelt voor pianisten en patiënten

Pianorecital Krystian Zimerman, met sonates van Haydn, Beethoven en Schubert. Amsterdam, Concertgebouw...

ROLAND DE BEER

Joseph Haydns pianosonate nr 59 in Es begint met een onnozel riedeltje van de rechterhand en een achteloos sprongetje van de linker. Het is een quasi-ondermaats begin. Een understatement in driekwartsmaat.

Duizend manieren zijn er om die verraderlijke pianosonate Hob. XVI/49 zo in te zetten dat er toch van meet af aan iets groots schijnt te gebeuren. Maar toen Krystian Zimerman haar zondag in de Grote Zaal inzette, leek er voor Hob. XVI/49 plotseling maar een manier te bestaan. Die van Zimerman.

Onbeschrijflijk delicaat klonken de eerste maten. Tegelijk van een bevrijdende nuchterheid. Spelen wat er staat, was het motto. Op de man af, zonder onheilsboodschappen of precieus gepriegel.

'Spelen wat er staat' bleef het motto, en zo ontvouwde zich een van de meest diepzinnige en dubbelzinnige sonates die Haydn ooit schreef. Als vanzelf. Mocht iemand geprobeerd hebben het thuis na te doen (de serie Meesterpianisten wordt door veel pianisten en piano-amateurs bezocht), dan zal men op zijn neus hebben gekeken. Geen vertolker is zo gehaaid in de onmerkbare versnelling, de kleine drukverplaatsing, de minieme toonkleurverandering, als Zimerman. De schakering van toon en ritme, het in de maat spelen zonder in de maat te spelen, het is bij Zimerman tot grote hoogten gecultiveerd.

Maar niet verheven tot een kunst apart: de term 'delicaat' mag verdacht klinken in dit tijdsgewricht van dramatiek en Sturm und Drang, van Brendeliaanse contrasteffecten en temperamentvol fortepianospel van vertolkers als Bilson en Melvyn Tan. Maar Haydns Hob. XVI/49, ooit opgedragen aan een zekere Marianne von Genzinger (welke bevriende dame antwoordde met de vraag of de componist nog eens aandacht wilde besteden aan het gedeelte 'waar de handen elkaar kruisen'), werd zondag uitgevoerd door een pianist die aanmerkelijk verder ging dan het strelen van de opperhuid. Een pianist die de concentratie van Zimerman evenaart moet nog gevonden worden.

De Pool werd voor zijn diepzinnige spel beloond met diepdoorleefde rochels van rechts voor, gedupliceerd door scheurende imitaties van midden achter en links opzij, en beantwoord door zuchten van verontwaardiging die zich door alle rijen verplaatsten. De ergste patiënt schijnt in de pauze te zijn genezen of onderschept, maar voor Beethovens sonate in E opus 109, waarvan het Andante molto cantabile ed espressivo niet alleen de aanduiding was van het variatiethema, maar ook de kenschets van de man die het uitvoerde en er ('Gesangvoll, mit innigster Empfindung') de top van de K2 mee beklom, was dat te laat. De enige oplossing voor dit soort excessen, zo lijkt het langzamerhand, is de bouw van een zaal met stoelen op luiken die afzonderlijk en geruisloos kunnen neerklappen, en het slachtoffer toegang geven tot een sanatorium waar ze uitsluitend Chopin draaien.

De ovatie na afloop was een teken van erkentelijkheid voor Zimermans weergaloze uitvoering van Schuberts sonate in A (D959), maar kon ook begrepen worden als een demonstratie van spijt en woede om de eerder begane verstoringen.

Roland de Beer

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden