Zijn we allemaal uitgeëmancipeerd?

Meestal gaat de discussie rond ongelijke kansen in het onderwijs over allochtone kinderen. Kinderen met kroesvlechtjes, met hoofddoekmoeders, met een tintje, met een ingewikkelde achternaam. Nul fout bij de Cito, toch op het vmbo beland, omdat ze op school 'ga jij maar iets met je handen doen' zeiden en omdat thuis niemand daartegen durfde te protesteren.

Beeld anp

Eens in de zoveel tijd duiken de berichten op, al jaren, dat allochtone kinderen zouden worden ondergewaardeerd, en eens in de zoveel tijd worden ze weerlegd. Het is gewoon niet waar, liet de staatssecretaris van Onderwijs precies een jaar geleden nog aan de Tweede Kamer weten in antwoord op vragen van Tanja Jadnanansing, Kamerlid voor de PvdA. Hij schreef het in het Haags op: 'Die signalen herken ik niet.' Vooroordelen over afkomst - etnisch, of sociaal-economisch, of allebei - spelen geen rol wanneer leerkrachten moet adviseren over de verdere schoolcarrière van kinderen, zo blijkt keer op keer uit onderzoek, schreef Sander Dekker geruststellend.

Ik knip dat soort berichten uit en bewaar ze in een mapje, want ik heb zelf twee allochtone kinderen thuis en die worden later minister-president, of politie te paard, of schrijfster van stripboeken - ze zijn nogal grillig in hun voorkeuren; 'in elk geval nooit columnist' is het enige dat onwrikbaar vaststaat - en dan is het zaak erop toe te zien dat die ambities niet in de knop worden gebroken omdat het systeem nu eenmaal kan tegenzitten.

Daarom ging ik gelijk driftig bladeren toen woensdag De Staat van het Onderwijs verscheen, het rapport van de Inspectie waarin staat dat ze tegenwoordig op de basisschool tegen kinderen van laagopgeleide ouders eerder zeggen 'ga jij maar iets met je handen doen' dan tegen even slimme kinderen van hoogopgeleide ouders. Het woord allochtoon komt in het hele stuk niet voor en dat is een prettige verrassing. Kennelijk is onze emancipatie ook in beleidsnota's eindelijk zo ver voortgeschreden dat we gewoon bij de moderne klassenstrijd kunnen worden ingedeeld: laagopgeleid of hoogopgeleid, met daartussen een diepe kloof.

De hoogopgeleiden kopen gewoon een diploma voor hun eigenlijk te domme kind, door het vol te proppen met huiswerkbegeleiding en privé-bijles en examentraining en, wanneer dat niet helpt, de juf te intimideren. Vervolgens belegeren die ouders de betere middelbare scholen en gaan daar net zolang dreinen en zeuren tot hun kind daar wordt aangenomen. Die kinderen komen er wel. Later als ze groot zijn, rollen ze soepeltjes door sollicitatieprocedures heen door van tevoren te 'klankborden' met een relatie van hun vader die weet hoe de hazen lopen.

De laagopgeleide ouders hebben daar allemaal geen geld voor, of geen weet van, waardoor hun kind te vaak op een minder goede middelbare school terecht komt. Zit hun intelligente kind daar onder zijn niveau te presteren op een rotschool. En als hij later een leuke baan zoekt, burgemeester of zo, is er niemand die hem stiekem kan voorzeggen welke vragen de sollicitatiecommissie gaat stellen.

Onlangs maakte ik een babbeltje met een oude sociaal-democraat die aan het filosoferen was over het eind van de grote, klassieke politieke stromingen. Misschien is het wel klaar met de sociaal-democratie, dacht hij, want we zijn immers allemaal uitgeëmancipeerd.

Dat was iets te snel gedacht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden