Column

Zijn trackers de nieuwste nucleaire projectielen?

Peter de Waard
null Beeld
Beeld

Ze zijn nog niet geïdentificeerd als de nieuwe financiële massavernietigingswapens. Maar de populairste hebben dreigende bijnamen als spiders (spinnen), cubes (kubussen) en diamonds (diamanten).

De zogenoemde ETF's (Exchange Traded Funds), ook wel trackers en passieve fondsen genoemd, hebben binnen één decennium een dominante positie op de beleggersmarkt veroverd. Het zijn op de beurs genoteerde fondsen die in hetzelfde mandje van aandelen beleggen als de index: bijvoorbeeld de AEX of Dow Jones. Maar er zijn inmiddels ook trackers op obligaties (triple A en junk), goederen, valuta's en edelmetalen. De groei is onstuitbaar.

Van de vijftien meest verhandelde fondsen op de Amerikaanse markt waren er vorig jaar veertien ETF's. Van de spiders - een ETF die de beursindex S&P 500 volgt - werden in 2016 dagelijks 90 miljoen stuks verhandeld. Ter vergelijking: van Bank of America, het in stukken meest verhandelde beursbedrijf, was dat dagelijks 20 miljoen aandelen.

In geld gemeten werd elke dag in New York voor 19 miljard dollar aan spiders verhandeld. In die lijst kwam van de bedrijven Apple het hoogst, met een dagelijks volume van één miljard dollar. In de laatste twaalf maanden stroomde 100 miljard aan vermogen in obligatie-ETF's, die mondiaal nu eenvijfde van het totaal beheerde vermogen in beslag nemen.

Ook in Europa kan niemand er meer omheen. Negen van de tien vermogensbeheerders en verzekeraars beleggen een deel van hun vermogen in ETF's, wat zekerheid verschaft dat hun performance de index evenaart. Volgens een vorige week gepubliceerd onderzoek van Greenwich Associates, in opdracht van BlackRock, hebben inmiddels ook zes van de tien pensioenfondsen een deel van hun geld in trackers gestoken. Een jaar geleden was dat nog vier van de tien.

Reden is dat ze goedkoop zijn. ETF's volgen de index en hebben geen analisten nodig die een portefeuille moeten samenstellen. Een kind kan de was doen. Of een computer doet het werk. En ze zijn heel liquide - goed verhandelbaar.

Maar er zijn ook gevaren. Indirect wordt via ETF's al het beleggingsgeld gestoken in bedrijven of in schuldpapier van overheden die het zwaarst wegen in de index. Elke dollar die in een ETF wordt belegd, moet op de een of andere manier worden doorgesluisd naar een onderliggende waarde. Dat betekent dat door die enorme vraag de aandelen of obligaties in de index worden overgewaardeerd. Er ontstaan nieuwe zeepbellen. Gevaarlijker is nog dat steeds meer ETF's niet meer direct in de index opgenomen aandelen of obligaties beleggen, maar dat doen via derivaten, zoals swaps en opties. Als daarin één partij omvalt, dreigt een domino-effect.

ETF's zijn op zichzelf geen financiële massavernietigingswapens die aan hun eigen succes ten onder gaan. Maar als ze via synthetische constructies worden opgetuigd, kunnen ze wel de kiem vormen voor een nieuwe kredietcrisis.

Reageren? p.dewaard@volkskrant.nl

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden