Zijn motto was: 'bezig zijn is het beste medicijn'

Thieu de Wit was een echte kruidenier die droomde van een museum over de geschiedenis van de handel in levensmiddelen.

Thieu de Wit.

Hij was de allereerste centrummanager van Nederland. En Thieu de Wit was tevens de oprichter van het Edah Museum. Zo zette hij Helmond op de winkel- en de museumkaart. Iedereen wilde de metamorfose in Helmond wel eens zien.

'Zes weken voor zijn dood was hij ondanks zijn 84-jarige leeftijd nog volop actief', zegt zijn dochter Marlène Drouen-de Wit, nu zelf centrummanager van de stad. 'Zijn motto was 'bezig zijn is het beste medicijn'. In september werd longkanker ontdekt. Hij stierf op 31 oktober en laat een enorme leegte achter in de Brabantse stad.

Thieu de Wit was een echte Brabander, geboren en getogen in Valkenswaard. Na een studie rechten ging hij werken bij de grote warenhuizen in België: Bon Marché in Antwerpen en Prix Bas in Brussel. Uiteindelijk kwam hij in dienst bij Edah, nota bene opgericht door vier Friezen die begin vorige eeuw naar Brabant waren verhuisd, dat in het zuiden van het land toentertijd het leidende supermarktconcern was. De Wit werd eerst filiaalchef in het Limburgse Hoensbroek en regiomanager Limburg voordat hij op het hoofdkantoor kwam te werken. Hij deed onder meer de inkoop en de reclame voordat hij directeur werd. Edah groeide in die periode uit tot een landelijke keten door de overname van de Coop-winkels.

Toen Edah in 1976 zelf werd overgenomen door het Vendex-concern van Anton Dreesmann, vond De Wit werk bij Van Eerd groothandel. Daarna begon hij onder eigen naam een supermarktketen van vier winkels en eindigde hij bij Roomboerke, een dochter van Coberco.

Voor dat bedrijf zette hij groothandels op in België, maar in Helmond bleef hij wonen. 'Ik ben geboren in Valkenswaard, maar ik voel me Helmonder', zei hij in 2006 tegen het Eindhovens Dagblad.

In Helmond werd De Wit voorzitter van de voetbalclub, richtte hij een tennisclub op en werd hij dankzij zijn enorme netwerk gevraagd iets te gaan doen aan de teloorgang van het centrum van de stad.

In 1997 werd hij er centrummanager. Onder zijn aanvoering onderging het winkelhart een metamorfose. Het hart van Helmond kreeg nieuwe bestrating, bomen, verlichting, zitjes en veel kunst. De Wit maakte afspraken met de politie over de veiligheid. Ook zorgde hij voor de komst van nieuwe winkels en bracht hij ondernemers en gemeente dichter tot elkaar. Tot 2007 zou hij die functie blijven uitoefenen, waarna zijn dochter het werk overnam.

Maar De Wit kon niet stilzitten. Hij zag tot zijn verdriet dat de naam Edah in de vergetelheid dreigde te raken. Na de beursgang van Vendex werd Edah ondergebracht in een nieuw supermarktconcern met De Boer/Unigro onder de naam Laurus. Het werd een fiasco. Na diverse saneringen werden de resterende winkels uiteindelijk overgenomen door Sligro en Sperwer.

De Wits liefde voor Edah leidde tot de oprichting van het Edah Museum. Tot vlak voor zijn dood zette hij zich hiervoor in. Vorig jaar trok het museum al meer dan tienduizend bezoekers, waaronder veel schoolklassen. Het museum geeft een beeld van honderd jaar levensmiddelendistributie in Nederland: van de kruidenier tot de moderne supermarkt en van de handgeschreven administratie met de kroontjespen tot de moderne automatisering.

Zijn droom was om het Edah Museum uit te bouwen tot Nationaal Levensmiddelen Museum op een nieuwe locatie in de stad. Daarover voerde hij tot voor kort gesprekken met de gemeente.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden