Zijn 55-plussers alleen om te scholen tot golfers?

De Kwestie

Peter de Waard.

Gekscherend wordt wel eens gezegd dat de enige omscholing die 55-plussers bereid zijn te doen de golfacademy is. Hier leren ze met een stok een balletje recht vooruit te slaan. Het is niet erg productief en kost geld, maar een groot deel is er even bloedfanatiek in als de president van Amerika.

Voor mensen boven de 55 die uit financiële motieven of om andere redenen toch iets productiefs willen doen, heeft het UWV een mooie lijst van krapteberoepen opgesteld: metselaar, timmerman, onderhoudsmonteur, CNC-verspaner, elektricien, loodgieter, werkvoorbereider-calculator , ontwerper-constructeur, java-programmeur, systeemanalist en -ontwikkelaar, wijkverpleegkundige, docent exacte vakken, registeraccountant, transportplanner, hovenier en restaurantkok.

Mensen die bij de bank, de modeketen of de fabriek na dertig jaar trouwe dienst een schop onder hun kont krijgen, zouden hier nog werk in kunnen vinden. Niemand weet voor hoe lang, want over drie of vier jaar kan er weer een overschot aan wijkverpleegkundigenen en transportplanners zijn. Ook is het twijfelachtig of werkgevers ook met iemand van 58 in zee willen.

Maar van hogerhand is bepaald dat langer moet worden doorgewerkt. Permante educatie is het parool. En daarbij is flexibiliteit vereist, want de neoliberale revolutie heeft een einde gemaakt aan de utopie van de welvaartsstaat.

Alleen is van een hypotheekadviseur van de lokale bank niet zo simpel een metselaar te maken, en de pasjuffrouw wordt niet zo gauw een vakbekwaam systeemanalist. Laat staan dat een werkloze vorkheftruckchauffeur als CNC-verspaner met een computergestuurde freesmachine kan omgaan.

Slechts 7 procent van de 55-plussers zegt bereid te zijn tot omscholing, zo bleek vorige week uit een enquête van Wijzer van Geldzaken. Dat zou op lamlendigheid kunnen duiden als uit dezelfde enquête niet had gebleken dat 80 procent van de 55-plussers wel tot heel veel andere offers bereid zijn. Ze willen best gezonder leven om zich met de jonge krachten te kunnen meten. Ze zijn ook bereid zich te laten bijscholen en een cursus Excel te doen.

Maar omscholing is een stap te ver. Dat is begrijpelijk. Ten eerste zijn voor ieder vak aangeboren talenten nodig die in de puberjaren al vaak de beroepskeuze bepalen. Een leraar exacte vakken moet niet alleen goed zijn in wiskunde, maar ook een klas in toom kunnen houden. En iemand die geen azalea van een rododendron kan onderscheiden, zal zelfs na een LOI-curus tuinieren geen beste hovenier worden.

Het voordeel van de golfacademy - het pretentieuze woord voor de cursus balletjes recht raken - is dat het doel niet de top is. Daar kan iedereen dankzij een handicap met zijn eigen niveau de baan op en wordt de lat niet voor alle spelers even hoog gelegd.

Misschien zouden bedrijven ook een handicap moeten invoeren.

Demotie heet dat.