INTERVIEW

Zij zijn de laatste ooggetuigen

Het aantal Nederlanders dat de oorlog bewust heeft meegemaakt, wordt snel kleiner. Wat weten ze zich 70 jaar later nog te herinneren? En hoe heeft de oorlog de rest van hun leven bepaald? Aan de vooravond van de herdenkingen en vieringen op 4 en 5 mei in 2015 sprak de Volkskrant uitgebreid met deze laatste ooggetuigen. Lees hier hun verhalen terug.

null Beeld Robin de Puy
Beeld Robin de Puy

De juffrouw zei: 'Jij hoort niet meer bij Nederland'

Jeanne Diele-Staal is de dochter van een NSB'er. Hij werd na de oorlog veroordeeld tot vier jaar cel, onder meer omdat hij betrokken was bij een razzia. Klasgenoten meden haar lange tijd als de pest. Over de eerste na-oorlogse Koninginnedag: 'Sjaantje, jij mag niet mee op de kar, want jij hoort niet meer bij onze koningin, jij hoort niet meer bij Nederland.' Dat kwam aan als een mokerslag. En ik wist nu zeker dat ik wel een heel slecht mens moest zijn. Mijn moeder zei alleen maar: 'Jammer, het komt door je vader'.

Lees hier haar hele verhaal.

Tekst loopt door na afbeelding.

'Plus'-teken?

Artikelen met een 'plus'-teken zijn vrij toegankelijk voor abonnees van de Volkskrant. Geen abonnee? Geen nood, hier kunt u de Volkskrant twee weken gratis proberen. Zonder verplichtingen.

Jeanne Diele-Staal. Beeld Robin de Puy
Jeanne Diele-Staal.Beeld Robin de Puy

'De Japanse vlag was voor mij symbool van het kwaad'

Voor Joost van Bodegom begon de oorlog pas echt na 15 augustus 1945. Als jongen zat hij met zijn moeder, broer en zusje in diverse jappenkampen. Maar de werkelijkheid drong niet tot hem door. 'Eerst ging het nog wel. We zaten met drie moeders en negen kinderen in een kamer van zes bij zes, we leden geen honger. Het kampleven bestond voor ons uit spelletjes doen. Krijgertje, tikkertje, in bomen klimmen. Ik maakte bootjes van stukjes hout die ik liet drijven in het open riool van de badruimte. Met elastiek jaagden we op libellen, we haalden krekels uit hun holen, groeven mierenleeuwtjes uit. En we knikkerden eindeloos. Indisch knikkeren, daar is Hollands knikkeren maar primitief bij.'

Lees hier zijn hele verhaal.

Tekst loopt door na afbeelding.

Joost van Bodegem. Beeld Robin de Puy
Joost van Bodegem.Beeld Robin de Puy

'Je zag de mensen denken: weer één die onderdak nodig heeft'

Ze had geen familie meer toen Lotty Huffener-Veffer in augustus 1945 terugkeerde uit Auschwitz. Haar kleindochter speelt nu op de viool van haar zus. Zij geeft zelf voorlichting aan leerlingen van groep acht. 'Deze weken ben ik bijna elke dag op pad. Het zijn scholen in de Transvaalbuurt, groep acht, vooral moslimkinderen. Ze gaan eerst naar het Joods Historisch Museum, naar de Hollandsche Schouwburg en het Verzetsmuseum. Daarna kom ik in de klas. Ze vragen veel. Later sturen ze me briefjes. U moet er maar niet meer aan denken, hoor, schrijven ze dan. Of: gaat u maar op vakantie, dan vergeet u het wel. Ontroerende kinderlogica. Want wat er is gebeurd, vergeet ik nooit meer.'

Lees hier haar hele verhaal.

Tekst loopt door na afbeelding.

Lotty Huffener-Veffer. Beeld Robin de Puy
Lotty Huffener-Veffer.Beeld Robin de Puy

'Wim, je ligt te huilen als een wolf'

Het is een vergeten concentratiekamp, Neuengamme. Toch kwamen hier de meeste niet-Joodse Nederlanders om het leven. Neuengamme is nooit bevrijd en dat verklaart vermoedelijk de vergetelheid. Toen de geallieerden oprukten, liet de SS de administratie vernietigen en het kamp ontruimen. Grote groepen werden weggevoerd naar andere kampen, bijna achtduizend gevangenen werden op twee schepen geladen in een baai in de Oostzee. Op 3 mei 1945 deed zich daar, in het zicht van de bevrijding, een drama voor: Britse bommenwerpers zagen de schepen aan voor een Duits transport en vielen aan. Slechts een paar honderd gevangenen doorstonden de ramp. Wim Alosery is de enige Nederlander van de bootramp die nog leeft. Een uitgemergelde Jan van der Liet liep een dodenmars van dagen met de Russische geallieerden.

Lees hier hun hele verhaal.

Tekst loopt door na afbeelding.

Wim Alosery. Beeld Robin de Puy
Wim Alosery.Beeld Robin de Puy

'Toen ik terugkwam ging ze met een Canadees'

Oud-Engelandvaarder Rudi Hemmes is na de oorlog altijd bij de krijgsmacht gebleven. 'Op een dag vroeg mijn kleindochter: 'Opa, wat heb jij in de oorlog gedaan?' Ik zei dat pappa dat toch vast wel had verteld. Maar die wist van niks. Ik dacht: shit, hij heeft gelijk. Ik heb er gewoon nooit over gepraat. Wij hadden geleerd: boek dicht en vooruit. De kinderen vroegen er ook niet naar. Misschien dachten ze dat ik me schaamde omdat ik niks gedaan.'

Lees hier zijn hele verhaal.

Rudi Hemmes. Beeld Robin de Puy
Rudi Hemmes.Beeld Robin de Puy

'De schaarste kwam sluipend dichtbij'

Bijtende honger heeft ze niet gekend, maar eind 1944 werd in Amsterdam het voedsel zo schaars dat Willy Plokker-Kraak (81) met haar zus naar het noorden werd gestuurd. Bij de Friese boeren was nog genoeg te eten. 'In dat grote bed was het doodstil. Ik heb vaak stiekem gehuild.' En toch ervaarde ze die tijd niet als heel bedrukkend. Haar ouders waren onverwoestbaar optimistisch en zagen overal de humor van in.

Lees hier haar hele verhaal.

Tekst loopt door in kader na afbeelding.

null Beeld Robin de Puy
Beeld Robin de Puy

Nooit meer oorlog?

De Volkskrant stelde een aantal van de geïnterviewden dezelfde vraag: Komt er ooit nog oorlog?

Jeanne Diele-Staal
'De vrede is voor mij niet vanzelfsprekend, voor zover ze dat ooit was. Met mijn eigen ervaringen als kind van een NSB'er heeft dat overigens niets te maken. Ik ben niet banger voor een nieuwe oorlog dan mensen met een andere achtergrond. Maar de dreiging komt wel steeds dichterbij. Geen regering lijkt te weten hoe ze daarmee moet omgaan en de defensie is niet op peil, dus in die zin zijn er wel parallellen met de tijd voor de Tweede Wereldoorlog al weet ik ook dat de geschiedenis zich nooit herhaalt. In de tijd van de vredesbeweging was ik helemaal niet met oorlogsdreiging bezig. Ook niet met de Tweede Wereldoorlog trouwens.'

Joost van Bodegem
'In West-Europa komt er geen nieuwe oorlog. De Europese eenwording is een gouden vondst geweest om een nieuw conflict tussen Frankrijk en Duitsland te voorkomen. Wij zouden wel meer begrip moeten tonen voor de brandhaarden elders. Het Midden-Oosten. Noord-Afrika. Ten hemel schreiende toestanden. De Verenigde Naties zouden eerder moeten ingrijpen. Mijn motto bij herdenken is: dicht bij toen, met het oog op morgen. Misschien is het wensdenken en het duurt lang, maar men wordt steeds verstandiger. Sommigen zijn helaas verdomd hardleers - daar en hier. Zolang zij maar niet de overhand krijgen.'

Lotty Huffener-Veffer
'Ik ben niet bang voor een nieuwe oorlog, althans niet hier. Ik weet dat er spanningen zijn tussen Joden en moslims, maar ik merk daar zelf helemaal niets van. Toch maakt het me verdrietig dat joodse scholen nu moeten worden beveiligd.'

Rudi Hemmes
'Sinds de jaren zeventig roep ik met overtuiging dat de islam het grootste gevaar is voor Europa. De radicale moslims gaan ervan uit dat als je niet tot de islam behoort, je moet worden afgemaakt. Wat dat betreft zijn ze nog middeleeuws. Ik zei toen al: als die kerels naar Europa komen en je laat ze hun gang gaan, dan wordt het levensgevaarlijk. En dat wordt nu met de dag meer bewezen.'

Willy Plokker-Kraak
'Ik ben nooit bang geweest voor een nieuwe oorlog. Dat zal ongetwijfeld samenhangen met de levenshouding van mijn ouders: zij waren niet argeloos, maar ze hielden zorgen over de toekomst buiten de deur. Dat deden ze tijdens de Duitse bezetting en dat deden ze ook daarna. En ik geloof in de jeugd. Onvoorwaardelijk. Elke generatie doet het iets beter dan de voorgaande, daar geloof ik heilig in. Nee, voor gesomber moet je niet bij mij zijn.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden