Column

Zij komen zooi van 'high potentials' opruimen

Margiet Oostveen in Utrecht

Hoe de tweedeling op een zomerdag haarscherp voor je ligt.

Van links af: Roberto van Ee, Stefan de Bruijn en René Postma.

Wegwerpbarbecues zijn een plaag die je iedereen van harte moet gunnen, want het is maar even zomer en we hebben niet allemaal een tuin. Het Utrechtse Wilhelminapark is er een prachtige plek voor: een rijksmonument van ruim een eeuw oud in Engelse landschapsstijl, een park zoals het is bedoeld. Vijver, fontein, oude bomen met deftige naambordjes. Oostenrijkse den, acacia, Spaanse aak, Kolchische esdoorn, zakdoekjesboom.

Naast de speeltuin is een zonnig veld, waar honderden mensen op mooie dagen komen wegwerpbarbecuen. Iedereen verkoopt de aluminium bakjes nu, er zijn al bijna zoveel variaties als bomen: de Albert Heijn, de Sorbo, de Action. De Lidl, de HEMA, de Praxis, enzovoort.

De voornaamste fietsroute naar de Utrechtse universiteit en University College Utrecht loopt door dit park. Hoogopgeleid Utrecht nipt op mooie dagen dus massaal aan bekertjes wijn, babbelend over studiepunten, de racismediscussie, de semantiek van seksisme en reizen naar Nepal of andere oorden met arme mensen, om te helpen tijdens sociaal bewuste vakanties. Tussen de rookpluimen is het één groot vleesfestijn, in alle opzichten. Dat trekt weer lager opgeleiden met scooters naar de parkbankjes rondom, die gezellig blowen, bier drinken en hartelijke dingen schreeuwen naar denkbeeldige kennissen op het veld, in de hoop dat er dan zo'n elf-achtig meisje opkijkt. Ik geef de tweedeling maar even weer zoals die hier op een zomerdag haarscherp voor je ligt.

Als de high potentials naar huis gaan, blijven brandplekken en een spectaculaire rotzooi achter in het gras. Opruimen doen high potentials kennelijk alleen nog in arme landen. Dus ik sprak de ochtend na zo'n zomeravond met de schoonmakers van de gemeente in het park af. 'Deze jonge mensen vinden het zó normaal dat wij hun troep meenemen', zei Roberto van Ee (47) opgewekt, 'dat ze er gerust nog wat bijgooien terwijl we bezig zijn. Even helpen, denken ze dan.' René Postma was er ook bij en Stefan de Bruijn. René maakt de parken en straten al 18 jaar schoon, Roberto doet het 9 jaar en Stefan 17 jaar. Fijne baan op zich, er waren dus alleen wel wat veel barbecues en hoogopgeleiden bijgekomen.

De wijkopzichter, Erik Verheul, vertelde over verbruiksdruk, handjes in de wijk en de beeldkwaliteit buiten. Iedereen in de parkwereld weet vanouds dat je op de eerste mooie dag zichtbaar moet staan schoonmaken, zei hij, zodat de mensen zien waar troep toe leidt. Psychologisch opruimen, noemen ze dat. Maar de schoonmakers zagen dus dat het effect bij hoogopgeleide parkbezoekers vaak anders is. Die geloven oprecht dat je voor hén staat te werken.

Volgens Erik bleef de vervuiling hetzelfde, alleen de verbruiksdruk nam toe. De schoonmakers zagen wel meer rommel. Wat vonden zij daar eigenlijk van? 'Het enige wat wij vinden', zei René, 'is de zooi van een ander.'

Voelde ik 'm? Haha.

De afvalbakken werden al drie keer zo groot en zijn zelden vol, maar je moest al blij zijn als mensen hun afval de juiste kant op gooien ('Dat is toch vooruitgang', zei Stefan.) Is dat eenmaal weggehaald, dan begint het rapen.

Barbecue.

Hun werk wordt wekelijks gemeten door 'externe partijen', legde Erik uit. Die schouwen op meetpunten, en gebruiken termen als 'groen in de ongebonden verharding' (onkruid tussen stoeptegels). Wekelijks krijgt hij een uitdraai en zijn score. De norm voor de parken is een zeven of hoger, in de wijken mag het een zes zijn, want er moet nu eenmaal worden bezuinigd en de mensen snappen dat ook wel: 'Ze eisen al iets minder', zei Erik. Maar helpen? Alleen omwonenden doen dat, uit welgemeend eigenbelang.

Er is een Albert Heijn vlak naast het park. Met een compleet milieupunt aan diverse afvalbakken voor de deur. 'En ze lopen tíg keer heen en weer om wijn bij te halen', zei Roberto, 'maar niemand neemt dus zijn lege flessen even mee.' Ze zijn zich van geen kwaad bewust, vergoelijkte Stefan nog eens, ze denken dat het zo hóórt.

En het is ook wel van alle tijden. Alleen waren er vroeger geen wegwerpbarbecues.

Erik Verheul heeft daarom 'lekker zitten sparren met wat stakeholders'. Men verwacht nu veel van een revolutionair custom-made duurzaam picknickkleedje in vrolijke ruitjesprint. Honderd procent van gerecycled materiaal en je kunt het omvormen tot een afvalzak. Heel hip. Misschien helpt dat.

Erik Verheul.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.