Ziek van de telefoon

De kraan en de telefoon zijn belangrijke bronnen van besmetting met bacteriën en virussen. Ook koken is een risicovolle bezigheid, net zoals het huis schoonmaken....

OVERAL liggen ze op de loer. In vaatdoekjes en schuursponsjes, op waterkranen, deurkrukken en wc-brillen, en in het vlees: microben. Het gros van de huis-tuin-en-keuken micro-organismen is onschuldig, maar sommige kunnen ons brakend en met diarree aan het bed kluisteren. Of erger. Ze zijn ook verbonden met gevreesde namen als hamburgerziekte, nekkramp en kraamvrouwenkoorts.

Dat micro-organismen van de een naar de andere mens kunnen worden overgedragen, is geen nieuws. Meestal gebeurt het direct via de lucht (door aanhoesten) of door rechtstreeks lichaamscontact (kind op schoot). Maar besmetting kan ook indirect verlopen doordat de bacteriën eerst terechtkomen op voorwerpen als deurkrukken, handdoeken en telefoontoestellen.

Dat het huishouden een geliefde overstapgelegenheid voor bacteriën en virussen is, ligt in de lijn der verwachting. Maar dat in sommige gevallen die overstap wel erg snel gaat, verbaasde dr. Patricia Rusin van de Universiteit van Arizona. Woensdag presenteerde ze op het honderdste congres van de Amerikaanse vereniging voor microbiologie in Los Angeles onderzoek waaruit blijkt dat overdracht soms erg gemakkelijk plaatsheeft.

Stinkende vaatdoekjes en schuursponsjes zijn het beruchtst als bron van infectie. Die zijn echter heilig vergeleken met telefoonhoorns en knoppen van kranen, zo blijkt uit het onderzoek van Rusin. Met een proefmengsel van bacteriën en virussen meet ze in het eerste geval een overdracht van 0,04 procent of minder - dus van elke tienduizend bacteriën in de poetsdoekjes komen er minder dan vier op de hand terecht.

Maar hendels, waterkranen en telefoonhoorns, dragen bij aanraking met de hand wel 30 tot 40 procent van hun microben over. Virusdeeltjes, zoals van het griepvirus, die op telefoonhoorns zitten, worden zelfs met een efficiëntie van 66 procent overgedragen. Van elke drie virussen op de telefoonhoorn zouden er dan twee op de handen terechtkomen.

Daarmee zitten de bacteriën nog niet in neus of mond, waar ze ziekten kunnen veroorzaken. Maar om daar te komen is voor een beetje bacterie of virus een fluitje van een cent, ontdekte Rusin. Een eenvoudige proef - tien seconden met een droge, maar besmette vingertop tegen de onderlip - resulteerde in een overdracht van 34 tot 41 procent.

Een eenvoudig rekensommetje leert dan dat van duizend bacteriën of virussen in een vaatdoekje het onwaarschijnlijk is dat er ook maar één de mond haalt. Terwijl van datzelfde aantal op een telefoonhoorn gemiddeld zo'n 150 bacteriën of 220 virussen in de mond komen. Dat zijn reële aantallen om een infectie te veroorzaken.

Rusin bekeek ook welke huis-tuin- en-keuken-handelingen de handen het meest besmetten met bacteriën en virussen. Vrijwilligers wrongen daartoe de was uit, aaiden huisdieren en haalden hun kinderen van school. Eten koken en huis schoonmaken, bleken het riskantst voor de overdracht van micro-organismen. Gevolgd door het aaien van huisdieren (de hond iets meer dan de kat), kinderen die van school thuis komen en het doen van de was. Het bezoeken van een openbaar (Amerikaans) toilet kwam op de laatste plaats.

Het geregeld in bad doen van hond en kat maakt, opvallend genoeg, nauwelijks verschil. De tijd dat het beest buiten vertoeft blijkt bepalend. Gebruik van bleekmiddelen bij het schoonmaken heeft, aldus de onderzoekers, ook weinig effect. Wel reduceerde waspoeder met bleekmiddelen, hoge temperatuur en een niet te grote belading van de wasmachine de overdracht van bacteriën naar de handen. Dus na het doen van het huishouden: goed handen wassen. Bij het eten koken zelfs ook tussendoor, bijvoorbeeld tussen het bereiden van vlees en het maken van salade.

Als je de onderzoekers mag geloven, is het een wonder dat we niet met z'n allen voortdurend hoestend en aan de diarree rondlopen. Dat dit niet zo is, komt doordat de meeste bacteriën geen grote consequenties voor de gezondheid hebben, zegt prof. dr. Jan Verhoef, hoogleraar klinische microbiologie aan de Universiteit Utrecht. 'In elk gezin breken wel epidemietjes uit door besmetting in huis. Is dat erg? Nee, hooguit vervelend. Maar voorkom je die besmetting, dan krijg je een bevolking die geweldig gevoelig is voor infecties. Kinderen bouwen weerstand op voor later.'

De mens is overigens een minder grote besmettingsbron dan vroeger doordat infecties worden behandeld, zegt Verhoef. Mensen die vroeger tyfus hadden of een salmonella-infectie, konden wekenlang drager zijn en de bacteriën in het rond strooien. Nu beperkt een besmettinghaard zich meestal tot een gezinslid met bijvoorbeeld een steenpuist.

Niet het woonhuis, maar het ziekenhuis is de belangrijkste plaats om nare infecties op te lopen, aldus Verhoef. Daar waren bacteriën rond als de MRSA, die tegen antibiotica resistent is. 'Wat dat betreft kun je het best je handen flink wassen na het verlaten van een ziekenhuis, net als na het bezoek aan de wc.'

Ooit onderzocht Verhoef bankbiljetten als besmettingsbron en constateerde dat er nogal wat bacteriën op zitten. De komst van de euro zou er wel eens toe kunnen leiden dat micro-organismen zich gemakkelijker door Europa kunnen verspreiden, denkt Verhoef. 'Het gezondheidseffect daarvan zal wel meevallen', verwacht de hoogleraar die de euro zeker zal gaan onderzoeken. 'Als je dan de MRSA-bacterie zou aantreffen, heb je een probleem.'

De Nederlandsche Bank zegt dat bankbiljetten een anti-microbiële behandeling krijgen. De directie van papierleverancier VHP wil er echter niets over kwijt.

Bij het laboratorium voor levensmiddelenmicrobiologie van Wageningen Universiteit, onderzoekt dr. Rijkelt Beumer al enige tijd besmettingroutes in huishoudens. Van honderden huishoudens heeft Beumer inmiddels de sponsjes, vaatdoekjes, afwasborstels en werkoppervlakken onderzocht. Hij herkent zich in het werk van de Amerikanen, dat er 'goed uit ziet'. 'Ik vind alleen de efficiëntie van overdracht via de telefoon erg hoog.'

Beumer denkt dat de door de onderzoekers gemeten overdracht zo hoog is doordat zij in hun proef vrij hoge concentraties bacteriën en virussen hebben gebruikt. 'Je kunt je ook afvragen of pathogene bacteriën, die dus schadelijk zijn, wel in zulke hoge aantallen in huis gevonden kunnen worden. Als in een vaatdoek tien miljard onschadelijke bacteriën zitten, hoeveel kans heeft dan een schadelijke bacterie, zoals Sighella of E. coli O175, om daarin te infiltreren en uit te groeien?' Deze E. coli veroorzaakt de hamburgerziekte, die de nieren ernstig kan beschadigen.

Voor vaatdoekjes hoeven daarom eigenlijk alleen mensen uit risicogroepen als kleine kinderen, bejaarden en mensen met een verlaagde immuunafweer beducht te zijn, meent Beumer. 'In zulke gezinnen zou ik toch wel elke dag de vaatdoeken in de was doen.' Anderen krijgen daarvan misschien eens in de vijf tot tien jaar diarree, schat Beumer. De microbioloog is huiverig voor een al te rigoreuze desinfectie van zulke redelijk goedaardige bacteriën.

Als voorbeeld noemt hij een schoonmaaksponsje waarin goedaardige bacteriën met desinfecteermiddelen waren uitgeschakeld. Er kwam een minder goedaardige Pseudomonas-stam voor terug. Beumer: 'Dan voorkom je misschien diarree, maar krijgt je er een nare oogontsteking voor terug.' Met geld van de Wereldbank onderzoekt zijn lab nu of desinfectie, zoals de industrie propageert, uiteindelijk wel zoden aan de dijk zet in het huishouden.

'Veel van het huidige besmettingsonderzoek is niet goed gedocumenteerd. Men constateert wel dat micro-organismen van besmet voedsel zich over de keuken verspreiden, maar vraagt zich niet af of ze daar overleven, uitgroeien of afsterven. Men bedenkt zich ook nog nauwelijks welke reductie van bacteriën men wilt halen. Je kunt met desinfectie wel terug gaan tot bijna nul, maar is dat geen overkill. Is gewoon schoonmaken niet voldoende?'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden