Zie je aan oogcontact of de ander belangstelling heeft?

Column Peter Middendorp

Na een toneelvoorstelling in een mij onbekende stad was ik laatst op zoek naar de bar. Ik liep door gangen, zwaaide hier een deur open, zwaaide daar een deur open en ik ging daarmee door tot ik een bonsje hoorde. Achter de deur, licht voorover gebogen, de vingers aan het voorhoofd, stond een vrouw in mijn favoriete leeftijdscategorie.

Beeld de Volkskrant

In een romantische komedie werpt een cute meet meestal een reeks hindernissen voor het mannelijke personage op, oplopend in moeilijkheidsgraad, die hij allemaal eerst moet nemen, voordat hij aan het einde van de film steeds weer onverwacht aan het langste einde trekt.

Ik vroeg haar een paar keer of het wel ging, verontschuldigde mezelf omstandig en vroeg of ik haar ter compensatie van de rode vlek op haar voorhoofd een drankje mocht aanbieden. Gelukkig droeg ze geen bril, zei ze, anders had je dat ook nog gehad. Ze keek even naar haar gezelschap en vroeg toen of een drankje later ook goed was.

Op internet klikte je gewoon aan wat je op het oog had, je stuurde je verlangens en voorkeuren erachteraan, maar in het echt bleef het raden en gissen. Kon je het zien, in het eerste oogcontact, bedoelde ik, dat de ander belangstelling had? Zag de ander het aan jou? En zo ja of nee - wat deed je vervolgens met de informatie?

Voor een man van 45, dat wist ik natuurlijk ook wel, zes jaar ouder dan de leeftijd waarop mannen volgens onderzoek gemiddeld hun seksuele aantrekkingskracht verliezen, was dit een goed moment zijn winst mee naar buiten te nemen. Ik wist eerlijk gezegd ook niet zeker of ik wel in de wieg was gelegd om zomaar wakker te moeten schieten in een bed vol wezensvreemde ledematen. Het waren er ook altijd zo veel.

Ik ging niet naar het hotel en ik ging ook niet aan de bar staan wachten, maar koos een morele middenpositie, een strategische plek op het terras op het grote plein, ruim in het zicht voor wie op lange benen het theater verliet.

Een beetje fris bleef het wel op dat terras, ook na enkele zware bieren. Het was ook eigenlijk geen terrasweer, eerder windkracht zeven. De krant, waarin ik geloofwaardig had zitten te lezen, hing in delen in de stoelen van de buren.

Een tijdlang zat ik nog in een café even verderop, aan een tafeltje met een boek, klaar om verrast op het raam te kunnen tikken. Maar het werd later en later, het werd steeds onwaarschijnlijker dat ze nog aan mij voorbij zou lopen.

Misschien, dacht ik onderweg naar het hotel, moest ik voortaan wat meer met vrouwen zelf gaan flirten en wat minder met vreemdgaan. Misschien had ik ook wel te veel van het toeval gevraagd, dacht ik verder, toen naast mij op de weg een autoraampje openging en iemand vroeg of ik toevallig de weg naar het theater wist. 'Ja', zei ik. 'Zeker wel. Gewoon rechtdoor.'

Peter Middendorp op Twitter: @Petermiddendorp

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.