Zeventig

Ik hol tegen de 70 maar ouderdom adelt niet. Nog steeds ben ik zo egocentrisch als de pest. Vandaar dit wekelijkse gerefereer aan de eigen oude dag en aan alles wat daarbij (niet meer) komt kijken.


Toch doe ik zelfs met dit nadeel mijn voordeel. Als ik op deze plek niet over mijn leeftijd had kunnen jeremiëren, zou ik misschien nog steeds mijn kop in het zand hebben gestoken, want nog niet zo lang geleden vond ik, zoals meer hovaardige bejaarden, dat ouderdom 'niet bij me paste'. Tot ver na mijn 60ste deed ik nog alsof ik het eeuwige leven had. Oude mensen? Een andere categorie! Capituleren? Ha, mij kregen ze niet klein op mijn hoge hakken!


Maar al schrijvend heb ik me allengs gewonnen moeten geven en ben ik, zij het noodgedwongen, om me heen gaan kijken, luisteren en lezen. Vaker en intensiever dan ik 'uit mezelf' zou hebben gedaan, verdiep ik me tegenwoordig in het verschijnsel ouderdom. Door van de (doods)nood een deugd te maken worden mijn angst, schaamte en afkeer voor en van ouderdom, aftakeling en teloorgang omgezet in nieuwsgierigheid en interesse in, jazeker, andermans overlevingsstrategieën. Nou ja, niet zozeer die van Jan en alleman in trams, bejaardentehuizen of wachtkamers, dus in 'het gewone leven', maar in de bioscoop, op het toneel en in geschrifte. Hoe reilen, zeilen en reageren mijn leeftijdgenoten? Hoe staat het met hun interactie, hoe gaan ze om met deze ach, noem het maar verworvenheid? Want het is toch niet niks: 70! Een 'hele prestatie'! In plaats van je ervoor te schamen, in plaats van jezelf te zien als krikkemik die niet meer meetelt, kun je beter blij, trots en - het hoge woord moet eruit - dankbaar zijn dat je 'het toch maar hebt gehaald'. Arme Sylvia Kristel, arme Wil van Kralingen, nota bene 60sters, zij liggen onder de zoden, zijn in rook opgegaan, terwijl jij nog steeds rondstapt met je goede (en slechte) gedrag.


Over de prachtfilm Amour een andere keer: te deprimerend. Laat ik me beperken tot literatuur, liefst troostrijke. Dus niet De Grote Zaal. Literatuur die het werkelijke leven reduceert tot een bagatel, een mens verzoent met de eigen muizenissen. Dankzij Winterlogboek van Paul Auster, de meesterwerken Everyman van Philip Roth (jammer genoeg gestopt met schrijven) en Remco Camperts Het satijnen hart vind ik het niet zo erg meer om oud te zijn. Ik heb zelfs getracht La Vieillesse van De Beauvoir opnieuw te bestellen, een werk dat ik op mijn 50ste dumpte bij De Slegte. Maar het is niet meer leverbaar. Daarom lees ik nu de (ingehouden) hartenkreten van minder bekende schrijfsters. In Somewhere Towards The End verzucht uitgeefster Diana Athill (in 2008 ten tijde van haar autobiografie 86) dat ze dol is op jonge hondjes, maar er geen meer neemt omdat ze ze niet meer kan uitlaten en nog erger, niet meer overleeft. Ook ontroerend: het laatste hoofdstuk van Iedereen is tegenwoordig jonger dan ik. Hierin voert Cri Stellweg (¿), jarenlang stukjesschrijfster voor de Volkskrant, als oude vrouw een gesprek met zichzelf van veertig jaar geleden.


Maar soms hakt ook de werkelijkheid er in, vanuit de radio.


In het zondagochtendprogramma OVT (!) over nivellering - niets nieuws onder de zon - werd een stuk uit de regeringsverklaring van Joop den Uyl uit 1973 van stal gehaald. Zoals altijd sprak de politicus (je hoorde zijn spuug) indringend en bevlogen. Dat vond ook Marcel van Dam die aanzat aan de OVT-tafel want je hoorde hoe hij volschoot. 'Dan word ik... in zekere zin... weer geëmotioneerd', zei hij met een flinterdunne stem. Meer dan ooit was ik verzoend met mijn eigen leeftijd. Als je jong bent, hoor je dit soort vertederende nuances niet.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden