Zelfvertrouwen opvijzelen

Tweemaal eerder heb ik in deze kolommen verslag gedaan van mijn wedervaren, als speler van het Amersfoorts Damgenootschap, in de afgelopen clubcompetitie....

Ton Sijbrands

Ik zal niet verhelen dat die volstrekt onnodige nederlaag tegen Goedemoed (al is het waar dat ik, op het moment dat ik de verliezende zet deed, de winst inmiddels al had vergooid) voor mij een flinke domper op het seizoen 2001/2002 zette. Toch zou het geen compleet 'verloren' jaar worden. Van de vijf resterende partijen (één wedstrijd moest ik wegens ziekte missen) won ik er namelijk drie, zodat ik met een score van 19 uit 10 (+5, =4, -1) op een met Kees Thijssen gedeelde tiende plaats in het individuele klassement eindigde.

Maar het was vooral de kwaliteit van die drie partijen (tegen De Hoon, Hoekman-Jankovskaja en Geurtsen) die, meer nog dan de uitkomst ervan, het geschonden zelfvertrouwen weer wat opvijzelde. Want op een bepaalde manier waren de genoemde duels, hoezeer zij onderling ook verschilden, stuk voor stuk interessant. Dat gold wel heel in het bijzonder voor de in een 'Bonnard' uitmondende partij tegen Geurtsen. Maar ook in de ontmoeting met Ad de Hoon (AINO) liepen de spanningen kort na de openingsfase hoog op, zo hoog dat vóór de dertigste zet de feitelijke beslissing al was gevallen...

Sijbrands - De Hoon

(Clubcompetitie 2001/2002)

1.33-28 20-25 2.38-33 14-20 3.42-38 10-14 4.34-29 5-10 5.40-34 19-23 6.28x19 14x23 7.45-40 13-19 8.31-26 9-13 9.37-31 4-9 10.50-45 17-21 11.26x17 11x22 12.41-37 7-11 13.46-41 1-7 14.48-42 11-17 15.32-28 23x32 16.37x28 19-23!? 17.28x19 13x24

Zwart laat zich terecht niet in het defensief dringen (16...20-24?! 17.29x20 25x14 18.38-32!).

Het is waar: over het algemeen verdraagt de hekstelling links zich slecht met een flankopstelling aan de rechter bordrand. Maar De Hoon hoeft goed gezien dat hij, zodra wit veld 32 bezet, zich kan loswerken door tijdig 17-21! te doen.

18.41-37!? 9-13 19.37-32!? 17-21(!)

En dus niet 19...7-11(?) 20.32-28!, bijvoorbeeld 20...22-27? 21.31x22 18x27 22.28-23! of 20...10-14 21.31-26! met voordeel voor wit.

20.32-27!? 21x32 21.38x27

Door zèlf een halve hekstelling in te nemen, probeert wit een zekere greep op de zwarte stand te houden. En passant roept hij er een aantal tactische wendingen mee in het leven. Zoals 21...3-9? 22.35-30!! gevolgd door 23.33-28!, 24.34-30 en 26.27-21 +, een damzet die ik tijdens een blindséance in het Arnhemse Musis Sacrum (1987) verzuimde maar waarop ik destijds werd geattendeerd door De Hoons clubgenoot Ruud Palmer! Of ook 21...6-11(?) 22.42-37! 11-17 23.37-32! 17-21? (alleen met 23...3-9! 24.32-28 9-14! kan zwart deze variant wellicht nog overleven) 24.31-26! 22x31 25.36x27!! en de damdreiging naar 1 kan uitsluitend nog ten koste van een schijf worden gepareerd!

Maar De Hoon gaat vooralsnog correct te werk:

21...10-14(!) 22.42-37 14-19(!) 23.47-41?!!

Aanvankelijk had ik hier direct 23.37-32 willen doen, en in analytische zin was die zet waarschijnlijk ook beter geweest. Het bezwaar van 23.37-32 vond ik echter dat zwart - om redenen die het partijverloop aan het licht zal brengen - welhaast verplicht wordt 23...19-23(!) te spelen; na de thematische afwikkeling 24.34-30 23x34 25.30x19 13x24 26.39x19 16-21! 27.27x16 25-30 28.35x24 20x27 zag ik nauwelijks reëel voordeel voor wit.

Met de tekstzet daarentegen wordt 23...19-23?? tegengegaan. Bovendien lokt wit er allerlei foutieve reacties mee uit. Zo zou 23...3-9? (een zet waaraan zwart zich met 37 al op 32 natuurlijk nimmer had vergrepen) zelfs geforceerd verliezen door 24.37-32! (dreigt 25.35-30! en 26.29-24 met dam op 3) en nu òf 24...9-14 25.41-37! en zwart moet offeren (25...6-11 26.27-21! +; 25...7-11 26.29-23! +), òf 24...19-23 25.34-30! 23x34 26.40x29!! 25x23 27.33-29! enz. met dam op 4!

23...7-11?

Maar dit is evenmin het juiste antwoord. Zwart had heel koelbloedig 23...12-17! 24.37-32 17-21! moeten spelen. Wit had dan met lege handen gestaan, onder meer omdat na 25.35-30 24x35 26.29-24 20x38 27.39-33 38x29 28.34x1 21-26! 29.27x9 26x46 30.32-28 3x14! ook de eigen dam van het bord verdwijnt, met remise als onvermijdelijk resultaat.

De tekstzet is weliswaar pas zwarts eerste fout, maar ik geloof dat het hier tegelijkertijd de beslissende fout betreft!

24.37-32!

Zonder vrees voor de zelfmoord-combinatie 24...25-30?? 25.34x23 12-17 26.23x21 11-17 27.27x9 17x46 28.29x20, waarna de zwarte dam sneuvelt.

24...2-7 25.41-37!

Zie diagram

25...24-30(?!)

Deze ruil, waartoe De Hoon pas na zeer lang nadenken besloot (beide spelers bevonden zich inmiddels al in het laatste kwartier van de hun toegestane bedenktijd!), staat vrijwel gelijk aan capitulatie. Natuurlijk waren zetten met de schijven 3, 11 en 12 alle uitgeschakeld. Maar 25...19-23 had wit in zoverre voor grotere problemen gesteld dat deze een keuze had moeten maken uit drie geheel verschillende plannen, die er alle veelbelovend uitzien. Ik som ze in betrekkelijk willekeurige volgorde op:

1) 26.33-28 24x33 27.28x19 13x24 28.39x17 12x21 29.44-39 met belangrijk positievoordeel.

2) 26.34-30 23x34 27.40x29 25x23 28.33-29 24x33 29.39x19 13x24 30.32-28 22x33 31.27-21 16x27 32.31x2 20-25 33.2x30 25x34 34.44-39 33x44 35.49x29 met sterke aanval.

3) 26.34-30 23x34 27.30x19 13x24 28.39x19 16-21 29.27x16 25-30 30.35x24 20x27 31.44-39! 11-17 (31...3-9?? 32.39-33 +; 31...12-17? 32.39-33! 18-23 33.19x28 27-32 34.31-27! +) 32.39-33! 27-32 33.37x28 3-9(!) (hardnekkiger dan 33...18-23 34.19-14 +) 34.40-34 9-13(!) 35.34-29! 13x24 36.29x20 15x24 37.45-40 en wit moet uitstekende winstkansen hebben.

26.35x24 19x30 27.43-38!

Het voor de hand liggende 27.40-35 had vermoedelijk eveneens gewonnen na 27...18-23 28.27x9! 3x14 29.35x24!; een enkel voorbeeldje: 29...16-21 (maar 29...12-17 is relatief beter) 30.29x18 20x27 31.31x22 12x23 32.44-40! 14-19 33.34-30! 25x34 34.40x18 8-12 en nu 36-31-26! met schijfwinst. Maar de tekstzet is zo mogelijk nog sterker en heeft als bijkomend (tactisch) voordeel dat er veel meer schijven op het bord blijven, zodat óók de kans op een eventuele klokzege aanwezig blijft...

27...20-24 28.29x20 15x24 29.40-35! 3-9

Na 29...11/12-17 30.32-28! is de kettingstelling absoluut dodelijk. En 29...13-19 beantwoordt wit - uiteraard - met 30.33-29! 24x42 31.35x2 42-47, al is zijn daarop volgende zet (die mij overigens pas bij analyse door het computerprogramma TRUUS werd aangereikt) bepaald minder vanzelfsprekend. De meest efficiënte weg naar winst bestaat namelijk uit het verbluffende dam-offer 32.2-24!!! gevolgd door 33.27-21!, 34.34-29!, 35.39x8, 36.37-32 en 37.31x13. Het 4x3 schijveneindspel dat uiteindelijk via 37...12-18 38.13x22 7-12 enz. op het bord komt, is volgens datzelfde orakel in alle varianten uit!

30.34-29 22-28(??)

Verloren stond zwart tòch al (ook na 30...11-17 31.29x20 25x14 32.35x24 17-21 was er van reële compensatie geen sprake geweest), maar de wanhopige tekstzet kost zelfs een tweede stuk.

31.29x20 25x14 32.35x24

En met nog vier minuten over (tegen zeven voor wit) gaf zwart het op.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden