Zelfs voor Hollywood zijn nucleaire terroristen weinig opwindend

Indiana Jones overleefde een atoomexplosie door zich in een koelkast te verschuilen. Nucleair gevaar is in de Amerikaanse filmwereld vooral een geruststellend cliché.

AMSTERDAM - Het is een sterk uitgevoerde spektakelscène, halverwege de Amerikaanse spionagefilm The Sum of All Fears (2002). In het tot de nok toe gevulde honkbalstadion van Baltimore brengt een terroristische splintergroepering een atoombom tot ontploffing, in de hoop dat de Verenigde Staten en Rusland elkaar de schuld geven.

Het is een scenario waarvan de wereldleiders volgende week in Den Haag proberen te voorkomen dat het werkelijkheid wordt. Met volle overtuiging brengen de filmmakers de explosie in beeld: auto's en een aangrenzend ziekenhuis worden weggeblazen als boombladeren, een helikopter verliest een wiek en stort neer. Dan begint het echte spionnenwerk waarin een CIA-agent moet zien te voorkomen dat de Derde Wereldoorlog uitbreekt.

Tussen de films over nucleaire terreur springt The Sum of All Fears eruit. Opvallend is dat op imponerende wijze gehakt wordt gemaakt van de filmwet die voorschrijft dat de bom een halve tel voor ontploffing wordt ontmanteld.

Controversieel is dat moment ook. Want de film, gebaseerd op het gelijknamige boek van de Amerikaan Tom Clancy, schenkt verder geen enkele aandacht aan de slachtoffers van de kernexplosie.

Wel wordt er wat gezinspeeld op de angst voor nucleaire dreiging in het tijdperk na de Koude Oorlog; zo is te zien hoe de bom zoekraakte tijdens de Jom Kippoeroorlog van 1973 en vervolgens via schimmige Russen en Syriërs in Baltimore terechtkwam. Maar aan een reële verbeelding van de gevolgen van zo'n nucleaire aanval wagen de makers zich nadrukkelijk niet. Het moment doet uitsluitend dienst als katalysator van een spannend spionageverhaal - over het tot stof getransformeerde stadion heeft niemand het meer.

Ook andere recente films waarin op de een of andere manier sprake is van nucleair gevaar, tonen hetzelfde beeld: de angst voor of impact van een atoomwapen wordt tegenwoordig nooit echt serieus genomen.

Tijdens de openingsscène van de vierde Indiana Jones-film (2008) bijvoorbeeld, ontsnapt de titelheld aan een kernexplosie door zich in een koelkast (!) te verstoppen.

En in The Expendables 2 was Jean-Claude van Damme twee jaar geleden gemodelleerd naar een klassiek-foute jarentachtigfilmboef toen hij een reusachtige lading plutonium uit een oude Sovjetmijn wilde stelen.

Meer dan waarschuwing voor het nucleaire gevaar gebruiken zelfbewuste filmmakers het nog altijd als nostalgisch en geruststellend filmcliché.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden