Zelfs Norman Mailer erkende McCarthy's talent

McCarthy beschrijft de gebeurtenissen en overdenkingen in die eerste jaren na Vassar van Libby, Kay, Dottie, Pokey, Lakey, Helena, Polly, Priss in een ademloos tempo en op een opgewekte 'matter of fact'-toon die wel iets wegheeft van die van een meisjesboek, maar dat is een lichtheid die bij zoveel revolutionaire openhartigheid alleen maar bedrieglijk kan zijn. Ik denk dat het juist die lichte, ademloze toon is die alles zegt over de eigenlijke ernst waarmee dit boek geschreven is. De ongewone vorm: de vreemde, haast te grondige, bijna journaalachtige manier waarmee we op de hoogte worden gesteld van de gebeurtenissen uit al deze levens, ontleent zijn belang aan de intensiteit waarmee alles wordt verteld, en niet aan de mate waarin de gebeurtenissen in elkaar grijpen of elkaar ondersteunen. Je zou het ironisch kunnen noemen dat juist die verhulde ernst, die dartel verstopte zendingsdrang, ook de gedateerdheid van dit boek bepaalt.


Toch ben je in dit boek niet eens letterlijk getuige hoe dromen verpulveren, je ziet alleen van heel nabij hoe dromen nooit helemaal concreet worden, zelfs niet voor de dromers zelf. Elk van de meisjes gaat wat verbaasd en gelaten een kant op (vooral richting huwelijk) die vrij veel andere mogelijkheden uitsluit. Dat Kay, vrijgevochten en eigenzinnig als ze aan haar leven begint, na een ruzie door haar man in een gekkenhuis wordt opgesloten - terwijl het hijzelf is die haar uit dronkenschap een blauw oog sloeg - en daar niets tegenin kan brengen, is vrij symbolisch voor die onmacht. Toch levert McCarthy nergens ook maar direct commentaar - het is knap zoals ze ook zulke passages laat 'hangen'.


Is het in deze tijd nog een verdienste om intimiteiten te kunnen beschrijven- alles ligt immers toch al op straat? Of gaat het alleen om de manier waarop? Je mag hopen dat hedendaagse meisjes niet denken wat door het hoofd van de angstige, blauwkouserige Dottie schiet, die naar theoretische kennis over de daad blijft snakken, al ligt ze bloot in bed met een man op zich: '... en toen voelde ze het, het ding dat ze vreesde, dat in haar werd gebracht terwijl ze zich schrap zette en haar spieren spande. (...) 'Verdomme', zei hij, 'Ontspan je nou. Zo maak je het moeilijker.' Gespannen vraagt ze zich af: 'Misschien mocht de vrouw niet bewegen?'


Hoe schrijnend ook - geestig is het wel.


McCarthy lijkt een plot te willen vermijden, en van een moraal lijkt ze evenmin iets te moeten hebben. Ze toont, als een licht perverse voyeur, een verraadster kun je het ook noemen, de gedachten en daden van vrouwen wiens werelden ze van binnenuit moet hebben gekend. Het is een vorm van roddelen, luid en soms dodelijk venijnig door zijn scherpte en grondigheid, maar briljant is het zeker, ook door de mate waarin ze in ieders huid weet te kruipen. Norman Mailer verweet McCarthy (in een lang, afgrijselijk paternalistisch stuk) dat ze aan de oppervlakte bleef en niet tot het gaatje ging in het exploreren van de demonen en dieptes van haar personages; maar hij erkende wel hoe goed McCarthy in staat was geweest om haar karakters te vangen als een begluurder, als ze net niet opletten. Ze toont hun naïviteit, verbazing, ondoordachtheid, truttigheid, angst, en al zijn de sores van deze vrouwen inmiddels wat anders dan die van de huidige generatie, het blijft fascinerend omdat het zo intelligent opgeschreven is. Net als de Vagina Monologues van Eve Ensler met zijn onmogelijke onderwerp is The Group echt niet zo succesvol door de openhartigheid en choquerende inhoud alleen, maar ook en vooral door zijn poëtische kracht.


Je kunt je je afvragen of ongelijkheid tussen de seksen niet langzamerhand een gelopen race is, een gestreden strijd. Of we inmiddels niet meer hebben aan lachspiegels, zoals Sex and the City dat was. We hebben ze toch al: De schaamte voorbij van Anja Meulenbelt, Le deuxième sexe van Simone de Beauvoir, The Feminine Mystique van Betty Friedan, de Vagina Monologues? En The Group natuurlijk? Maar dan lees je de golf van emotionele reacties van boze, in de bil geknepen, seksueel geïntimideerde vrouwen in het huidige Frankrijk na de arrestatie van Dominique Strauss-Kahn, en dan weten we weer dat er toch nog steeds een hoop te schrijven valt.


Mary McCarthy: De Groep.


Uit het Engels vertaald door J.F. Kliphuis en R.W.M. Kliphuis-Vlaskamp.


De Arbeiderspers; 408 pagina's; € 19,95.


ISBN 978 90 295 7600 0.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden