Zelfs na tien jaar is hoop op perfecte race niet verdwenen

Loutering is de mooiste deugd in de topsport. Volg de olympische missie van Kirsten van der Kolk en Marit van Eupen en een beter bewijs voor die stelling dient zich niet aan....

Wie weet waaraan hij begint, weet ook wat nodig is. Er is niets meer om over in paniek te raken. Dat de twee roeisters zich woensdag in de lichte dubbeltwee voor de Spelen zullen kwalificeren, staat in Poznan vast. Het is een kwestie van ‘geen domme dingen doen of fouten maken en je op je werk focussen’, schetste hun coach Josy Verdonkschot de situatie.

De twee Noord-Hollandse roeisters vormen een bijzonder duo. Hun verbetenheid, noem het anders driftigheid, is haast on-Nederlands. Zelfs na een bondgenootschap van bijna tien jaar is er niet ingeboet op ambities.

De loutering lijkt in hun geval niet samen te vallen met relativering. Er wordt consciëntieus en professioneel gewerkt, met ouderwetse oogkleppen op, zoals ze in 1997 begonnen met hun project. Ze weten nu beter, maar de hoop op de perfecte race hebben ze nog altijd niet laten varen.

Winnen is nog steeds het hoofddoel en geen bijkomstigheid, zoals bij veel sporters die na een periode van inactiviteit terugkeren op het hoogste niveau. Het gaat ook deze keer niet om het genieten van het proces en het plezier, het gaat nog steeds om die drie medailles.

Het is voor een buitenstaander nauwelijks te begrijpen wat hen na zoveel jaar weer heeft samengebracht. Na de Spelen van Athene gingen ze uit elkaar. Met olympisch brons dachten ze in 2004 het maximale uit hun samenwerking te hebben gehaald. Het was een beloning voor de jaren waarin ze tot elkaar waren veroordeeld en waarin de irritatie soms zo hoog opliep dat een breuk voor de hand lag.

Dat de lichte dubbeltwee op het water van het Griekse Schinias ter ziele ging, viel te verwachten. Een nieuwe olympische cyclus van vier jaar zou de boot niet hebben overleefd. De energie was op, het incasseringsvermogen uitgeput. Het doel én de grens waren bereikt.

Van Eupen reeg vervolgens in de lichte skiff, een niet-olympische discipline, de wereldtitels aaneen en leek de Spelen niet nodig te hebben om aan een historische erelijst te werken. De roeisters die solliciteerden naar de positie van Van der Kolk, werden getest en vervolgens doorgestuurd.

Ook een avontuur in de vrouwenacht was tot mislukken gedoemd. Van Eupen zette Peking uit haar hoofd. Van der Kolk koos voor het moederschap en daarmee voor een nieuw leven. Roeien was slechts een manier om fit te blijven.

Contact tussen de twee roeisters, die hun relatie als ‘goede collega’s’ omschrijven, was er in die periode weinig. Coach Verdonkschot, tevens de echtgenoot van Van Eupen, was ‘de lijm’.

Het maakt het nog moeilijker te begrijpen dat de twee vorig najaar toch weer hun lot aan elkaar verbonden. Van Eupen (38) en Van der Kolk (32) waren geen vriendinnen die elkaar in een dolle bui om de hals vielen en besloten eens een gokje te wagen. Er is geen sprake van een gezamenlijke ambitie, ze streven een individueel doel na, waarbij ze elkaar nodig hebben.

Hun ideeën over hoe ze dat doel moeten bereiken, komen niet altijd overeen. Ze hebben geleerd ermee om te gaan. Veel beter dan in de vorige olympische missie kennen ze hun valkuilen. Ze noemen dat ‘ouderdom en voortschrijdend inzicht’. Ze kennen elkaars kracht en zwaktes en hebben geleerd die te accepteren. Ze eisen slechts van elkaar dat ze hun reserves aanspreken. Op die basis zijn ze samen in de boot gestapt.

Dat Van der Kolk haar sport nu op één zet en haar dochtertje Nike op anderhalf kan ze aan niemand uitleggen. Ze miste de topsport, de extreme emoties. Het leven zonder roeien was, ondanks het moederschap, vlak geworden En ze werd lui van het niets doen.

In verhouding tot Van Eupen werd Van der Kolk altijd als de zachtaardige van de twee geschetst. Maar ze bleek driftiger en drammeriger dan ze zelf vermoedde. En toen de mogelijkheid zich aandiende die karaktereigenschappen in positieve zin te gebruiken, wilde ze die niet onbenut laten.

Beide roeisters geven toe dat het project alleen een kans van slagen heeft omdat het ‘maar’ een seizoen duurt. Zo blijft het te overzien en tenminste ook ‘een beetje leuk’. Maar omdat de tijd kort is, is er geen ruimte voor twijfel. Het is geen ontdekkingsreis.

‘Ze kunnen olympisch kampioen worden, dat is niet irreëel’, zegt Verdonkschot. Het zilver bij de wereldbekerwedstrijd in Luzern vertelde hem dat de dubbeltwee het gat naar wereldtop in een mum van tijd heeft overbrugd.

Het enige waar ze voor moeten waken is overbelasting. Het is Verdonkschot die beide roeisters via een nieuw analyseprogramma in de gaten houdt. De loutering doet tot Peking de rest.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden