Zelfs de 'First lady' is de jongste

Het Duitse nationale elftal was al jonger dan ooit, maar dit nieuwe seizoen begint Duitsland ook nog eens met een ongekend jonge politieke top....

BERLIJN De aandacht ging eerst vooral naar de echtgenote; de ‘First Lady’, zoals ze gelijk maar genoemd werd. Atletisch, modern, en was ze niet ook de allerjongste in het rijtje? De Franse Carla Bruni is immers zes jaar ouder. Michelle Obama tien jaar. Zelfs Máxima is ouder dan Bettina Wulff, de vrouw van het nieuwe Duitse staatshoofd, dat eind juni gekozen is.

36 jaar is ze, en ze heeft, net als de Engelse premiersvrouw Cameron (39), een sierlijke tribal-tattoo’ op de bovenarm. Nooit eerder, zo klonk het vanuit de Duitse media onverholen gelukzalig, had Duitsland een zo ‘coole’ presidentsvrouw; en men putte zich uit in beschrijvingen van de internationale ‘glamour’ die dit unicum met zich kan meebrengen.

Natuurlijk, de meeste aandacht ging deze zomer naar een heel andere verjonging, namelijk die van het nationale voetbalelftal, ‘het jongste Duitse elftal ooit’. Ook daar bleken clichés ineens niet meer te passen; zelfs de Engelse bladen zagen geen taai German Panzer meer.

Je zou hierdoor bijna over het hoofd zien dat ook het nieuwe politieke seizoen qua leeftijd een ongekende verschuiving toont. En dat is opmerkelijk, voor een land dat bekend staat om de eerbiedwaardige grijsheid van zijn maatschappelijke elite.

De komst van Bettina Wulff is immers slechts een vervolgstap van een algehele verjonging aan de top. Om er een paar te noemen; met de president zelf, Christian Wulff (51), heeft Duitsland zijn jongste staatshoofd ooit; door zijn 70-jarige tegenstrever zelfs ‘een jongeman’ genoemd. De regering was sinds 2009 al de ‘jongste Duitse regering ooit’ volgens hen die het berekenden, dankzij drie ministers van in de dertig (die van Gezinszaken is slechts 32). En in de deelstaat Nedersaksen is net een ongekend prille minister-president aangetreden, David McAllister (39).

‘De verkorsting is voorbij’, zegt bijvoorbeeld Claudio Deluca, redacteur van het economische maandblad Capital, dat in 2007 is begonnen een jaarlijkse lijst van de Duitse ‘jonge elite’ te publiceren. Hij ziet voor het eerst namen van zijn lijst een jaar later al terug in topposities, ‘niet alleen op de eerste rij – zoals de populaire minister Karl-Theodor zu Guttenberg (38) – maar nu ook in de tweede rij, onder staatssecretarissen’.

Waardeverschuiving
Gedeeltelijk is de verjonging een samenloop van omstandigheden: tenslotte is dit jaar onverwacht een reeks toppolitici afgetreden. Maar ook lijkt het, zegt biopsycholoog Peter Walschburger, hoogleraar in Berlijn, aan te sluiten bij een bredere waardeverschuiving in de Duitse samenleving; de nadruk komt minder op ervaring, maar meer op prestatie te liggen.

Urgesteinen, noemt hij de klassieke politici: de ervaren oudere heren zoals Adenauer, wiens invloed steeg met de jaren, en wiens uiterlijk werd bepaald door een imposante hoeveelheid verkreukelde gelaatstrekken.

De laatste jaren is er in Duitsland ook veel kritiek op de overheersende nadruk op rijpheid en ‘ervaring’. Veel dertigers en zelfs veertigers klagen over een gebrek aan doorstroming binnen instanties. Vaste aanstellingen zijn zeer moeilijk te verkrijgen; de arbeidscultuur in ambtenarij en media blijkt vaak statisch.

De huidige verjonging onder politici, zegt Michael Hartmann, de bekendste elitesocioloog in Duitsland, betekent echter niet dat die situatie voorbij is. De maatschappelijke elite als geheel is namelijk veel minder in beweging; in de ambtenarij, rechtspraak en bedrijfsleven is er bijvoorbeeld veel minder verjonging te zien.

In de politiek ligt dat anders, zegt hij: vooral omdat het Duitse partijenlandschap in korte tijd rigoureus is veranderd. De grote volkspartijen CDU en SPD lopen leeg, de leden zijn vaak oud of niet-actief. Het gevolg: de partijcentrales hebben meer invloed gekregen op wie omhoog stijgt.

Decennialang, zegt Hartmann, kon je alleen carrière maken door geduldig het voorgeschreven pad uit te zitten; je kwam alleen aan de top van de bondspolitiek als je keurig begon in de gemeente. Dat is nu voorbij. Er is ruimte gekomen voor de zij-instromer: iemand die zonder lange ervaring een hoge post kan krijgen.

Daarbij blijkt politiek, net als in Nederland te zien is, meer ‘gewoon een baan’ te worden. Een politicus bleef vroeger, zegt Hartmann, áltijd politicus. Helmut Kohl zou nooit, zoals Gerhard Schröder in 2005 deed, overstappen naar het bedrijfsleven.

Logisch, vindt psycholoog Walschburger: de dynamiek van de moderne politiek vraagt nu eenmaal om een ander type dan vroeger. Zelfs het Duitse staatshoofd, dat traditioneel een oudere symboolfiguur is, is nu een politprofi. ‘Alleen symboolfiguur zijn is niet meer genoeg.’

Trendbreuk
De vraag is of deze trendbreuk diepere gevolgen zal hebben voor de status van ouderdom in Duitsland. Wordt ‘jong’ de maatstaf in de beeldvorming? Redacteur Deluca ziet de verjonging bijvoorbeeld als deel van een algehele ‘liberale’ tendens binnen de Duitse politiek: een vrouw is kanselier, een homoseksueel vicekanselier.

Hartmann vindt de ontwikkeling echter nog te pril voor conclusies. De versoepeling van het carrièrepad betekent niet dat alles jonger wordt. Zo is de populariteit van Zu Guttenberg, zegt hij, voor een groot deel terug te voeren op zijn adellijke afkomst, niet op zijn leeftijd. En als oud-kanselier Helmut Schmidt (91) kritiek levert, zegt Walschburger, dan wordt dat nog steeds zeer serieus genomen.

Onmiskenbaar is echter de gretigheid waarmee de nieuwe symboolfiguren in de media beschreven worden, zowel politici als voetballers. In Der Spiegel werden de voetballers al trots ‘de ambassadeurs van een jong en ander land’ genoemd. Geen wonder, vindt Deluca: ervaring en ouderdom staat in aanzien, maar ‘een jong en fris imago’ streelt de eigenwaarde. Veel Duitsers, zegt hij, vinden het erg belangrijk hoe ze in het buitenland overkomen. ‘Men heeft het altijd als zeer pijnlijk ervaren, dat Duitsers als burgerlijk en saai werden gezien.’

Bedrijfspatriarchen
In het Duitse bedrijfsleven, zegt elitesocioloog Michael Hartmann, is er minder verjonging zichtbaar dan in de politiek. Meer dan 70 procent van de directeuren van de vijftig grootste ondernemingen is ouder dan vijftig. Dat heeft er volgens hem ermee te maken dat ‘iedere tweede directeur’ binnen het bedrijf blijft waar hij begon.

Er zijn ook veel familiebedrijven. Een bekend voorbeeld van zo’n patriarch is Ferdinand Piëch (73) van Volkswagen. ‘De Duitse economische elite’, zegt ook biopsycholoog Walschburger, is statischer dan de politieke: de bedrijfspatriarchen lijken als laatsten ‘nog boven alle kritiek te staan’.

Nederland, zegt Hartmann, is eerder een uitzondering; ‘Als klein land kent het relatief veel grote internationale ondernemingen’.

Er is daarom meer doorstroming aan de top.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden