'Ze worden nog gemaakt, zulke bijzondere schaatsers'

Als teamdokter van de Amerikaanse ploeg is Eric Heiden in Collalbo bij de voorbereidingen op de Spelen aanwezig. Hij kijkt zijn ogen uit.

De junioren willen deze ochtend allemaal op de foto met Shani Davis. Vijf meter verderop staat de beroemdste schaatser uit de geschiedenis. Niemand kijkt naar Eric Heiden om. Hij is zongekleurd, draagt een muts in een bruine camouflagekleur en staat met de handen in de zakken naar passerende schaatsers te kijken.

Heiden (55) is de teamdokter van de Amerikaanse ploeg. De man van vijfmaal olympisch goud is de legende van Lake Placid 1980. Hij verveelt er de jonge schaatsers niet mee. Het is Davis die hem eraan herinnert. Als Heiden de olympisch kampioen op de 1.000 meter complimenteert met diens snelle ronden in training, zegt Davis: 'Jij weet hoe dat voelt. Snelheid. Isn't it?'

Heiden was vooral een snelle schaatser. Bij de WK sprint kwam zijn naam plotseling weer bovendrijven. Michel Mulder werd in Nagano voor de tweede keer op rij wereldkampioen. Hij haalde de maximale score uit twee toernooien. Debuterend winnen en dan de wereldtitel prolongeren was eerder slechts weggelegd voor de jonge Heiden (1977 en 1978) en de Russische beer Igor Zjelezovski (1985 en 1986). 'Ja, ze worden nog gemaakt, zulke bijzondere schaatsers', zegt Heiden.

Hij wijst op Joey Mantia die voor zijn neus het ijs op gaat. Die is net zo vierkant gespierd als Heiden destijds was. 'Let op hem in Sotsji.'

Mantia komt uit het inlineskaten, net als andere Amerikaanse medaillekandidaten als Brittany Bowe en Heather Richardson. 'Het inlinen heeft de basis van ons langebaanschaatsen verbreed. Het is een stevige aanvoerlijn van talent', zegt de chirurg die zijn praktijken in Salt Lake City en Park City voor een paar weken verlaten heeft.

De grote kampioen is uiterst tevreden over de vloot talenten die de Amerikanen deze winter hebben laten uitvaren. 'Het is voor de buitenwereld een vast patroon. Amerikanen kunnen iets extra's in olympische jaren. Het is een kwestie van instelling. Anders kan ik het niet verklaren.'

Hijzelf kwam op de 400-meterbaan in Madison en later Milwaukee met een achtergrond in het ijshockey. 'Die rond geslepen ijzers deden je lichaam alle kanten op schudden. Het heeft me aan een groot balansgevoel geholpen.'

Heiden heeft zelf ook geshorttrackt, nog zo'n kweekvijver van het hedendaagse schaatstalent. 'Wij deden shorttrack voor en na het seizoen op de ijshockeybanen. Het was nog niet eens een officiële sport. Het was puur voor de lol.'

Hoe het olympisch toernooi in Sotsji gaat verlopen, Heiden heeft geen idee. Als de politiek maar afstand bewaart, zegt hij. Hij zal er, gek genoeg, zelf niet bij zijn. Hij vliegt woensdag met de Amerikaanse ploeg van München naar Sotsji, maar wordt op 4 februari afgelost door de dokter van de shorttrackformatie. 'Dan ga ik weer naar huis, geld verdienen. De rekeningen moeten betaald worden.'

Maar voorlopig kijkt Heiden zijn ogen uit op de baan van Collalbo, het bergoord dat 15 kilometer boven Bolzano ligt. 'We dachten hier in alle stilte te kunnen trainen, maar het is hier razend druk. Een heleboel Nederlanders, Tsjechen, Noren, Duitsers. Jeugdschaatsers die zich voorbereiden op een World Cup. Het is anders geworden deze wereld.'

Toen hij schaatste, bestond de Ritten Arena van Collalbo nog niet. 'Wij reden in Noord-Italië in Cortina d'Ampezzo en Madonna di Campiglio. Geen idee of die banen daar nog bestaan.'

Hij bereidde zich in 1980 in eigen land voor op de Olympische Spelen. 'Er was een week voor de Spelen een WK sprint in West-Allis. Die won ik.' Het was zijn vierde sprintwereldtitel op rij. Over snelheid gesproken.

Opvallend genoeg vertelt hij vooral met smaak over zijn allroundtoernooien. Dat van 1977 in Heerenveen was zijn doorbraak. In Davos was het natuurijs gesmolten en Thialf was een week later het nieuwe WK-podium.

'Ik reed daar de 10 kilometer tegen Piet Kleine, mijn jeugdheld. Dat vond ik het mooiste van alles, dat ik tegen mijn grote voorbeeld mocht schaatsen. Ik won en werd wereldkampioen. Ik verbaasde de achttienduizend mensen, Kleine en vooral mezelf.'

Heiden kent het recept van winnen. Hij loopt er niet mee te koop. Hij houdt zich niet opvallend bezig met de Amerikaanse rijders. Dat is aan hun coaches. Als we met de 17-jarige stayer Emery Lehman diens kansen bespreken, zegt Heiden dat onbevangenheid kan tellen bij de Olympische Spelen. 'Als niemand nog iets van je verwacht, kun je zonder druk plots geweldig presteren. Dat houd ik altijd voor ogen.'

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden