'Ze noemen mij een artflipper'

Miljonair en kunstverzamelaar Bert Kreuk is verwikkeld geraakt in een hoog opgelopen ruzie met kunstenaar Danh Vo. Kreuk kreeg een toegezegd werk niet. Is hij een 'artflipper' die kunst koopt om snel te verdienen?

Bert Kreuk bij zijn Zwitserse chalet in Grindelwald.Beeld An-Sofie Kesteleyn

Een kunstenaar voor de rechter slepen om een niet geleverd werk, dat dóe je gewoon niet. Het kwam de Nederlandse verzamelaar Bert Kreuk op hoon te staan uit de kunstwereld. Maar de kunstenaar Danh Vo liet hem geen keus, zegt Kreuk. 'Vijftig keer heb ik hem gebeld, zonder respons. Ik ben naïef geweest.'

In de rust van zijn Zwitserse chalet in Grindelwald blikt Kreuk (50) voor het eerst uitgebreid terug op de slepende kwestie die de kunstwereld al ruim twee jaar bezighoudt. De Deens-Vietnamese Vo had een ruimtevullende installatie moeten maken voor Grensverleggend, de tentoonstelling van Kreuks privéverzameling in het Gemeentemuseum Den Haag in 2013. Kreuk kreeg 'slechts een vergulde verhuisdoos' als bruikleen, een schim van het beloofde kunstwerk dat hij had verwacht: een indrukwekkende installatie van met goud ingelegde Budweiserdozen en een Amerikaanse vlag.

Wat volgde was een gerechtelijke procedure en een mediagevecht dat nog steeds voortduurt. De commentaren over Kreuk zijn vernietigend: hij zou geen oprechte verzamelaar zijn, maar een zogeheten artflipper. Iemand die dure kunst verpatst, net zo snel als het binnenkomt, uit winstbejag. De tentoonstelling in het Gemeentemuseum zou vooral een middel zijn geweest om de waarde van Kreuks collectie op te krikken. Hij veilde vlak daarna toch niet voor niets veertien werken uit zijn jonge collectie bij Sotheby's - waarvan vier uit Grensverleggend.

Danh VoBeeld HH

Extreem geval

Allemaal kwaadsprekerij, zegt Kreuk. Met uitzicht op de Zwitserse Alpen doet hij een boekje open over Vo's wanprestatie, over de bedreigingen, over de 'smerige verkooptrucs' in de hedendaagse kunsthandel en over het artflippen.

Want niet Kreuk, maar Vo is de artflipper in dit verhaal, legt hij uit met veel handgebaren en een spervuur aan argumenten uit het rechtbankdossier. 'Hij kwam terug op zijn afspraak toen zijn kunst in waarde steeg, nog voordat ik die werken veilde. Dat artflippen gebruikt hij nu om mij zwart te maken. '

Het gedoe met Vo is een extreem geval, maar volgens Kreuk is het exemplarisch voor de handel in werk van opkomende artiesten. Zogenaamd kunstminnende galeriehouders 'pompen prijzen op met fictieve wachtlijsten'. Galeries houden werken achter om later voor meer te veilen, zonder medeweten van de kunstenaars. Data van schilderijen worden achteraf vervalst als werken uit een eerdere periode meer waard worden. En kunst die al gekocht is door de een, wordt gewoon verkocht aan anderen die meer willen betalen - zes werken liep Kreuk daardoor mis, zegt hij. 'Die markt is dolgedraaid. Het gaat alleen maar om geld.'

Nieuw

'Selfmade man' Kreuk is betrekkelijk nieuw in de opkomende kunst. De verkoop van zijn internationale bedrijf in vliegtuigartikelen in 2007 stelde hem in staat veel kunst te vergaren. Naast het verzamelen wandelt hij graag, samen met zijn aangetrouwde oom Theo Schols (71), met wie hij al jaren bijna non-stop optrekt in zaken en in vriendschap.

Tegen de avond genieten zij, gebruind van het lopen, met een alcoholvrij biertje van het uitzicht op de Eiger vanaf het terras van Kreuks chalet. Geen dure kunst te bekennen in het huis. Alleen fotocanvassen van de vele reizen die ze hebben gemaakt. Kreuks verzameling ligt veilig opgeslagen in een geconditioneerd depot in Zürich, New York of Londen of is uitgeleend aan musea.

De telefoon van Kreuk piept voortdurend. Dan belt er weer een journalist over de zaak Vo of een galeriehouder met een exclusief aanbod. Grappend en met rappe tong handelt hij de belletjes af, in het Engels of Nederlands met Rotterdams accent. 'Ze noemen mij een artflipper, maar dat is voor de bühne. Ondertussen bellen ze me plat.'

Niet alle telefoontjes zijn prettig. Sinds de kwestie Vo wordt Kreuk geregeld gebeld door een onbekend nummer. 'Het blijft dan stil aan de andere kant.' Andere bedreigingen kreeg hij via Twitter en e-mail. 'Dat ik een lul ben en dat ze me weten te vinden. Het doet me niks.'

Woordenstrijd

'SHOVE IT UP YOUR ASS, YOU FAGGOT' (steek het in je reet, flikker). Als het aan conceptueel kunstenaar Danh Vo ligt, schildert hij dát op de muur van kunstverzamelaar Bert Kreuk. Eind juni oordeelde de Rotterdamse rechtbank dat Vo een 'indrukwekkend kunstwerk' moet maken voor Kreuk, zoals zij in 2013 zijn overeengekomen.

Vo gaat in hoger beroep, maar wil desalniettemin aan de uitspraak voldoen, staat in de mail die hij vorige week naar alle grote kunstmedia stuurde. Kreuk mag zelfs kiezen in welke kleur en lettertype hij 'flikker' op zijn muur geschreven krijgt.

In een reactie gaat Kreuk mee in het woordenspel van Vo . Al is hij niet gediend van homofobie of andere discriminerende teksten. 'Vo mag wat anders op mijn muur schilderen: FROM ANGER, HATRED AND ALL ILL WILL (uit woede, haat en kwade wil).'

Een compromis, maar liever nog heeft Kreuk dat Vo de gerechtelijke dwangsom van 350 duizend dollar betaalt. Niet aan hem, maar aan een goed kunstdoel. Mocht Vo dat doen, dan legt Kreuk hetzelfde bedrag bij. 'Beloofd!'

Liefde voor kunst

Vraag hem over zijn liefde voor kunst en Kreuk gaat sneller praten. Met aanstekelijke bevlogenheid vuurt hij namen op je af van kunstenaars die hij al 'heeft' of die hij nog wil kopen om zijn collectie 'historisch compleet te maken': Picasso, Monet, Cézanne, Tuymans, Murillo, Wool, Hirst, Koons, Polke, Dumas. Ongeveer achthonderd stuks bezit hij nu.

Afgelopen maand heeft hij weer acht werken gekocht, waaronder een blackboard van Cy Twombly. 'Die wilde ik al heel lang. Ik doe het niet voor het geld, dat interesseert me geen bal', zegt Kreuk als een mantra. Toch ontkomt hij niet aan de zakelijke kant. Want kunst is duur en je wil niet dat ze je een poot uitdraaien, zoals hij met Vo heeft ervaren.

'Bewijzen kan ik het niet, maar Vo heeft de beloofde gouden Budweiserdozen en de vergulde Amerikaanse vlag gewoon verkocht in Mexico toen zijn kunst in waarde steeg. Dat weet ik van andere verzamelaars. Hij zal het nooit toegeven.'

Persoonlijke teleurstelling

Het lulligst vond Kreuk dat voor het Gemeentemuseum. 'Dat ze mij naaien, oké, maar in zaal 38, de enige met skylight, stond ineens geen werk.' Voor Kreuk was de wanprestatie een persoonlijke teleurstelling. Komend uit een 'modaal gezin' uit Capelle aan den IJssel zag hij zijn eigen American Dream in de beloofde Stars and Stripes.

In Amerika werd hij groot met zijn bedrijf HSS International, de enige toeleverancier van United Airlines van alles wat geen voedsel is. 'Kammetjes, tandpastaatjes, miljoenen, miljóénen verfrissingskitjes kregen mensen van mij op schoot! Hele containers kon ik wegdouwen bij luchtvaartmaatschappijen over de hele wereld. Ik heb ervaren hoe Amerika het land is van de mogelijkheden. Die Amerikaanse kunst had voor mij een dubbele laag, een emotie, daarom was ik zo blij dat Vo die vlag zou maken.'

Dat Vo het werk heeft 'geflipt' in Mexico, kon Kreuk niet hard maken in de rechtszaal. Wel dat Vo een nieuw werk zou maken voor de tentoonstelling. Daarin gaf de Rotterdamse rechtbank Kreuk eind juni gelijk. Er stond een afspraak voor een zaalvullende installatie. Die afspraak moet Vo nu nakomen. Op straffe van een dwangsom van 350 duizend euro moet hij alsnog een 'indrukwekkend werk' leveren (zie inzet).

'Het goud van Vo's Amerikaanse vlag is afgebladderd', zegt Kreuk. Op de kunstwebsite Artnet laat hij zien hoe de veilingprijzen van Vo's kunst hun piek hebben gehad. Dat komt door de galeries, die volgens hem de markt opfokken. 'Tot ongeveer twee ton, de max voor nieuw werk van jonge kunstenaars. Als ze zien dat het werk gaat zakken, weten ze dat ze nog één jaar hebben om hun achtergehouden voorraad op de markt te gooien.'

Dat doen ze vaak met die opkomende jongens, weet Kreuk nu. 'Veel van hen blijven maar drie seizoenen in de top hangen.' De afgelopen twee jaar verkocht hij daarom zeker veertig werken, van de tweehonderd die hij kocht van 2012 tot 2013. 'Rond de tentoonstelling in het Gemeentemuseum heb ik heel agressief verzameld. Mijn verzameling ging all over the place, stak aan alle kanten uit.'

Kreuk bracht zijn collectie terug naar de basis: een historisch overzicht van volgens hem de belangrijkste naoorlogse kunst. Hij behoudt alleen de 'kerngroep' van jonge kunstenaars van wie hij denkt dat ze er over tien jaar nog toe doen. 'Lijn terugbrengen', noemt hij dat.

De installatie van Danh Vo die Bert Kreuk dacht te kopen.

Artflippen

Artflippen, heet dat volgens de kunstwereld. Iemand die zó snel zo veel verkoopt, kán geen liefhebber zijn, is de teneur. Daarbij zou het snelle verkopen leiden tot een neergang van 'de kwetsbare kunstenaar'. Tien van de twaalf werken verkopen van grote stijger Oscar Murillo - wat Kreuk de afgelopen twee jaar deed - doet diens reputatie geen goed. Kunst koop je voor het leven, zegt menig galeriehouder desgevraagd.

Kreuk kan het niet deren. Hij beslist zelf over zijn bezit. En met die 'toegedichte veronderstellingen', heeft hij niet zoveel. 'Ik geef openlijk toe: bij verzamelen en beheer hoort ook verkoop. Kijk, er zullen best galeries zijn die het niet met mijn manier van verzamelen eens zijn, maar zij zijn er zelf als de kippen bij hun prijzen te verhogen na een goed veilingresultaat. Bovendien, een kunstenaar die de juiste kunst maakt, overleeft de veilingmarkt met gemak. De kwaliteit staat centraal op de langere termijn. Als hij niet goed genoeg is, is een veiling niet meer dan een eerdere executie.'

Murillo was een exceptioneel geval volgens Kreuk. 'Ik verzamelde hem al toen niemand er een kloot in zag. Nu gaat hij omhoog door gemanipuleer van zijn galeries en dan mag ik niet verkopen? Voor hetzelfde geld was hij in waarde gedaald, zoals het merendeel van die opkomende artiesten. Dan lachen ze in hun vuistje. Wat een sucker is die Kreuk, denken ze dan. Nu zeuren ze erover omdat ik een paar ton heb gepakt met die werken. Terwijl ik mijn winst altijd gebruik om nieuw werk te kopen.'

Morele maat

Kreuk laat zich de morele maat niet nemen. Volgens hem zijn het de internationale galeries zélf die jonge kunstenaars over de kling jagen, hen alsmaar pushen meer te produceren. 'Op het moment dat ze aan de opgevoerde vraag gaan voldoen, krijg je slechtere kunst. Ik heb het gezien bij Murillo. Bij zijn vertegenwoordiger lagen gigantische stapels schilderijen op de grond. Op dat moment neem ik afscheid van een kunstenaar.'

Op weg naar het vliegveld wordt Kreuk gebeld door een kunstdealer uit New York. 'Ja, het voelt echt als een rollercoaster allemaal. Kunnen we op 7 ton uitkomen?' Bij navraag licht hij het gesprek toe. 'Hij biedt mij een Sterling Ruby aan uit een collectie van een andere verzamelaar. Als mensen eens zouden weten wat er allemaal in mijn collectie zit, waarvan iedereen denkt dat het nog van anderen is, van zogenaamde échte verzamelaars. Dan noemen ze mij een artflipper. Artflippers hebben geen collectie van achthonderd werken, dát is het grote verschil. Het is hypocriet, maar ik blijf mezelf.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden