Zapatistas vechten voor een verre nieuwe wereld

20 jaar geleden kwamen ze in de Mexicaanse deelstaat Chiapas in opstand. Gevochten wordt er niet meer, maar de Zapatistas zijn nog springlevend.

SAN CRISTÓBAL DE LAS CASAS - 'Naam, organisatie, reden van komst?' Twee paar donkerbruine ogen kijken ons nieuwsgierig vanonder een bivakmuts aan. Langzaam en nauwkeurig vullen de jongens het bezoekersformulier in. Op hun zwarte mutsen staat met rode draad EZLN geborduurd: Zapatistisch Nationaal Bevrijdingsleger. Boven hen hangt een eenzame kerstslinger, aan de muur een vergeeld A4'tje: 'Een droom die wordt gedeeld in de hele wereld', de potloodletters zijn nauwelijks meer leesbaar.


De bewakers van Roberto Barrios geven toestemming om de nacht door te brengen op een stuk karton op de vloer van een ontmoetingsruimte. 'Morgenochtend staat de regering jullie misschien te woord', aldus de kleinste van het stel kortaf.


Roberto Barrios ligt in de Mexicaanse deelstaat Chiapas en is een van de vijf caracoles (schelpen), de autonome regeringscentra van de EZLN, of Zapatistas, de linkse rebellengroep die op Nieuwjaarsdag twintig jaar geleden de wereld verraste met een opstand. De Zapatistas, voornamelijk indianen, lieten zich inspireren door Emiliano Zapata, die begin vorige eeuw een boerenopstand leidde.


Duizenden gemaskerde en gewapende indianen veroverden op die koude winterochtend zes gemeenten van Chiapas, waaronder de toeristische trekpleister San Cristóbal de las Casas. 'Wij zijn het product van vijfhonderd jaar onderdrukking', zo luidde hun verklaring, gericht aan het volk van Mexico. 'Vandaag zeggen we basta, het is genoeg. Broeders en zusters, sluit je bij ons aan, het is de enige manier om niet van de honger om te komen.'


De woorden van subcomandante Marcos gingen de hele wereld over. 'Wij willen de macht niet overnemen', aldus de mediagenieke woordvoerder met pijp en bivakmuts. 'Ons doel is veel groter: wij willen een wereld waarin iedereen te eten heeft en een dak boven het hoofd. Wij willen een wereld waarin plaats is voor iedereen.'


Voor de toen net aangetreden president Ernesto Zedillo was de rebellie een onaangename verrassing. De opstand kwam precies op de dag dat NAFTA in werking trad, het vrijhandelsverdrag tussen Mexico, Canada en de Verenigde Staten. Zijn voorganger Carlos Salinas had jaren onderhandeld over dat verdrag en het had een feestelijk moment moeten worden. In plaats daarvan bekritiseerden de Zapatistas het verdrag en de neoliberale denkbeelden waar het op was gestoeld. Zedillo besloot hard op te treden en stuurde het leger naar Chiapas.


Maar veel Mexicanen waren onder de indruk van de indianen uit Chiapas, en gingen massaal de straat op om een einde aan het staatsgeweld te eisen. Ook in de rest van de wereld konden de Zapatistas rekenen op grote sympathie. Zedillo bezweek na twaalf dagen onder de nationale en internationale druk en begon een dialoog. Vrede is echter nooit bereikt en hoewel de Zapatistas hun wapens al heel lang niet meer hebben gebruikt, is hun oorlogsverklaring nog steeds van kracht.


'U bevindt zich in rebellerend Zapatista territorium', staat op een bord aan een hobbelig zandpad. 'Hier heeft het volk het voor het zeggen, en gehoorzaamt de regering.' Het bord siert de ingang van caracol Morelia, honderd kilometer van Roberto Barrios.


In de keuken pruttelen zwarte bonen in een enorme kookpot. Lucia, een vrouw van middelbare leeftijd die niet precies weet hoe oud ze is, vertelt over haar opa, die als slaaf werd geboren op een koffieplantage. 'Wij indianen zijn honderden jaren uitgebuit en genegeerd. Eerst door de koloniale machthebbers, toen door de Mexicaanse regering.' Ze praat zacht, in gebrekkig Spaans, maar met grote overtuiging. Ze roostert maistortilla's op het vuur en schept de bonen met rijst in een plastic kommetje voor de houthakkers die zojuist zijn binnengekomen. 'We zijn nog steeds arm', aldus Mauricio, een van de mannen. 'Maar we hebben onze waardigheid herwonnen, de grootste rijkdom die een mens kan bezitten.'


De Zapatistas leven onafhankelijk van de nationale regering in autonome gemeenschappen die bestuurd worden vanuit een caracol. Ze noemen de Mexicaanse overheid de 'Slechte Regering', in tegenstelling tot hun eigen 'Goede Regering'. Ze accepteren geen enkele inmenging van de overheid, runnen hun eigen scholen en ziekenhuizen en weigeren voedselhulp of andere uitkeringen van de staat.


'Wij onderwijzen onze kinderen over de échte geschiedenis in plaats van hen te laten hersenspoelen in de staatsscholen', zegt Adrian, een van de regeringsleden van Morelia. 'Ze leren rekenen en lezen, maar ook hoe ze op het land moeten werken.' In de Zapatista-klinieken werkt men bij voorkeur met geneeskrachtige planten, maar de indianen krijgen ook regelmatig bezoek van sympathiserende artsen die hen de kneepjes van de westerse geneeskunde bijbrengen. 'We weten al hoe we een keizersnede moeten uitvoeren en onze tandarts kan kiezen trekken', aldus Adrian.


Hoewel de autonomie van de Zapatistas niet officieel is erkend door de regering, wordt deze door de lokale autoriteiten gedoogd. Dat blijkt ook als Adrian door een nabijgelegen dorp rijdt en de politie zijn auto aanhoudt. 'Rijbewijs', zegt de agent en kijkt argwanend naar de Europeanen achterin. Adrian wijst zwijgend op de sticker onder het zijraampje: 'Transport van de autonome regering van Caracol Morelia', staat er onder een rode ster. De agent mompelt iets tegen zijn collega en wuift dan met zijn hand. 'Doorrijden.'


De rebellen streven naar een gelijk aantal vrouwen en mannen in de regering. Alcohol is niet toegestaan in hun gemeenschappen. Daarmee hebben ze een van de belangrijkste oorzaken van huiselijk geweld uit de weg geruimd. Volgens Lucia is de verbetering van de positie van vrouwen de grootste verworvenheid van de Zapatistas. 'We hebben een stem gekregen, in andere dorpen in Chiapas worden meisjes nog steeds door hun vaders verkocht.'


Nadat president Zedillo het leger terugtrok, hebben paramilitaire groeperingen weten te voorkomen dat de rebellen hun invloedssfeer verder uitbreidden. Vooral de organisatie Paz y Justicia (Vrede en Gerechtigheid) zaaide in de tweede helft van de jaren negentig angst en terreur.


Iedereen die ervan werd verdacht te sympatiseren en met de Zapatistas was doelwit. De paramilitairen moordden, verkrachtten en joegen boeren van hun land af, vertellen dorpelingen.


Julio Hernández verloor zijn vader. Die werd negen keer in het hoofd en vier keer in de nek geschoten terwijl hij aan het werk was in het maisveld. Faustina Torres (44)moest met haar familie haar dorp ontvluchten vanwege de bedreigingen van de paramilitairen. 'Mijn man heeft het niet overleefd', zegt de vrouw met woede in haar stem. 'Hij is zo vaak in zijn gezicht geschoten dat hij bijna onherkenbaar was toen we hem vonden.'


De slachtpartij van Acteal in 1997, waarbij 19 vrouwen, 18 kinderen en 8 mannen tijdens een kerkdienst zijn vermoord door paramilitairen, is na jarenlang juridisch getouwtrek in Mexico neergelegd bij het Interamerikaanse Mensenrechtenhof. De regering ontkent het bestaan van paramilitaire groepen en er zijn maar weinig daders bestraft voor de misdaden.


'Ik kom de schuldigen nog regelmatig tegen', zegt Domingo Pérez (49), wiens zus Minerva volgens hem op achttienjarige leeftijd door ruim vijftig paramilitairen werd verkracht. 'Ik heb aangifte gedaan, maar daar heb ik nooit meer iets van gehoord.'


'De paramilitairen hebben belet dat de Zapatistas zich verder konden verspreiden', zegt antropoloog Gaspar Morquecho die sinds de jaren zeventig onderzoek doet naar de situatie in Chiapas. 'Maar ze hebben niet kunnen voorkomen dat hun autonome project is voortgezet.' Morquecho schat dat er zo'n 300 duizend Zapatistas zijn (ongeveer eentiende van de bevolking van Chiapas). Precieze cijfers zijn onbekend.


'Het is een feit dat veel rebellen de afgelopen twintig jaar zijn afgehaakt', aldus Morquecho. Deels komt dat door de inzet van paramilitairen, maar ook doordat de Zapatistas er niet in zijn geslaagd de armoede effectief te bestrijden. Hun gemeenschappen behoren nog steeds tot de armste van Mexico.


De Mexicaanse overheid biedt de indianen een uitkering van enkele tientallen euro's per maand in het kader van armoedebestrijding. Zodra ze daarmee instemmen, zijn ze niet meer welkom bij de rebellen. 'Velen accepteren het geld', aldus Morquecho. 'De armoede is te extreem.'


De Zapatistas zijn de eersten om toe te geven dat hun autonomie een lang en moeizaam proces is. 'Wij bouwen een nieuwe wereld, en dat is niet makkelijk', zegt Mauricio, die uitrust in de keuken van Lucia, na urenlang boomstronken in stukken te hebben gehakt. 'Maar we hebben ook geen haast, het is genoeg te weten dat we op de goede weg zijn.'


De namen van de Zapatistas in dit artikel zijn op hun verzoek gefingeerd.


Autonomie werkt, leer je op de Zapatista-school


Sinds Eerste Kerstdag verblijven tweeënhalfduizend 'leerlingen' in de Zapatista gemeenschappen in het zuiden van Mexico, om te ervaren hoe de autonomie van deze inheemse rebellenbeweging er in de praktijk uitziet. 'In onze school laten we zien dat het helemaal niet nodig is de regering te gehoorzamen, dat autonomie werkt', aldus Roberto, bestuurder van Morelia, een van de vijf regeringscentra van de Zapatista rebellenbeweging.


In augustus dit jaar organiseerden ze hun eerste 'schooltje', woensdag ging de tweede van start en begin januari is de derde ronde. De deelnemers slapen vier dagen bij een gastgezin in een autonome gemeenschap, werken met de indianen op het land en bestuderen de filosofie van de rebellen.


Sinds hun opstand in 1994 hebben de Zapatistas een grote aantrekkingskracht uitgeoefend op activisten wereldwijd. De Mexicaanse rebellen hebben een belangrijke invloed gehad op de opkomst en groei van de andersglobaliseringsbeweging, die eind jaren negentig haar hoogtepunt beleefde en zich net als de Mexicaanse indianen keert tegen het neoliberale model.


'De Zapatistas voorzagen in de behoefte aan nieuwe ideeën', verklaart Marianne Maeckelbergh de aantrekkingskracht van de Zapatistas. 'Het communisme en marxisme hadden aan kracht verloren en sinds eind jaren zestig zochten activisten naar een meer horizontale organisatiestructuur', aldus de antropologe, gespecialiseerd in mondiale protestbewegingen.


Duizenden voornamelijk Europese activisten togen in de jaren negentig naar Chiapas om zich te laten inspireren door de Zapatistas. Bij protesten tijdens bijeenkomsten van de G8 en de wereldhandelsorganisatie dragen demonstranten nog altijd T-shirts met de afbeelding van woordvoerder subcomandante Marcos.


De rebellen zijn van plan komende zomer een vierde 'school' te organiseren. 'Wij willen ons gedachtengoed zoveel mogelijk verspreiden', zegt Roberto. 'We hopen dat ook elders in de wereld het volk opstaat en autonomie opeist.'


De naam van Roberto is op zijn verzoek gefingeerd.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden