Zangeres zonder band

Ze kon eenvoudig meegolven op het succes van haar 'familie' Mumford & Sons. Maar Laura Manling ( 23 ) koos voor zichzelf. Haar vierde soloalbum wordt met lof ontvangen.

Laura Marling heeft haar gitaar bij zich en verder niks. De ideale manier van reizen als artiest, zal ze even later zeggen als ze heeft plaatsgenomen in het cafetariagedeelte van de hoofdstedelijke platenzaak Concerto. Een gitaar of, om eerlijk te zijn, twee gitaren, meer heeft ze niet nodig om haar vak te beoefenen. Die band waarmee ze jarenlang in busjes van het ene naar het andere optreden reisde? Weg ermee. Ze hield van de jongens, daar niet van, maar alleen al die ontbijtrituelen al en dat inchecken bij hotels of luchthavens. Nee, dat kan ze best missen, weet ze nu.


En, zo beaamt ze, de liedjes op haar nieuwe plaat Once I Was An Eagle lenen zich uitstekend voor een vertolking zonder band. Zo heeft ze die ook opgenomen. Alleen ingespeeld voor producer Ethan Johns. 'In één keer, zestien liedjes. Slechts een ervan haalde de plaat niet', zegt ze niet zonder trots. 'Niet omdat het geen mooi liedje was, maar het paste niet in het verhaal dat de plaat vertelt.' Een verhaal dat het resultaat is, zo vertelt ze, van wat ze recentelijk aan inzichten heeft verworven over zichzelf en haar gevoelens.


23 jaar is ze pas, maar Once I Was An Eagle is al haar vierde album. En haar meest bejubelde tot nu toe. In eigen land, Groot-Brittannië, maar ook in Nederland honoreerden critici de plaat met de maximale vijf sterren. Ze werd zoals altijd geprezen om haar rijke zang, zowel fluisterzacht als verbeten, maar altijd warm en helder. Bewondering oogstte ze ook voor de manier waarop de liedjes in elkaar overlopen. De eerste vier nummers vormen haast een suite waarnaar je heel goed moet luisteren om door te hebben wanneer het ene nummer afloopt en het volgende begint.


En dan is er nog haar excellente gitaarspel, dat beïnvloed lijkt door traditionele, technisch moeilijk te spelen folk. Zoals al sinds haar debuutalbum Alas, I Cannot Swim gebruikelijk is, dook vervolgens ook nu in de meeste recensies de naam Joni Mitchell op.


'O ja, daar gaan we weer', lacht ze. 'Nou, om eerlijk te zijn, is dat nu net iets minder gemakzuchtig dan voorheen. Het was altijd zo van: meisje met gitaar dat eigen liedjes schrijft met vreemde tempo's en akkoorden, dus hup, daar was Joni weer. Ik vond het prima, want ik ben echt opgegroeid met haar muziek. Het stond thuis de hele dag op. Joni en Bob Dylan, ik kan me niet herinneren hun muziek niet gekend te hebben of dat ik het niet mooi vond. Ze moeten me ook wel beïnvloed hebben. Maar het is zo, hoe zeg je dat, in mijn genen gaan zitten dat ik er niet bij stilsta.'


Maar deze keer, vermoedt ze, zal het wel zitten in de open gitaarstemmingen waarmee ze speelt. 'Die gebruikte Joni ook. Maar ik heb dat juist uit de oosterse muziek gehaald, waarvoor ik me ben gaan interesseren. Dat lekker lang een toon aanhouden, dronen, dat probeer ik ook, vooral in die eerste vier nummers. Ik was eigenlijk bang dat die te saai gevonden zouden worden.'


Bepaald niet, zo weet Marling nu ook. De plaat ligt een maandje in de winkel en het moge duidelijk zijn dat het typisch een album is dat na iedere beluistering meer betovert. Marling zal die middag in een bomvol Concerto wat liedjes spelen en zingen om vervolgens met gitaar op haar rug weer te vertrekken.


Voordat het zover is, vertelt de tengere, zilverblonde zangeres dat de plaat pas echt vorm kreeg toen er sprake was van een openbaring in haar leven. 'Niks minder, echt een revelatie. Zomaar tijdens het liedjesschrijven, en dat heeft mijn hele leven op zijn kop gezet. Ik ben er uiteindelijk zelfs door naar Los Angeles verhuisd. Maar daar kom ik zo wel op.'


Eerst vertelt Laura Marling met graagte over Londen.


Als haar ouders haar niet hadden laten gaan toen ze 16 was, had ze hier nu niet gezeten. Ze heeft haar ouderlijk huis in Hampshire op precies het juiste moment verlaten, denkt ze. In Londen kwam ze vervolgens 'door louter toeval' met veel andere jongens en meisjes in contact die net als zij iets met muziek wilden. 'Een scene was er niet echt, maar je had wel mensen als Jamie T en Adele die liedjes voor zichzelf schreven en probeerden te zingen, net als ik. Tegelijk waren er bands als Noah & The Whale en Mumford & Sons. Overdag schreven we liedjes en namen we onszelf belachelijk serieus, maar 's avonds maakten we lol.'


Marling had relaties met Charlie Fink van Noah & The Whale en Marcus Mumford van Mumford & Sons, ze speelden ook in elkaars band en 'het was echt zo gezellig als het leek, ja. Onderlinge competitie? Haha, welnee joh. We deden wat we leuk vonden en iedereen kreeg op zijn manier zijn eigen kans. Maar als je er een wedstrijd van wilt maken, kan ik wel zeggen dat Mumford & Sons die gewonnen heeft.'


Marling gunt het ze van harte. Zelf kan ze ook al zes jaar leven van haar eigen muziek en ze zegt op dit moment gelukkiger te zijn dan ooit.


En dat allemaal door die revelatie. 'Heel simpel eigenlijk. Het mag een cliché zijn, maar ik werd op een dag echt wakker met het inzicht dat ik een solitair persoon ben. Dat ik het beste alleen ben en functioneer. En vooral dat ik daar volledig vrede mee kon hebben.'


Jarenlang, zo legt ze uit, dacht ze dat ze maar een rare was, omdat ze het liefst alleen aan liedjes schreef of omdat ze het liefst geen gezelschap om zich heen had. Maar ineens was daar het besef dat er niets mis mee is als ik geen zin heb in mensen. En tegelijk het besef dat ik die mensen zo weet te vinden, op momenten dat ik daar wel behoefte aan heb.'


Dat inzicht kreeg verstrekkende gevolgen. Plaat, band en leven zouden erdoor omgegooid worden. Het begint met de plaat. Hoewel Marling benadrukt dat de liedjes fictieve karakters en gebeurtenissen bezingen, komen ze wel voort uit eigen besognes. 'De liedjes op Once I Was An Eagle staan precies in de volgorde waarin ik ze heb geschreven, zo werk ik het liefst. In het begin waren de liedjes best boos, over mezelf en de liefde. Ik wilde, eenmaal de 20 gepasseerd, eindelijk mijn naïviteit bezweren. Maar hoe kun je je echt aan iemand overgeven als je alles rationaliseert? Je moet wel een soort naïviteit toelaten in je leven. Dingen doen puur op je eigen gevoel.'


Die tengere Marling; het is moeilijk voor te stellen dat zij - als adelaar - in het liedje I Was An Eagle haar partner, een duif, dreigt te verscheuren. De muziek klinkt al even dreigend. Sober, haast streng, begeleid door contrabas en percussie, grijpt Marling de luisteraar bij de lurven, om pas na een liedje of zes los te laten. Er komt langzaam meer melodie in de liedjes, meer lucht ook, maar pas op de helft, handig aangeven door een stemmig stukje instrumentaal viool verandert de stemming met het nummer Undine.


Precies wil ze het niet zeggen, maar 'ergens halverwege de plaat kreeg ik dat inzicht over mezelf en veranderde ook de stemming van de liedjes en de muziek. Ik ga meer ontspannen zingen en ben nergens meer bang voor. Ik laat de teugels vieren. Zo ging het ook echt.'


De tweede helft van de plaat klinkt ook echt minder beladen, vrolijk zelfs. De gevoelens van agressie en frustratie van het eerste deel maken langzaam plaats voor berusting en het besef dat je gewoon opnieuw kunt beginnen. 'Had de muziek een kleur gehad dan is het eerst donker en rommelig, langzaam verschiet het naar grijs, terwijl de laatste liedjes in pasteltinten staan.'


Tekst en muziek volgen elkaar knap, iets waarvoor Marling vooral producer Ethan Johns dankbaar is. 'Ik had mijn liedjes klaar en keek vervolgens toe hoe hij daar in acht dagen een heus schilderij van maakte. Ik gaf hem de volledige vrijheid en toen het klaar was, drong pas goed tot me door waar het me allemaal om te doen was geweest.'


Nu moest ze verder doorzetten. Waarom altijd die band mee? 'Ik hou van ze, het voelde als familie maar er komt voor iedereen een tijd je familie te verlaten.' En als ze dan toch alleen is, 'dan het liefst in een stad waar je heerlijk alleen kunt zijn zonder je eenzaam te voelen. Los Angeles dus.'


Een klein jaar nu speelt ze zo. Alleen reizend van stad naar stad. Een manager regelt alles vanuit Londen, maar verder redt ze zich wel. 'Zelf afrekenen na een optreden bevalt prima, je wordt tenminste niet belazerd. En dan gewoon door naar de volgende stad, even soundchecken en tot het optreden de stad in, op zoek naar een platenwinkel. Zo kom ik het liefst de tijd door.'


1969


Laura Marling verzamelt oude vinyl-lp's en heeft sinds een paar jaar haar zinnen gezet op platen uit het jaar 1969.


Het begon met twee platen die een vriend van haar liet horen die werkzaam is bij het in heruitgaven gespecialiseerde label Light In The Attic. 'Hij liet me een plaat van Jim Sullivan horen, U.F.O. en Harlan County van Jim Ford. Ik werd op slag verliefd op deze prachtige soulvolle singer-songwriterplaten en ze bleken beiden uit het jaar 1969 te komen.'


Marling kwam er langzaam achter dat veel van haar favoriete platen uit dat jaar kwamen. 'Natuurlijk ook de eerste platen van Neil Young en Joni Mitchell komen uit die tijd, maar die kende ik al. Ik ging juist op zoek naar soul, funk en psychedelica. Stond er 1969 op de hoes, dan was het bijna altijd goed.'


Extra:Competitie

Laura Marling had verhoudingen met Charlie Fink van Noah & The Whale en Marcus Mumford van Mumford & Sons, ze speelden ook in elkaars band. 'Het was echt zo gezellig als het leek, ja', aldus de zangeres. 'Onderlinge competitie? Haha, welnee joh. We deden wat we leuk vonden en iedereen kreeg op zijn manier zijn eigen kans. Maar als je er een wedstrijd van wilt maken, kan ik wel zeggen dat Mumford & Sons gewonnen heeft.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden