Zalms hattrick als Star Wars-episode

Gerrit Zalm is deze week teruggekeerd op het ministerie van Financiën voor zijn derde termijn. Zo'n hattrick is tamelijk uniek: alleen Piet Lieftinck (drie maal minister van Financiën direct na de oorlog) en P.Ph....

Maar inhoudelijk, als het gaat om het begrotingsbeleid, kan Zalms terugkeer beter vergeleken worden met Star Wars, de wondere wereld van Han Solo, Obi Wan Kenobi, Anakin Skywalker en The Force. Rond eind jaren zeventig, begin jaren tachtig verschenen van deze filmreeks van regisseur George Lucas de delen IV, V en VI (met een piepjonge Harrison Ford als Han Solo), en pas recentelijk zijn deel I en deel II verschenen: terug in de tijd dus.

Na Zalm II (onder premier Wim Kok in Paars I, 1994-1998) en Zalm III (idem in Paars II, 1998-2002), volgt nu Zalm I (onder premier JP Balkenende, 2003-...). En net als met de Star Wars-reeks kun je je als toeschouwer de vraag stellen: was dat omdraaien van de logische volgorde nou wel zo'n goed idee?

Zalm II was een hit. De kiem voor dat succes werd gezaaid in de maanden voorafgaand aan zijn ministerschap toen Zalm, destijds directeur van het Centraal Planbureau, met zijn collega's in de Studiegroep Begrotingsruimte (topambtenaren plus CPB en De Nederlandsche Bank) een nieuw begrotingsbeleid schetste. Het moest afgelopen wezen met het beleid uit de jaren tachtig, waarin het begrotingsbeleid uitsluitend was gericht op het terugdringen van het financieringstekort. Natuurlijk, dat was nodig geweest, omdat de politieke elite het financieringstekort ten tijde van Star Wars IV, V en VI gierend uit de klauwen had laten lopen. Maar de nieuwe minister van Financiën moest een trendmatig begrotingsbeleid gaan voeren: sparen in goede tijden, ontsparen in slechte tijden. Dat was veel beter voor 's lands economie.

In Zalm II en III zien we onze held dat idee ook netjes uitvoeren. Het filmische hoogtepunt vindt plaats in september 2000: een triomfantelijke Zalm doet de Tweede Kamer de heugelijke mededeling dat het financieringstekort zal omslaan in een overschot, voor het eerst sinds 1949. 'De jongensdroom van iedere minister van Financiën', zegt hij. Een succesverhaal.

Maar episode III kent een tweede verhaallijn, die aanmerkelijk somberder is. Zalm en zijn kornuiten uit de Studiegroep hebben een fout gemaakt, destijds, een systeemfout. En die fout wordt, naarmate de top van de hoogconjunctuur hoger en hoger rijst, steeds duidelijker zichtbaar.

De constructiefout heet uitgavenmeevaller. Die meevaller had in 1994 een detail geleken. In een opgaande conjunctuur zouden er wat rentemeevallers zijn en de uitgaven aan sociale zekerheid zouden wat lager zijn dan gemiddeld, en die meevallers zou een kabinet best mogen uitgeven aan andere nuttige zaken. Als de inkomstenmeevallers maar gebruikt werden voor het opbouwen van een financiële buffer (of belastingverlaging). Aldus afgesproken in twee opeenvolgende regeerakkoorden.

Maar de uitgavenmeevaller ontwikkelt zich in Zalm III van een vriendelijk groen kabinetsvriendje tot een monster dat uit is op Zalms vernietiging. In plaats van een paar honderd miljoen, of zelfs een miljard, groeit de uitgavenmeevaller aan tot een miljardenprobleem. De schatkist puilt uit van het geld. En omdat - afspraak is afspraak - dat geld mag worden uitgegeven, verdringen de ministers zich rond de schatkist om voor hun departement een zo groot mogelijk deel van de buit binnen te halen.

Deze tweede verhaallijn komt samen met het succesverhaal als Zalm in september 2000 triomfeert in de Tweede Kamer. Hij realiseert zich dondersgoed dat dit een eenmalig feestje is.

In Zalm I, waarvan we tot nu toe alleen de openingsscène hebben gezien (Zalm neemt ontspannen het roer over van Hans Hoogervorst) keren we in feite terug naar de jaren tachtig. Niet zozeer omdat in het script, het hoofdlijnenakkoord tussen CDA, VVD en D66, het begrotingsbeleid weer in het teken staat van het terugdringen van het financieringstekort, met 0,5 procent per jaar. Dat was domweg onvermijdelijk nadat de uitgavenmeevaller zo ongenadig had toegeslagen in Zalm III. Nee, het is terug in de tijd omdat de ervaringskennis die is opgedaan in Zalm II en Zalm III in Zalm I niet bekend wordt verondersteld.

In de financiële bijlage bij het hoofdlijnenakkoord lezen we dat inkomstenmeevallers zullen worden gebruikt om het financieringstekort terug te dringen. Maar als het gaat om de uitgaven staat er dit: 'Voor de uitgaven geldt een onderscheid in drie sectoren (rijksbegroting, sociale zekerheid, zorg). Voor elke sector wordt een reëel uitgavenplafond vastgesteld (een maximum dus, aan de uitgaven, FK). Elke sector behoort eventuele overschrijdingen binnen het uitgavenplafond te compenseren.'

Geen woord over het monster dat ons in Zalm III op het puntje van onze stoel deed zitten. Dus als de conjunctuur volgend jaar aantrekt, en tegen het einde van Zalm I lekker op stoom komt, steekt ook het uitgavenmeevallertje zijn groene kop weer uit de schatkist.

Wij kijkers weten dan: hij ziet er schattig uit, maar het is een monster.

May The Force be with us.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden