Zagen is geen kunst meer (of juist wel?)

Hoe lang is een zaag? twee keer zo lang als een brood. Of men doet twee vlakke handen naar voren met tussen de handen zoveel ruimte als men denkt dat een zaag lang is.'Zo lang'....

Een zaag is 22 duim. Meestal. Maar waarom?

Een krant heeft een kunstredactie waar veel mensen werken aan veel bureaus. De kunstredacteuren houden voor de lezers in de gaten of er soms nog nieuwe schilderijen bijgekomen zijn. Ze schrijven wat er op de schilderijen staat, welke films niet goed zijn, of er iets vertolkt wordt op violen, ze gaan naar Doe Maar en vertellen in de krant hoe een balletvoorstelling eraan toegaat tegenwoordig.

Het is belangrijk voor de lezers, het is grootcultuur en de krant houdt ons ervan op de hoogte met man en macht. Maar waarom is er dan niet ook een gereedschapsredactie?

Iedereen weet dat in België de gitaren van Doe Maar zijn gestolen, kunst, maar niemand leest op de voorpagina over de komst van de nieuwe Sandvik 3000-15-gc, een handzaag. Door de eenzijdige grootculturele belangstelling van de media wordt ons een enorme schat aan kennis en goed nieuws onthouden. Een zaag van maar 15 duim lang, 37,5 centimeter, past in elke speelgoedkist en zo ziet de nieuwe zaag er ook uit. Speelgoed. Even flitste het door mijn hersens, maar ik weet niet of ik het mag denken: een vrouwenzaag.

Kleine zagen zijn op zichzelf geen nieuws, voor allerlei doeleinden zijn er kleine zagen. Maar de timmerman heeft altijd ook de grote bij zich. De gewone handzaag voor planken en balken. De nieuwe Sandvik is ook zo'n gewone zaag, maar klein. En hij doet het fantastisch, nu kan iedereen zonder ambachtsschool van een ledikant een klaptafeltje maken. De zaag wil niet eens scheef, hij tovert zich door de planken heen. Door balken ook, en kaarsrecht dwars door de keukenstoel. Zagen is geen kunst meer, stom doen is bijna onmogelijk..

Zo klein, zo goed. Waarom zijn de andere handzagen dan zo groot?

Het is een half minuutje stil als we de Sandvik-zagenman vragen waarom er grote zagen zijn als deze kleine hetzelfde kan. Je zult daar zelfs gek zijn om een grote te kopen, begrijpen we uit de uitleg die volgt. Een lange zaag heeft de neiging te gaan slingeren bij de neergaande beweging en de punt kan gaan trillen. Vooral bij dun materiaal, zoals een plaat multiplex, kan een lange zaag erg vervelend doen. Alleen voor veelzagers en vaklui heeft een lange zaag nut, door de lange halen zaagt hij sneller en dat telt bij een hele dag zagen.

Snelheid is betrekkelijk. Je hebt Stanley en je hebt Sandvik. Die twee hebben de afgelopen jaren de snelheid van hun handzagen aanzienlijk weten op te voeren. Daar heb je het weer, dat heeft niet in de krant gestaan, wel de klapschaats, niet de Jetcut van Stanley, een racemachine die het zaagrecord van de nieuwe Sandviks met xt-vertanding eventjes bedreigde. Nou kan het de particulier die een ledikant gaat timmeren niet schelen wat voor tanden een zaag heeft. En ook de snelheid is niet van belang, maar of de zaag het doet, recht en niet in zijn been.

Handzagen zijn heel lang van een niet al te harde staalsoort geweest, en dat was maar goed ook: het zachte staal kan door timmerman en particulier met een vijltje geslepen worden. De tanden in de zaag werden om en om scheef gezet. Scheef ten opzichte van het zaagblad. Daardoor werd de zaagsnede wat breder dan het zaagblad dik was. Het zaagsel kon langs het blad de zaagsnee uitkruipen. Het ging lang goed, maar een foute beweging bij het zagen had op de zaag hetzelfde effect als een fietswiel in de tramrails: een slag in je wiel. Bovendien hadden handzagen die niet goed gezet of geslepen, of niet goed behandeld waren door de gebruiker, de neiging scheef te gaan zagen en zelfs rond.

Sandvik ontwikkelde begin jaren negentig een zaag met keiharde, vlijmscherpe tanden die in een wat andere hoek stonden dan tot dan gebruikelijk. xt-vertanding werd het genoemd. Wie de zaag onder een vergrootglas bekeek, zou zich bekocht hebben kunnen voelen. Om de paar vlijmscherpe tandjes in de zaag was er eentje korter. Dit ogenschijnlijk nutteloze tandje had de functie van bezem. Het zaagsel in de zaagsnede werd erdoor weggeduwd in de richting die de zaag ging. Het effect was verbluffend. De nieuwe Sandvik zaagde veel makkelijker (dus sneller) en nauwkeuriger.

Stanley was even nergens meer in de zagerij, maar sloeg toen terug met een snelle zaag die de lelijke naam Jetcut kreeg. Bij Sandvik spreken ze wel met eerbied over de snelle Stanley, maar dan verschijnt toch de grijns op het gezicht van de Sandvik-man: 'Een snelle zaag, zeker, maar ¡s hij dat over een jaar nog?'

Als we twintig ledikanten verder zijn zullen we het weten (wie heeft er nog een houten bed nodig?), maar intussen is Sandvik al twee zagen verder. Twee nieuwe, waarvan het wondermooie 3000-15-gc vrouwenzaagje (pardon pardon) ons hart al stal. Voor de man die groot wil en heel veel wil zagen, is er een zaag met een coating. Een grijszwarte huid van materiaal dat lijkt op de laag die op anti-aanbakpannen zit. Deze zaag doet het werk bijna helemaal zelf. Hij glijdt door de plank en vraagt - afhankelijk van de richting waarin de zaag door de houtvezels snijdt - twintig tot vijftig procent minder energie van de timmerman.

Deze Zweedse Superior 2600, low friction, rust resistant, tweeëntwintigduimer met ergonomische handgreep voor het lekkere vasthouden, doet het niet alleen heel goed, maar is ook nog eens schitterend mooi. En wie is er voor het mooi? Daar gaat de kunstredactie over. Zie je nou, dat is het, dat kunnen ze van de kunst er misschien nog wel bij doen, het nieuws over gereedschappen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden