Zachte, poëtische jazzman

Hij werd verafgood door generaties jazzgitaristen. De Amerikaan

Hij werd op handen gedragen door generaties jazzgitaristen, van John Scofield tot Pat Metheny en Bill Frisell. Jim Hall, de meester van de fijnbesnaarde cooljazz en bebop en een onverzettelijk baken van de jazzgitaar, overleed dinsdag op 83-jarige leeftijd. Hij laat een onafzienbaar gitaaroeuvre na, in plaatopnamen en composities.


James Stanley Hall (Buffalo, New York, 1930) kreeg op 10-jarige leeftijd een gitaar als kerstcadeau en bleef een leven lang verliefd op het instrument. In Cleveland, Ohio, studeerde Hall muziektheorie en aanvankelijk nog piano en contrabas, maar later verlegde hij zijn interesse toch weer naar de klassieke gitaar.


Midden jaren vijftig verhuisde Hall naar Los Angeles, waar hij al snel werd opgenomen in het in die dagen opkomende cooljazzcircuit. In 1955 werd Hall, inmiddels een begaafd en technisch gitaarspeler, ingehuurd door de bandleider en drummer Chico Hamilton, voor diens kwintet.


Jim Hall ontwikkelde een unieke, onderkoelde en verhalende stijl, en wist met zijn intense maar terughoudende poëtische spel de uiterste concentratie van de luisteraar te vangen. In interviews gaf Hall aan vooral te zijn beïnvloed door tenorsaxofonisten als Lester Young en Coleman Hawkins, meer dan door illustere voorgangers op de gitaar. Het kenmerkte zijn geluid; rond en parelend, zacht en helder, nooit driftig of kleurend buiten de lijnen. Hall wilde imponeren met zijn improvisaties en melodieën, liever dan met vingervlugheid of technisch geraas over de snaren.


Hall, die dankzij zijn introverte stijl naam kreeg als ideale begeleider, werd gevraagd door grootheden als Ella Fitzgerald, Ben Webster, Bill Evans, Lee Konitz en Sonny Rollins. Met de tenorsaxofonist Rollins nam Hall in 1962 de klassieke bopplaat


The Bridge op, een album vol dichterlijke dialogen tussen de rauwe Rollins en de fijnzinnige Hall.


Vanaf de late jaren zestig nam Hall onder eigen naam een lange reeks platen op, waaronder het introspectieve en soms fluisterzachte live-album Alone Together, met bassist Ron Carter. Hall bleef gedurende de jaren tachtig en negentig actief als muzikant en componist en liet zich begeleiden door jazz-grootheden als Art Farmer, Wayne Shorter en Michel Petrucciani.


Tot op zeer hoge leeftijd bleef Hall een spraakmakend jazzmuzikant. Midden jaren nul speelde hij met musici als Greg Osby, Joey Baron en Bill Frisell. In 2004 werd Halls compositie Peace Movement, een concerto voor gitaar en orkest, uitgevoerd door het Baltimore Symphony Orchestra. Vorig jaar nog speelde Hall een serie concerten in de club Blue Note in


New York.


Afgelopen dinsdag overleed Hall, volgens zijn vrouw en dochter in de geest van zijn muziek: vredig.


Jim Hall imponeerde met zijn unieke, ingetogen stijl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden