Yves Saint Laurent

De modeontwerper is net een half jaar dood en nu gaat zijn verbluffend klassieke kunstcollectie onder de hamer...

Het fenomeen Sarah Palin boeide me in 2008 mateloos, maar toch net niet zodanig dat de cover van het januarinummer van Vanity Fair me bijzonder aansprak: een gelikte foto van comédienne Tina Fey, die in Amerika definitief doorbrak met haar Palin-persiflages. Het meest leesbare tijdschrift aller tijdschriften, vaak goed voor een halve dag leesplezier, had deze maand weinig boeiends te bieden, dus ik twijfelde in het kader van de bezuinigingen even over de aanschaf. Maar toen zag ik dat de kunstcollectie van Yves Saint Laurent erin aan de orde kwam.

Dat de vorig jaar overleden Saint Laurent en zijn partner Pierre Bergé een goede neus voor kunst hadden, is een understatement. Allemachtig: Yves’ appartement aan de Rue de Babylone in Parijs (Mick Jagger woont er tegenwoordig boven) was volgestouwd met de betere Picasso’s, Légers, Matisses en maar liefst vijf Mondriaans. Ze vallen op de foto’s amper op in een totale wirwar van beelden, beeldjes, vaasjes en meubels. Saint Laurent was in zijn jonge jaren niet per se rijk; hij kocht zijn art deco op het moment dat dealers het aan de straatstenen niet kwijt konden. Pas toen zijn parfum Opium in 1977 op de markt kwam, stroomden bij Saint Laurent en Bergé de miljoenen binnen, en die vlogen er net zo makkelijk weer uit ten faveure van de kunstverzameling. De heren kochten alleen de allerbeste werken, waaraan niks gerestaureerd mocht zijn. Afdingen deden ze niet.

De foto’s tonen een spectaculaire collectie, maar ook een verrassend traditionele voor een ontwerper die de grote vernieuwer van de mode in de twintigste eeuw was. In vergelijking met de nog immer hippe Karl Lagerfeld en de bizarre Pierre Cardin was er thuis bij Yves niks moderns aan. Hetgeen wel weer klopt met wat ik me herinner van een van zijn laatste coutureshows die ik acht jaar geleden zag: een deftig spektakel, maar ook slaapverwekkend saai en tuttig. Aan de genialiteit van Saint Laurent deed dat overigens weinig af, en ik zou ook niet protesteren als ik de rest van mijn leven van top tot teen in de kleren van YSL moest lopen.

Had de collectie niet haar eigen museum moeten krijgen? Nee, daarvoor is Bergé toch net te veel zakenman en iets te weinig romanticus. De boel moet, amper een half jaar na de dood van Yves, weg. Alleen twee Warhols mogen blijven, en het allereerste kunstwerk dat ze samen kochten: een Afrikaans houten beeld van een vogel dat op regenachtige dagen ‘nogal stinkt’, aldus Bergé. De rest is op 23, 24 en 25 februari in het Grand Palais in Parijs voor de hoogste bieder: van de Mondriaan die ooit bij Helene Kröller-Müller aan de muur hing tot een beeld van Brancusi dat alleen al 15 miljoen euro op moet leveren. De meeste werken zullen wel richting Rusland verdwijnen, maar het geld krijgt een goede bestemming. Bergé stopt een flink deel van de opbrengst in een nieuwe stichting voor onderzoek naar de genezing van aids.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden