Reportage Familiehereniging Korea

Yoon Heung-gyu ziet na 69 jaar zijn familie uit Noord-Korea terug – nu pas hoort hij wie er nog leeft

De 91-jarige Yoon Heung-gyu poseert met drie flessen drank en een sprei die hij cadeau kreeg van zijn Noord-Koreaanse familie. Foto Jean Chung

Hij was 22 toen hij zijn familie in het noorden van Korea voor het laatst zag en hij hoorde nooit meer wat van ze. Yoon Heung-gyu (91) is nu ingeloot voor een reünie van gescheiden families. Jeroen Visser volgde hem op weg naar de ontmoeting met zijn verwanten.

De 91-jarige Yoon Heung-gyu loopt voorzichtig de trap af naar zijn ‘kantoor’, de kelder van een kerkje niet ver van zijn flat in het zuiden van Seoul. Zodra hij beneden het licht aanklikt, is duidelijk waarom hij hier wil afspreken. Aan de wanden hangen tientallen foto’s van memorabele momenten in zijn leven. Yoon als lid van de nationalistische jeugdbeweging, Yoon met pistool op de heup als beveiliger van president Eisenhouwer tijdens de Koreaanse Oorlog, Yoon die wordt gehuldigd voor zijn werk als kalligraaf. In een grote vitrinekast staan al zijn oorkondes, foto’s met hoogwaardigheidsbekleders en militaire onderscheidingen tentoongesteld.

Impasse in de gesprekken

Sinds de Amerikaanse president Donald Trump en de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un in Singapore afspraken ‘te werken aan denuclearisatie van het Koreaanse schiereiland’ zijn de vervolgonderhandelingen in een impasse beland. Beide partijen beschuldigen elkaar ervan de boel te doen stagneren.

Noord-Korea heeft sinds Singapore kleine stappen gezet, zoals de ontmanteling van wapeninstallaties en de overdracht van 55 stoffelijke resten van Amerikaanse soldaten die omkwamen in de Koreaanse oorlog. Tegelijk waarschuwt het Internationale Atoomagentschap ervoor dat Pyongyang doorgaat met de ontwikkeling van kernwapens.

De komende tijd wordt Pyongyang het toneel van een diplomatiek offensief, met volgende week het vierde bezoek van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Pompeo, gevolgd door een tweede top tussen Kim en de Zuid-Koreaanse president Moon, eind september. Ook wordt gespeculeerd over een bezoek van de Chinese president Xi.

De beide Korea’s schroeven intussen de samenwerking op. Tijdens de Aziatische Spelen in Indonesië vormen de landen weer gezamenlijke sportteams en Moon ontvouwde vorige week plannen voor meer economische samenwerking.  

Zijn zwarte haar is in de jaren wat dunner geworden, maar de scheiding is nog altijd even onberispelijk als tijdens de oorlog. Ook in zijn spreken is de 91-jarige nog een beetje een militair: hij gebruikt korte zinnen, wijdt niet graag uit over gevoelens en praat het liefst over zijn successen. Zo laat hij trots de lesboeken Chinese kalligrafie zien die hij zelf maakte. Nog altijd geeft hij hier les aan buurtkinderen. ‘Ik heb mijn leven in dienst gesteld van mijn land’, zo vat hij het samen.

Voor dat rijke leven betaalde Yoon wel een grote prijs. In 1948 verliet hij, 22 jaar pas, zijn ouders, twee broers en zijn zusje in Noord-Korea om in het zuiden een nieuw leven op te bouwen. Het kersverse communistische bewind had hun huis in de westelijke stad Chongju afgepakt en de familie in ‘een kleine hut’ ondergebracht. Yoon kon het niet verkroppen en vertrok. Zijn moeder pakte hem bij zijn vertrek vast en zei: ‘Misschien zie ik je pas over een jaar of drie weer, dus wees voorzichtig en blijf gezond.’

Het liep anders. Na de Koreaanse oorlog (1950-53) ging de grens tussen het communistische noorden en het kapitalistische zuiden op slot. Zelfs telefoon- en briefverkeer was nooit meer mogelijk.

Het grootste gedeelte van zijn leven bracht Yoon zo noodgedwongen zonder familie door. Zijn vrouw overleed jong aan kanker en kinderen hadden ze niet. Aan zijn familie probeerde hij niet te vaak te denken. ‘Dat had toch geen zin’, zegt Yoon.

Tot afgelopen juni de telefoon ging. Een medewerker van het Rode Kruis vertelde Yoon dat hij was ingeloot voor de komende reünie voor gescheiden families. De Zuid-Koreaanse president Moon Jae-in en de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un hadden eerder dit jaar afgesproken de herenigingsdagen voor het eerst sinds 2015 weer toe te staan.

Yoon Heung-gyu. Foto Jean Chung

De onherroepelijke scheiding van ouders en kinderen en broers en zussen – indirect het gevolg van de opdeling van Korea na de Tweede Wereldoorlog – is een van de grootste menselijke tragedies op het Koreaanse schiereiland, die door alle aandacht voor de militaire spanningen vaak aan het oog ontsnapt. Extra wrang is dat dit onrecht voor de meeste betrokkenen nooit zal worden rechtgezet. Ruim 75 duizend Zuid-Koreanen die zich ooit hebben ingeschreven bij het Rode Kruis voor een reünie zijn inmiddels al overleden. De meeste van de resterende 56 duizend ouderen op de lijst zullen sterven zonder dat ze hun ouders, kinderen, broers of zussen weer zullen zien.

Pas in 2000 spraken de Korea’s af regelmatig reünies te gaan organiseren. Dat was ook de tijd dat Yoon zich aanmeldde. De kans op deelname bleef echter miniem. Niet alleen zijn de reünies spaarzaam – sinds 2000 zijn er twintig edities gehouden, op het evenement is slechts plek voor honderd deelnemers van beide zijden. Met name Noord-Korea heeft bezwaren tegen een grootschalig en frequent herenigingsprogramma, waarschijnlijk omdat het totalitaire regime vreest voor beïnvloeding van de bevolking van buitenaf. Ook gooien spanningen over het kernwapenprogramma van Pyongyang nogal eens roet in het eten.

Foto’s van de familie van Yoon Heung-gyu. Foto Jean Chung

Daags voor de reünie heeft Yoon de nette kleren al aan die hij tijdens het evenement zal dragen: een wit overhemd, blauwe blazer en rode das, vastgezet met een gouden dasspeld.

Yoon weet dan al dat hij zijn ouders niet meer zal zien. Op de lijst die hij van het Rode Kruis retour kreeg, kon hij in een oogopslag het lot van zijn hele familie zien. Zijn ouders en oudere broer zijn overleden, zijn moeder al in 1973. Van zijn jongere broer heeft het Rode Kruis niet kunnen achterhalen of hij leeft. Er is één lichtpuntje: zijn veertien jaar jongere zus leeft nog, evenals de 77-jarige dochter van zijn oudere broer.

‘Natuurlijk was ik verdrietig’, zegt Yoon. ‘Maar ik ben ook opgelucht dat ik mijn zus en nichtje zal kunnen zien.’

Naast hem ligt een opengeslagen koffer met spullen die hij voor de twee heeft gekocht: sokken, ondergoed, medicijnen, een nepgouden nagelset en een paars-roze hanbok, een traditioneel Koreaans gewaad. Ook neemt hij 500 dollar in contanten mee.

Dat kan de familie goed gebruiken. In het door voedseltekorten en internationale sancties getroffen Noord-Korea is veel nood. De VN schatten dat 10 miljoen burgers ondervoed zijn.

Yoon weet al wat hij zijn zus gaat vragen. Hij wil weten waar zijn ouders zijn begraven en hoeveel kinderen en kleinkinderen zijn broers en zussen hebben gekregen. Hij is niet zenuwachtig, zegt hij. ‘Misschien huilen we een beetje, maar daarna eten we samen en zullen we het over onze ouders hebben.’

Yoon Heung-gyu bij zijn kantoortje in Seoul. Foto Jean Chung

Maandag 20 augustus worden Yoon en 88 andere bejaarde Zuid-Koreanen, van wie de oudste 101 is, na een laatste gezondheidscheck in bussen de zwaarbewaakte grens overgebracht naar het Kumgang-bergresort in Noord-Korea. Van de 100 geselecteerden zijn er 11 vanwege gezondheidsproblemen afgevallen.

In de met kroonluchters behangen lobby van het Kumganghotel krijgt Yoon tafelnummer 47 toegewezen. Zijn familie wacht op hem in de vide van de lobby, zo vertelt een medewerker.

Om Yoon heen sluiten familieleden elkaar in de armen. Zo is daar de 92-jarige Lee Geum-seom, die voor het eerst sinds de oorlog haar zoon, die nu 71 is, weer ziet. Voor het oog van de camera’s rent de frêle vrouw naar haar tafel en vliegt ze haar zoon om de hals. ‘Mijn baby, mijn baby’, roept ze.

Als Yoon bij zijn tafel komt, ziet hij niet twee vrouwen maar twee mannen die hij niet kent. Het blijken de man van zijn zus en de man van zijn nichtje te zijn. Zijn zwager legt uit dat de vrouwen door gezondheidsproblemen niet in staat waren de reis te maken. Yoon is sprakeloos. ‘Ik was boos en verdrietig. Wat moest ik met die mannen?’, vertelt hij als we hem een dag na de reünie weer zien.

Yoon besluit er het beste van te maken. Op tafel staat water, Noord-Koreaanse sterke drank en een bordje met twee appels en een mesje. Noord-Koreaanse serveersters in roze hanboks brengen nog meer eten en drinken. De mannen van de koude kant van zijn familie blijken aardige kerels. Ze drinken veel, maken grappen en praten Yoon aan de hand van foto’s bij over het lot van de familieleden. De broer die het Rode Kruis niet kon lokaliseren, is een paar jaar geleden overleden. De kleinkinderen van zijn broers en zussen doen het goed op school.

De reünisten krijgen verdeeld over drie dagen precies elf uur gesprekstijd. Een paar uur daarvan is privé: op dinsdag ontmoet Yoon zijn twee mannelijke familieleden op hun hotelkamer. Alle deelnemers hebben van tevoren een duidelijke instructie meegekregen: niet over politiek praten. Dat past niet bij het beleid van de totalitaire dictatuur die Noord-Korea is. Hierdoor hoort Yoon weinig over het dagelijks leven van zijn familie. Wat voor werk ze deden, of ze genoeg te eten hadden: het is allemaal te politiek gevoelig. Yoon vraagt ook niet door. ‘Ik wilde ze niet ongemakkelijk maken.’

Woensdag keerde Yoon ‘verdrietig’ naar huis, met in zijn koffer de foto’s, drie flessen Noord-Koreaanse sterke drank en een groene bedsprei. ‘Natuurlijk is het beter dan niets en ben ik blij met alles wat ik heb gehoord over mijn familie’, zegt Yoon, terwijl hij met een bruine stift een beschadigde zwart-witfoto van zijn moeder bijkleurt. ‘Maar ik heb het doel van mijn reis niet kunnen vervullen.’

Zijn zwager en de echtgenoot van zijn nicht schreven op zijn verzoek het adres van zijn zus op een velletje papier, dat Yoon demonstratief omhoog houdt. ‘Natuurlijk kan ik ze niet schrijven, maar mocht het land ooit weer één worden, dan weet ik in ieder geval waar ik naar toe moet.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.