Wreed dringt zich het besef op van ons eigen naderende ‘hora est’

Zes auteurs vertellen om de beurt over de dilemma's van hun generatie. Helga Ruebsamen (1934), Ger Thijs (1948), Rob Vreeken (1953), Philippe Remarque (1966), Rachida Azough (1975) en Anna Woltz (1981)....

Rob Vreeken

Vrijdag 13 oktober om 13.45 uur promoveert drs. K. Jongenelis aan de Vrije Universiteit te Amsterdam op het proefschrift Depression in Dutch nursing homes.

Ik maak daar melding van omdat het een zeer belangwekkende dissertatie is, die het verdient in brede kring gelezen te worden, maar toch ook een beetje omdat drs. K. Jongenelis mijn schoonzusje is.

Het woord ‘zusje’ klinkt naar beugelbekkie, naveltruitje en eindexamenfeest, maar daarvan is geen sprake. Lineke is een vrouw van 51 met een echtgenootachtig voorwerp thuis op de canapé en drie bakbeesten van zoons die er, mochten ze al niet volwassen zijn, er in ieder geval zo uitzien.

Naarmate de plechtigheid nadert, krijgen de zenuwen Lineke meer in hun greep. Niet omdat de promotie een examen zou zijn, waarvoor je kunt zakken als je de vragen niet goed beantwoordt. Integendeel, een promotie is zoiets als afzwemmen voor je A: de diploma’s en de vrolijk beschilderde tegeltjes van de KNZB liggen al klaar, en al zink je tijdens de 3 x 25 meter schoolslag reddeloos naar de bodem van het zwembad, geen badjuf is zo wreed om je ten overstaan van opa’s, oma’s en ouders ongediplomeerd naar het kleedhok te sturen. De zogenoemde ‘openbare verdediging’ van de dissertatie bestaat eruit dat de vragen van vijf ernstig kijkende hoogleraren worden beantwoord met ingestudeerde dooddoeners, na een half uur komt er een idioot binnen in een operettekostuum die ‘hora est’ roept – Latijn voor ‘het is over met het geouwehoer’ – en dan is het verder vrij zuipen.

De grootste zorg van de promovenda op het moment is dan ook niet ‘Blijf ik overeind tegenover de promotiecommissie?’, maar het meer profane ‘Wat trek ik aan?’, een vraag die naar het schijnt nog altijd niet is beantwoord.

Omdat Lineke is opgeleid tot arts en ook als zodanig werkzaam is, wordt zij vaak met ‘dokter’ aangesproken, maar vanaf 13 oktober mag zij zich dus ook ‘doctor’ laten noemen. Wat het verschil is tussen een dokter en een doctor weten slechts weinigen, en hóren kun je het al helemaal niet. Waarom doet iemand van rond de 50 dan zo veel moeite te promoveren?

Leuk kan het schrijven van een proefschrift niet zijn. Als ik het nawoord mag geloven was het één martelgang van leed, zweet, vertwijfeling, fysieke roofbouw en existentiële crises, en heeft een lange stoet bij naam genoemde vrienden, collega’s en familieleden de auteur moeten aanmoedigen de 2 x 25 meter rugslag te volbrengen.

Ook het onderzoek moet een hel zijn geweest. Het was gebaseerd op interviews met de bewoners van enkele verpleeghuizen, maar van de betrokken personen, zo lees ik op pagina 63, stierven er 58 voor het gesprek kon plaatsvinden, 46 konden niet worden geïnterviewd wegens acute kwalen, terminale ziekte of coma, 217 patiënten waren door ‘ernstig cognitief disfunctioneren’ niet in staat vragen te beantwoorden, 204 patiënten waren te doof, konden niet praten of leden aan afasie, 235 patiënten weigerden ook maar één woord met de onderzoekster te wisselen. En aan het handjevol resterende bejaarden op zaal dat dan nog wel tot een gesprek in staat was, legde de onderzoekster dus – in dit gerontologisch umfeld van sterven, lijden en gebrek – de vraag voor of ze het nog een beetje zagen zitten.

‘Reken maar van yes!’, heeft er ongetwijfeld een geroepen, en twee vrouwelijke respondenten schijnen spontaan uit hun leunstoel te zijn gesprongen voor een uitvoering van de vogeltjesdans, maar de meeste verpleeghuisbewoners gaven toch uiting aan een zekere mate van somberheid.

Het is een lot dat velen van ons te wachten staat, en misschien schuilt juist daarin wel het waarom van die promotie. Aan het cohort van 50-plus dringt zich wreed het besef op van ons eigen naderende hora est. Als we nog één keer willen vlammen, nog één keer een lang gekoesterde ambitie verwezenlijken, dan nú.

Vandaar dat mijn beminde schoonzusje op 13 oktober om 13.45 uur verandert in dr. K. Jongenelis.

Daarna dansen we als jonge honden de nacht in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden