Wraak, maar wel zonder een herhaling van Vietnam

De aanslagen van 11 september in New York en Washington moeten gewroken worden, vinden de meeste Amerikanen. Maar voorlopig wachten ze geduldig af....

Is dat Joan Baez die daar zingt? Het klinkt zacht, dromerig en vooral vreedzaam. De zachte stem waait tussen spandoeken met ouderwetse Ban de Bom-tekens en vrolijke papier-maché vredesduiven waaronder demonstranten dansen. In gedachten hoor je, als je de scène even verplaatst naar Nederland: George Bush - molenaar!

Wij zijn de kinderen van de anti-Vietnamgeneratie, beaamt Janet Sawyer, een studente uit Boston met zwartgeverfd haar en een piercing in haar wenkbrauw. Ze ligt ontspannen in het gras van het Freedom Plaza - tussen het Witte Huis en, iets verder, het Capitool - achter een bord waarop staat: Onze regering herbergt ook terroristen.

Wie dan?, is de voor de hand liggende vraag. 'Wie!?', vraagt ze verontwaardigd. 'Onze hele regering is terroristisch. Wij vermoorden miljoenen kinderen met het embargo tegen Irak. Of in Sudan, daar doen we hetzelfde.' Aanvankelijk was ze van plan naar Washington te komen om te demonstreren tegen de geplande bijeenkomst van de Wereldbank en het IMF, maar nu die zijn afgelast na de terreuraanslagen in New York en Washington, is er een andere reden: voorkomen dat de VS zich in een nieuwe Vietnamoorlog storten.

'De regering wil dat we ons achter het gebruik van geweld scharen en dat we accepteren dat onze vrijheden worden weggenomen', zegt medestudent Scott Matthew. 'Ze willen kanonnenvoer van ons maken. Ze doen net alsof iedereen oorlog wil, maar dat is helemaal niet zo.'

Het lijken de jaren zestig, maar de leuzen klinken iets zakelijker. In plaats van Make love, not war heet het nu: Gerechtigheid, maar geen oorlog. Maar voor sommigen gaat gerechtigheid nog te ver. De reden dat we werden aangevallen is vergelding, leert een van de demonstranten. Het is kwalijk dat ze het hebben gedaan, maar ze hebben geen scholen of huizen gebombardeerd, maar het Pentagon en het World Trade Center, het symbool van het kapitalisme.

Hier en daar weerklinken de dwaze geruchten die sinds de aanslagen op het Internet de ronde doen. Het was vast het werk van de Israëlische geheime dienst, weet een betoger. Heb je gehoord dat alle joden die in het World Trade Center werkten die dag niet op hun werk waren?

Even verder komen drie in het zwart geklede demonstranten aangesneld. 'Ze houden ons tegen!', roept een van hen vanachter de donkere zakdoek die hij voor zijn mond heeft gebonden. 'Het is complete oorlog!'

Achteraf blijkt het wel mee te vallen. Inderdaad is het hier en daar tot botsingen gekomen tussen de politie en radicale anti-globaliseringbetogers die probeerden op te trekken naar het hoofdkwartier van de Wereldbank. Maar gewonden zijn er niet gevallen.

Voor de demonstranten is het verband tussen president Bush, de oorlog tegen het terrorisme en het mondiale kapitalisme duidelijk. De regering-Bush en de grote bedrijven hebben alles geregeld. 'Wij moeten onze ledematen en ons leven opofferen en het bedrijfsleven gaat door met massale ontslagen', waarschuwt een van de sprekers. Sommige voorbijgangers reageren kwaad. 'Landverraders!', klinkt het vanaf het trottoir.

Maar de meesten lopen schouderophalend door. 'Ik ben het niet met hen eens, maar die lui hebben het recht om te protesteren', zegt verzekeringsagent Bob Wilson, die met zijn twee zoons naar de demonstratie is komen kijken. 'Maar je vraagt je af waarom. Wat hebben wij nu eigenlijk gedaan? We zijn aangevallen, maar we hebben nog niets teruggedaan!'

Politieke waarnemers en diplomaten voorspelden na de schokkende aanslagen op het World Trade Center en het Pentagon dat de regering-Bush onder zware druk zou komen te staan om in ieder geval een symbolische vergeldingsaanval uit te voeren. Maar in plaats van bombardementen te beginnen op Afghanistan, laat staan zich blindelings in een nieuw Vietnamavontuur te storten, houdt de regering-Bush zich tot nog toe in. Je merkt dat ze zich er heel goed van bewust zijn dat ze niet iets overhaasts moeten doen, iets waardoor de situatie alleen maar erger wordt, zegt een diplomaat. Vandaar dat massale vergeldingsbombardementen voorlopig zijn uitgebleven.

Het lijkt er ook op dat de plannen van de haviken in de regering-Bush om in het kader van de oorlog tegen het terrorisme voorgoed af te rekenen met de Iraakse leider Saddam Hussein, voorlopig in de ijskast zijn gezet. Hoe omzichtig de regering-Bush te werk gaat, blijkt ook uit het feit dat het Pentagon behalve oorlogsplannen ook bezig is plannen op te stellen voor grootscheepse voedselhulp aan de verpauperde Afghaanse bevolking.

Het Amerikaanse publiek lijkt Bush voorzichtige beleid te steunen. De roep om militaire actie blijkt veel minder luid dan verwacht. Volgens de opiniepeilingen staat een grote meerderheid van de Amerikanen achter militaire acties tegen de plegers van de aanslagen en zelfs tegen landen die hen herbergen, maar van ongeduld is niets te merken. Is Wilson teleurgesteld dat er bijna drie weken na de aanslagen nog geen vergeldingsactie is uitgevoerd? Nee, zegt de 40-jarige verzekeringsagent. 'We zijn kwaad, we willen wraak, maar we willen niet wraak nemen op de verkeerde mensen, op onschuldige mensen.'

Andere Amerikanen klinken minder gematigd, maar als er al sprake was van bloeddorstigheid, lijkt de regering-Bush erin geslaagd die voorlopig te bevredigen met een zorgvuldig gedoseerde stroom van strijdlustige berichten over het uitvaren van vliegdekschepen, het mobiliseren van reservisten, de arrestatie van tientallen verdachten en het aankondigen van een stille, ondergrondse oorlog tegen de terroristen en hun geldschieters.

Moslims en Amerikanen van Arabische afkomst klagen dat de Amerikanen hun woede over de aanslagen al in eigen land koelen, op hen. 'Sinds de aanslagen krijg ik allerlei verwensingen naar mijn hoofd geslingerd', zegt Mohamed Hussein, een immigrant uit Irak, die al twintig jaar in de VS woont. Volgens hem zijn het vooral jongeren die beledigende opmerkingen maken.

Hij kan er wel begrip voor opbrengen dat er na de aanslagen meer wantrouwen heerst tegen Arabieren dan normaal. 'Eerlijk gezegd zou ik me ook niet helemaal op mijn gemak voelen als er voorin het vliegtuig een paar Arabieren zitten', moet hij bekennen. 'Maar toch blijft het vernederend. Opeens begrijp ik hoe zwarte Amerikanen zich voelen. Die worden er ook vaak door de politie uitgepikt, louter en alleen om hun huidskleur.'

Politiek Washington is een plaats geworden waar alle tegenstellingen op slag vergeten lijken. Wie de eensgezindheid tussen Democraten en Republikeinen ziet, kan zich nog maar moeilijk de zorgeloze tijd voorstellen van die andere nationale crisis, toen ze elkaar naar het leven stonden omdat de president had gelogen over zijn affaire met Monica Lewinsky. Zelfs de meest verstokte liberals, zoals Jerry Nadler uit New York en de Californische senator Barbara Boxer, staan vierkant achter de president en dringen aan op militaire actie. Slechts één Congreslid, de Democrate Barbara Lee uit Oakland, durfde het aan tegen de resolutie te stemmen die Bush toestemming geeft met geweld op de aanslagen te reageren.

Voor onpatriottische opmerkingen op de televisie is het geen tijd, zoals Bill Maher, de oneerbiedige gastheer van het ABC-televisieprogramma Politically Incorrect merkte. Maher bestreed in zijn programma de opvatting dat het een laffe aanval was, immers: van lafheid kun je moeilijk spreken, als het gaat om terroristen die bereid zijn hun leven op te offeren. Laf is van 2000 kilometer afstand een kruisraket afvuren op Afghanistan, betoogde hij. Uit boosheid over Mahers opmerkingen hebben verscheidene lokale zenders zijn programma geschrapt. Maher zelf bood nederig zijn excuses aan tegenover 'onze moedige mannen en vrouwen in uniform'. Niet erg moedig voegde hij eraan toe dat zijn opmerking juist was gericht aan het adres van politici, die uit angst voor de reactie van het publiek,' onze militairen niet laten doen waar ze voor klaar staan'.

Helemaal kritiekloos wordt er in Washington toch ook weer niet gereageerd op alle voorstellen van Bush' oorlogskabinet. Minister van Justitie John Ashcroft is erin geslaagd een unieke coalitie van oerconservatieve en linkse politici tegen zich in het harnas te jagen met zijn voorstellen voor nieuwe anti-terreurmaatregelen.

De plannen stuiten vooral op verzet bij Bob Barr, een van de aanvoerders van de klopjacht op president Clinton, en bij het zwarte Congreslid Maxine Waters, die tijdens het impeachmentproces een van Clintons trouwste aanhangers was. Barr en Waters zijn bang dat het Congres de burgerrechten van de Amerikanen zal opofferen aan de roep om veiligheid en meer controle.

Ook meer gematigde Congresleden zijn bezorgd dat de VS dezelfde fout zullen begaan als in het McCarthy-tijdperk, het dieptepunt van de Koude Oorlog, toen het Congres meedeed aan een beschamende heksenjacht op het rode gevaar. Vooral Ashcrofts voorstel om de autoriteiten het recht te geven immigranten zonder aanklacht of tussenkomst van de rechter te kunnen vastzetten, totdat er duidelijkheid is over hun status, is omstreden.

Ook bestaan er bedenkingen tegen zijn voorstel om bewijsmateriaal uit het buitenland tegen verdachten te gebruiken, zelfs als dat langs ongrondwettige weg is verkregen. Volgens de tegenstanders bestaat het gevaar dat de VS zich daarmee medeplichtig maken aan marteling. Critici zijn ook bang dat Ashcrofts verzoek om voortaan ook alle e-mail en ander internetverkeer van verdachten te mogen onderscheppen, een Big Brother zal maken van de FBI, waarvoor niemand veilig is.

Vooralsnog zit het wel snor met de vrijheid van meningsuiting. 'De Amerikanen willen dat wij onszelf de hals doorsnijden door hen te helpen Osama bin Laden te pakken te krijgen', foetert Zahid, een taxichauffeur van Pakistaanse afkomst, die al 27 jaar in de VS woont. 'Zo doen ze dat altijd: eerst gebruiken ze je en dan laten ze je stikken. Bovendien, ze hebben die aanslagen aan zichzelf te danken!'

Voelt hij zich hier nog wel thuis?, opper ik voorzichtig. 'Nee', zegt hij. 'Ik heb me hier nooit thuis gevoeld.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden