Woudbewoners beslissen zelf - als natuur maar heel blijft

In een beschermd natuurreservaat in het noorden van Brazilië lossen de inwoners zoveel mogelijk zelf hun problemen op. De leiders zijn democratisch gekozen.

'Als er problemen zijn, beleggen we een vergadering onder het afdak van de voetbalclub.' Ivaldo Cruz (42) is een van de leiders van Surucuá, een kleine gemeenschap diep in het Braziliaanse Amazonewoud. 'Politici komen hier alleen in campagnetijd, dan doen ze beloftes die ze vervolgens niet nakomen', zegt Cruz. 'We moeten onze problemen zelf oplossen.'

Surucuá is een van de 73 gemeenschappen in Tapajós Arapiuns, een beschermd natuurgebied van 700 duizend hectare in de noordelijke deelstaat Pará. De twintigduizend inwoners, voornamelijk indianen, vissers en rubbertappers, mogen de natuur gebruiken voor hun levensonderhoud, mits ze daarbij geen blijvende schade veroorzaken.

Deze 'winningsreservaten' bestaan alleen in Brazilië en zijn het resultaat van een lange en bloedige strijd. 'Vanaf de jaren zeventig werden we steeds verder in het nauw gedreven door de oprukkende veeteelt en houtindustrie', zegt Antonio de Oliveira (75), destijds nauw betrokken bij de oprichting van het Tapajós-Arapiuns Reservaat. 'Ze beletten ons te vissen en te jagen, en veel mensen zijn met geweld van hun land verdreven.' Rubbertappers uit de hele Amazone verenigden zich, kregen bijval van de internationale milieubeweging en in 1990 was het eerste reservaat een feit.

Meer bomen

'De aanwezigheid van de woudbewoners houdt illegale houtkappers op afstand', legt Carlos de Alencar Pinheiro uit. Hij is regiocoördinator van het Chico Mendez Instituut, het federale orgaan dat verantwoordelijk is voor het functioneren van de 86 winningsreservaten in Brazilië. 'Ze melden het ons als er houtbedrijven aan hun grenzen rammelen', zegt hij vanachter zijn bureau in Santarém. 'En het werkt. Sinds het Tapajós-Arapiuns Reservaat vijftien jaar geleden is opgericht, is de ontbossing niet alleen afgenomen, er zijn zelfs meer bomen bijgekomen.'

De hitte is verzengend en vochtig, de duizend tinten groen van het Amazonewoud lichten feller op naarmate de zon stijgt. Kinderen fietsen over een zandpad richting de rivier Tapajós. Ondanks de beruchte pijlstaartroggen, zoeken ze verkoeling in het water. 'Over het algemeen gaat het er hier heel vreedzaam aan toe', zegt Cruz. 'Soms steelt iemand een kip, dan bepalen wij als leiders de straf. We laten zo iemand bijvoorbeeld het dak van de kerk repareren.'

De leiders van de gemeenschappen zijn allemaal democratisch gekozen. Het zijn inwoners die een bijzondere functie vervullen. Zo is Cruz chef van de houtwerkplaats. Hij overlegt met de voorzitter van de voetbalclub, de coördinator van de vissersbootjes, de beheerder van het kerkje, de lerares van de basisschool en het dorpshoofd. 'We proberen zoveel mogelijk lokaal op te lossen', legt Cruz uit. 'Als iemand echt problematisch gedrag vertoont, kunnen we hem na een aantal waarschuwingen de gemeenschap uitzetten. Maar daarvoor is wel toestemming van het hele reservaat nodig.'

De 73 dorpshoofden vergaderen een paar keer per jaar over kwesties die het hele reservaat aangaan. Samen bepalen ze het standpunt van hun voorzitter. Die heeft zitting in de adviesraad, waarin ook de federale en lokale overheid vertegenwoordigd zijn. 'Het hele idee van deze reservaten is dat de lokale gemeenschappen een flinke vinger in de pap hebben bij het vormen van beleid', zegt Pinheiro. 'De inwoners kiezen zelf hoe ze willen leven, zolang ze de natuur geen schade toebrengen. Ze hebben een grote mate van autonomie.'

Houten hutjes

Het water van de Tapajós rivier is helblauw, grote witte vogels zweven boven de branding op zoek naar vis. Het getjilp van krekels is oorverdovend, onder de vele fruitbomen liggen tropische vruchten te fermenteren in de zon. De stenen huisjes die de federale overheid liet bouwen in het kader van een armoedebestrijdingsprogramma, staan er verlaten bij. De dorpelingen bleven in hun houten hutjes wonen, waar de wind door de kieren voor enige verkoeling zorgt.

De dreiging van de houtindustrie is weliswaar afgenomen, de armoede is nog steeds groot in de gemeenschappen. 'Al mijn negen kinderen zijn naar de stad vertrokken in de hoop op een beter leven', zegt vroedvrouw Neuza Pereira (73), die naar eigen zeggen ruim tweehonderd kinderen ter wereld bracht. 'Ze verlangen naar meer luxe, ze willen een koelkast en een computer.'

Om zeven uur 's avonds springen overal de generators aan, de dorpelingen stemmen hun televisies af op de soapseries. 'Het zou goed zijn als we de hele dag elektriciteit hadden', zegt Cruz, die zich ook voor de tv nestelt. 'Maar de benzine voor de generators is te duur.'

Pinheiro is ervan overtuigd dat de inwoners uiteindelijk meer welvaart zullen hebben. 'Dat is het streven', aldus de regiocoördinator van het Chico Mendez Instituut. 'Niemand wil voor altijd in een houten hutje wonen en leven alsof de tijd heeft stil gestaan.' Pinheiro weet echter niet hoe meer rijkdom zal uitpakken voor de natuur. 'Er is een duidelijk conflict tussen de moderne wereld en natuurbehoud', zegt hij. 'De toekomst moet uitwijzen of het hier samengaat.'

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden