INTERVIEW

Worsteling tussen traditionele afkomst en moderne realiteit

De Australische regisseur Rolf de Heer is terug in zijn geboorteland voor de promotie van zijn laatste film Charlie's Country. Aboriginal acteur David Gulpilil toont in zijn hoofdrol de worsteling tussen traditionele afkomst en de moderne realiteit.

Rolf de Heer. Beeld Io Cooman

'Het idee voor deze film ontstond in de gevangenis.' Niet dat regisseur Rolf de Heer (1951), Australiër van Nederlandse komaf, zo vaak in gevangenissen komt. Hij was er om de acteur David Gulpilil op te zoeken, met wie hij gewerkt had in zijn veelgeprezen en bekroonde films The Tracker (2002) en Ten Canoes (2006). Gulpilil zat weer eens aan de grond; zo indrukwekkend als zijn acteercarrière is, zo moeizaam verliep zijn privéleven. 'Hij was nog maar een schim van zichzelf', vertelt De Heer. 'Hij woog 39 kilo, er zat geen leven meer in zijn gezicht.'

Waarom de acteur in de gevangenis zat? De Heer kan het niet precies zeggen, maar: 'Ik weet wel dat ik er als blanke man niet voor zou zijn vastgezet.' Gulpilil is Aboriginal, wat de kansen op een gevangenisstraf in Australië aanzienlijk verhoogt. Hij worstelde met alcoholverslaving. 'Als hij drinkt, wordt hij agressief.'

Rolf de Heer Beeld Io Cooman

Gulpilil opperde samen weer een film te maken. Dat werd Charlie's Country, een liefdevol portret van een oudere Aboriginal die moet schipperen - en dreigt verloren te raken - tussen de tradities van zijn volk en de moderne realiteit. De Heer (1951) is niet alleen naar het Rotterdams filmfestival gekomen om Charlie's Country te presenteren; hij zit ook in de jury van de Tiger Awards-competitie.

Inmiddels gaat het weer goed met Gulpilil, vertelt de regisseur. 'Hij staat al drie jaar droog. Charlie's Country was voor mij de moeilijkste film die ik ooit gemaakt heb. Toen we begonnen, was David een wrak. Hij verdween soms zomaar, dan dacht hij dat iemand hem vervloekt had en was hij overtuigd te zullen sterven. Ik voelde veel druk: het moest een goede film worden, anders zou hij er niet mee geholpen zijn.'

Missie geslaagd: Charlie's Country bezorgde Gulpilil een belangrijke prijs op het filmfestival van Cannes. Toch blijft het leven ingewikkeld voor de acteur die eerder speelde in films als The Last Wave (1977), The Right Stuff (1983), Crocodile Dundee (1986) en Wim Wenders' Until the End of the World (1991). Roem en rijkdom gingen voor Gulpilil nooit samen. De Heer: 'Hij heeft geen cent. Hij moet alles weggeven. Dat hoort bij zijn cultuur, maar ook mensen die helemaal niet tot zijn stam behoren, vallen hem continu lastig. Ik ben weleens met hem een winkel in geweest, hij wilde een pakje sigaretten kopen en had driehonderd dollar op zak. Toen hij naar buiten kwam, had hij geen geld meer en drie sigaretten.'

Een soortgelijke scène zit in Charlie's Country, maar hoewel Gulpilil veel bijdroeg aan het scenario, is het nadrukkelijk geen biografische film. De problemen van hoofdpersoon Charlie staan ook niet voor die van alle Aboriginals, al zijn er velen die in hetzelfde schuitje zitten. Hoe verleidelijk het ook is de Aboriginals als homogene groep te beschouwen, het tegenovergestelde is het geval, legt De Heer uit. 'Er zijn honderden verschillende Aboriginalculturen en -talen. En talloze verschillende problemen. Daarom zijn ze ook zo lastig op te lossen.'

David Gulpilil Beeld AFP

Voor Gulpilils persoonlijke demonen legt De Heer de schuld deels bij de filmindustrie. 'Hij was 16 toen hij in Walkabout speelde, van regisseur Nicholas Roeg. Hij kon bijna geen Engels, had nauwelijks op school gezeten, was letterlijk geboren in de bush. Hij heeft op de set leren drinken. Ik weet natuurlijk niet hoe het anders zou zijn gelopen, maar hij is slecht begeleid. Een van zijn rolmodellen was acteur Dennis Hopper, die hem leerde hoe hij moest doen alsof hij nuchter was.'

Het verhaal van zijn vriend Gulpilil, voor altijd ontworteld uit zijn traditionele cultuur, lijkt op het eerste gezicht in niets op dat van De Heer zelf. Toch is ook in zijn leven sprake van ontheemdheid, die hij lange tijd heeft ontkend. Hij was 7 toen hij vanuit Heemskerk, na een tussenstop in Indonesië, naar Australië emigreerde.

'Na een paar maanden verbood mijn vader ons thuis Nederlands te spreken. Ik voelde me al snel volledig Australisch. Op mijn Nederlandse achtergrond werd ik pas aangesproken toen ik rond 1993 naar Europa ging met mijn film Bad Boy Bubbie; voordien was ik er nooit meer geweest. Eerst vond ik het maar onzin. Het gekke is dat ik nu pas, nu ik ruim een week in Nederland verblijf, merk dat er nog allerlei herinneringen in mijn hoofd rondzweven. Ik moet ontzettend lachen om woorden als pindakaas, die ik plotseling herken.'

Niet alleen de taal brengt De Heer terug in de tijd. Als Tiger Award-jurylid kijkt hij naar speelfilms van beginnende regisseurs. Het roept herinneringen op aan zijn eigen begintijd, al had hij zichzelf toen nooit een prijs gegeven. 'O nee, pas bij mijn zevende film kreeg ik het gevoel dat ik er een beetje goed in werd. Gelukkig was mijn voorbeeld Bruce Beresford, wiens eerste films helemaal mislukt waren.'

Jonge filmmakers moeten niet te rigide beoordeeld worden, wil De Heer maar zeggen. 'Rotterdam doet het heel goed door drie gelijke Awards te verdelen en niet te letten op commercieel succes. Als je begint, moet je de kans krijgen dingen uit te proberen. Het is ook onzin te verwachten dat iedere Tiger Award-winnaar grootse dingen gaat doen. Als maar één van de drie winnaars later een heel interessante film maakt, is dat een uitstekend resultaat.'

Charlie's Country is op het IFFR te zien op 29 en 31/1. Na de vertoning op 29/1 is er om 15.45 u een interview (Critics' Talk) door Bor Beekman met De Heer in Lantaren/Venster.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden