Woodkid **

Subtiliteit is ver te zoeken: marsritmes, steeds weer marsritmes.

Pop


**


Woodkid


23/6


Rabozaal, Amsterdam


Hij speelde eerder in Nederland, drie jaar geleden nog in de Amsterdamse Paradiso. Maar toch is de Franse zanger Woodkid (31) iemand om te ontdekken, want nog lang geen alledaagse verschijning in het Nederlandse club- of schouwburgcircuit. Meer een geheimtip van liefhebbers van het kunstrockgenre, die hem al zagen schitteren in moederland Frankrijk. Want daar en in bijvoorbeeld Zwitserland is Yoann Lemoine (alias Woodkid) een nieuwe muzikale held.


Dat juist het Holland Festival Woodkid op het erepodium van de art-pop wil verheffen, is niet verwonderlijk. Het festival zoekt al langer naar met klassiek versmolten popmuziek en bracht bijvoorbeeld Antony Hegarty in adembenemende setting in het Concertgebouw.


Die illustere voorganger steekt bij het concert van Woodkid in de Rabozaal van de Stadsschouwburg steeds de kop op. Ook Woodkid zingt gekunsteld, getergd, met veel valse lucht in zijn lage stemstand. Maar in de vergelijking met Antony delft hij toch snel het onderspit. Hij zit namelijk muurvast in die gezochte en hese keelstem. Bovendien weet hij nauwelijks echte emotie in zijn vertolkingen te leggen: daarvoor is zijn stem te zeer gefabriceerd. Anders dan bij Antony voelt de geëxalteerdheid bij Woodkid niet oprecht en dat gaat irriteren.


In die vocale armoede ontwaar je dan, na een nummer of twee, het loerende monster achter op het podium, verstopt achter de strijkerssectie van het Metropole Orkest: de overvloed aan blazers en de trommelaars. Het is het spook van de eenvormigheid en dat zal gedurende anderhalf uur blijven rondwaren, want de liedjes van Woodkid kennen steeds dezelfde opbouw. Een lyrische pianolijn, wat minimalpatroontjes van de violisten, dramatische en soms nogal apocalyptische teksten van Woodkid in Engels met charmant Frans accent en dan mag de hoempa binnentreden.


Het koper gaat horten en stoten, in knallende climaxen, aangevuurd door zware marsritmes op twee hangende grote troms - een van de gimmicks van de show. Marsritmes, steeds maar weer marsritmes, voor maximaal dramatisch effect. Subtiliteit is ver te zoeken bij Woodkid: in zijn gedroomde kunstwereld lijkt het vooral te dreunen en dreigt voortdurend een bulderend onweer.


Effectbejag duikt ook op in de zwart-witprojecties op een groot filmscherm op de achtergrond. In een ander artistiek leven is Lemoine maker van videoclips voor uiteenlopende sterren als Katy Perry, Rihanna, Drake en Moby. Die visuele kunst laat hij terugkeren in zijn liveshows. De camera raast over imaginaire sci-fi-bouwkunst of loert naar een reusachtig betonnen hoofd van Wickie de Viking dat langzaam uit elkaar brokkelt. Weer apocalyptisch en best spectaculair. Het is jammer dat de visuele pracht nauwelijks spoort met de bombastische fanfare van het orkest.


Er zijn nogal wat weglopers, bij het concert van Woodkid. De volhouders weten waarschijnlijk al wat hen te wachten staat: een spetterende finale bij het slotnummer Run Boy Run, een van de bekendste liedjes van Woodkid over een jongen op de vlucht voor het leven. Weer een marsritme. Violen zwellen aan. Woodkid zet zijn gekke stemmetje weer op. De stroboscopische lichtshow vlamt. Het ontroert voor geen meter.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden