Wonderjonk

Kapotgespeelde kitsch, of niet? De Montenegrijnse gitarist Miloš Karadagli¿ heeft zijn tanden in het bekende Concierto de Aranjuez gezet. En legt uit waarom.

Hij is zo'n jongen die het goed doet op de cd-hoesjes, de programmaboekjes en concertaffiches. Een 'mooiboy', met een gecultiveerde driedagenbaard, voor eeuwig in leren jack gestoken. Maar de Montenegrijnse gitarist Miloš Karadagli¿ (30) is waarachtig wel meer dan dat.


'Miloš', zoals Karadagli¿ zich tegenwoordig simpelweg laat aankondigen, heeft het ook echt in de vingers, zeggen de kenners van de betere klassieke gitaarmuziek. Een feilloze beheersing, een fluweelzachte instrumentbehandeling, maar toch ook een bij vlagen daverende expressie. Hij speelt Bach op de gitaar, zoals Bach het misschien graag op dat instrument zou hebben gehoord: mathematisch precies, technisch hoogbegaafd. Maar hij weet ook te ontroeren, met zachtmoedige, maar toch overtuigende vingerzettingen. In Groot-Brittannië liet hij de klassieke muziekpers juichen, na een recital dat de Royal Albert Hall deed verstillen.


Niet eens zo merkwaardig dus, dat de deftige platenmaatschappij Deutsche Grammophon hem heeft ingelijfd. Miloš moest zijn aangeboren bescheidenheid maar eens overwinnen, vonden zijn carrièreplanners en gaan voor het hoogst haalbare, maar tevens meest onvermijdelijke werk in de klassieke gitaarmuziekpraktijk: het gitaarconcert der gitaarconcerten, het Concierto de Aranjuez van de Spaanse componist Joaquín Rodrigo (1901-1999). En daarmee moet Miloš dan verheven worden tot de hoogste klassieke rangen. En het liefst een berg platen verkopen, in deze barre plaatverkooptijden.


Het album ligt inmiddels in de winkel; de cd Aranjuez, met Het Stuk dus, uitgevoerd door Miloš en het London Philharmonic Orchestra onder leiding van dirigent Yannick Nézet-Séguin. En nu mag hij op reis langs de concertgebouwen, waaronder het Amsterdamse, waar hij in augustus dit jaar aantreedt.


Maar eerst moet hij de deuren naar zijn gitaarziel openen in Spanje, land van herkomst van het stuk. Miloš is met gevolg (dames van de platenmaatschappij) neergestreken in het dorp Chinchón, nabij Aranjuez, even onder Madrid. In het 17de-eeuwse klooster El Parador zal hij vanavond solo wat stukken van zijn album spelen, werk van Rodrigo uiteraard en van de al net zo Spaanse componist Manuel de Falla.


Enkele uren voor zijn recital in El Parador is hij aanspreekbaar. Een goede gelegenheid de gitarist eens een paar onbehouwen stellingen voor de voeten te werpen, over dat overbekende en misschien toch ook wel bijna kapot gespeelde Concierto de Aranjuez.


Het stuk dat zich zo gemeen als een oorwurm door de menselijke gehoorgang kan bewegen en dat het bijvoorbeeld ook goed doet in lift of supermarkt. Vooroordelen, misschien? 'Kom maar op', zegt Miloš, die naar het puntje van zijn fauteuil schuift, in een kamer ergens onder de zware gewelven van El Parador. Het leren jasje is inmiddels uit.


Stelling 1: Het Concierto de Aranjuez is dermate misbruikt, uitgewoond en om zeep geholpen: daar is voor een welwillend gitaarvirtuoos geen leven meer in te krijgen.


'Inderdaad, het is een iconisch stuk, het is misbruikt en in de ergste gevallen muzak geworden. Dodelijk. Maar je kunt het ook positief bekijken: het Concierto de Aranjuez heeft kennelijk nogal wat artiesten geïnspireerd en waarom zou dat erg zijn? Het stuk is zo beroemd geworden omdat het zo ongelooflijk mooi is. Het adagio, het langzame tweede deel, is misschien wel de mooiste melodie die ooit is geschreven. Daar kun je beter blij dan verdrietig van worden.


'Hoe bekend ook het stuk, als je het gaat spelen, wordt het van jezelf. Je verkent het, draait eromheen, bouwt laag voor laag aan jouw uitvoering. Ik ben bijna tien jaar bezig geweest met het Concierto de Aranjuez, vanaf mijn tweede studiejaar aan de Royal Academy of Music in Londen. Eerst dacht ik: god, dit is te moeilijk. Het eerste en derde deel zijn nauwelijks te spelen, zo technisch veeleisend. Ik ging voor de perfectie, het onberispelijk laten klinken van iedere noot. Daar liep ik op vast. Dus ging ik me eerst maar eens verdiepen in het stuk. Naarmate ik er meer van begreep, ging ik het stuk anders benaderen. Ik probeerde te denken aan kleuren, de natuur, de vogels, de wind. En aan dat onverwoestbare optimisme van de componist. Zo ging ik schilderen met de muziek en kreeg er leven in.


'Het is voor een solist veel moeilijker een overbekend concert te spelen, dan een minder beroemd werk. In een stuk als het Concierto de Aranjuez geef je je ziel veel meer bloot. Iedere noot is bekend, de manier waarop jij hem speelt, zegt alles over je kunstenaarschap. Als je met jouw interpretatie de luisteraar overtuigt, ben je heel ver gekomen.'


Stelling 2: Het Concierto de Aranjuez is zo diep cultureel Spaans, dat het voor een niet-Spaanse gitarist onmogelijk te doorvoelen en dus te spelen is.


'De compositie heeft veel elementen van de flamenco. En is dus onlosmakelijk verbonden met de Spaanse cultuur. Van flamenco wordt gezegd dat die niet te spelen is voor niet-Spaanse gitaristen, al is die opvatting inmiddels wat achterhaald. Ik denk niet dat je kunst geografisch kunt indelen. Muziek is de universele taal van de mens, eigenlijk een soort Esperanto.


'Heel bijzonder aan het Concierto de Aranjuez: het is hardcore klassieke gitaarmuziek, echt heel diep klassiek en het raakt in alles de kern van het instrument. Het stuk is voor dit instrument geschreven. En toch is het heel toegankelijke muziek, ook voor niet-gitaristen. Dat is een van de zegeningen van de klassieke gitarist. Het is het populairste instrument ter wereld. Iedereen heeft op enig moment in zijn leven een gitaar gepakt en is er wat op gaan spelen. Op een zelfde manier kun je ook als niet-Spaanse gitarist vertrouwd raken met de Spaanse gitaar en dus de Spaanse klassieke muziek. Volgens mij is de Spaanse culturele ziel overigens aanwezig in alle gecomponeerde Spaanse muziek.


'Maar ik zal bekennen: vorige week heb ik het Concierto de Aranjuez uitgevoerd in het concertgebouw van Bilbao, en Pamplona. Ik ben nog nooit zo nerveus geweest. Oké, dacht ik, nu ga ik, als Montenegrijn, aan Spanjaarden laten horen hoe hún Concierto de Aranjuez, hét klassieke Spaanse cultuurgoed, gespeeld moet worden. Goddank werd mijn uitvoering geaccepteerd en werd ik na afloop met respect behandeld, als een van hen. Een enorme stap in mijn volwassenwording als gitarist.


'En dan nog iets: ik ben misschien geen Spanjaard, maar wel een Montenegrijn, dus mediterraan. En wij weten, zoals Rodrigo in zijn stuk laat horen, op een waardige manier met intens leed om te gaan. Die slow-motion die je voelt in het tweede deel, het vertraagde leven zoals je dat ervaart als je iets verschrikkelijks hebt meegemaakt; ik heb het idee dat ik dat kan voelen en laten horen zoals het is bedoeld.'


Stelling 3: Het Concierto de Aranjuez is zowel begin- als eindpunt voor de klassieke gitarist. Er zijn niet zo veel gitaarconcerten gecomponeerd. Na Aranjuez ben je dus wel klaar.


'Ha, klopt, dat heb ik ook weleens gedacht. Aranjuez is je startpunt, waarmee je als beginnend gitarist leert dat je nog een heel eind hebt te gaan, omdat het in eerste instantie veel te moeilijk is om te spelen. En het is een eindpunt: als je je zelfverzekerd genoeg voelt om met het stuk naar buiten te gaan, dan ben je een volgroeid gitarist. En zo voel ik me nu ook. Ik ben gestopt met zwerven: nu eens dit spelen, dan weer dat, of weer eens iets op een heel andere manier proberen uit te voeren. Ik weet nu wie ik ben, als gitarist, en nu kan ik door. Ik heb leren spelen met een orkest, weet nu hoe ik een muzikale wereld kan oproepen met zestig man en een dirigent.


'Helaas zijn er niet veel gitaarconcerten, dat is waar. En dit is veruit het belangrijkste stuk. Dat heb ik nu dus gehad en nu volgt mijn tweede gitaarleven. Nu wil ik jonge gitaristen en vooral componisten, aanmoedigen te gaan schrijven voor de gitaar. De gitaar weer de concertzaal in krijgen.'


Concierto de Aranjuez


De Spaanse componist Joaquín Rodrigo schreef zijn Concierto de Aranjuez in 1939, in zelfverkozen ballingschap in Frankrijk. De componist maakte zich zorgen over de dictatuur van Franco in zijn land en wilde een poging wagen de belangrijkste elementen van de Spaanse cultuur te vangen in een muziekstuk en die zo vast te leggen voor de eeuwigheid. Bovendien wilde Rodrigo de dood van zijn kind verwerken, in een ode aan het optimisme, het leven en de natuur. Rodrigo, die vanaf zijn 3de blind was, schreef zijn Concierto met de beroemde tuinen rond het Paleis van Aranjuez in gedachten. Het concert was vanaf de eerste uitvoering in 1940 in Madrid een enorm succes. Het veroverde de klassieke wereld, werd een van de geliefdste en bekendste klassieke werken. Mede daardoor vertakte de melodie van het langzame deel, het adagio, naar vele muzikale genres, van jazz tot pop, rock en muzak.


Ge-/misbruikt


Een greep uit de vele, soms geweldige, soms dubieuze bewerkingen van het populaire Concierto de Aranjuez.


Bijna zo geliefd als het werk in klassieke uitvoering, werd de bewerking van Miles Davis en Gil Evans, op de plaat Sketches of Spain uit 1960. Davis zei: 'De melodie is zó goed, dat hoe zachter je hem speelt, hoe sterker hij wordt.'


Een van de beroemdste en volgens kenners, onder wie de componist zelf, beste uitvoeringen van het Concierto de Aranjuez werd gespeeld door de vorige week overleden flamencogitarist Paco de Lucía. Hij kon geen noten lezen, maar speelde het stuk 'op gevoel en ritme'.


In 1975 speelde de Britse band Deep Purple een hard rockende versie van het adagio. Omdat de titel zo moeilijk was uit te spreken, noemde de band hun versie de Orange Juice Song.


Misschien wel de verschrikkelijkste versie van het Concierto de Aranjuez verzorgde de Griek Demis Roussos, in zijn Follow Me.


Voor zijn uitvoering van het Concierto de Aranjuez uit 2005 werkte André Rieu samen de Maastrichter beiaardier Frank Steyns.


Miloš, Aranjuez, Deutsche Grammophon/ Universal. Concierto de Aranjuez op 3/8 in Het Concertgebouw, Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.