Wonder Wall

De interieurbeelden van de Canadese fotograaf Jeff Wall, vanaf morgen in het Stedelijk, ogen als steriel geënsceneerde reclamebeelden. Ze tonen vooral hoe mens en omgeving elkaar beïnvloeden.

Het is een fraaie sociologische studie waard. Hoe door de eeuwen heen de mens zijn omgeving vormgeeft, en hoe die omgeving vervolgens weer de mens bepaalt. Over de invloed die beide op elkaar hebben. De beeldvorming van hun onderlinge relatie. Vergezocht? Helemaal niet. Een blik op de beeldtraditie en je krijgt een idee van wat zo'n studie zou kunnen opleveren.


Neem een schilderij van Adriaen van Ostade, het Boerengezelschap uit het Rijksmuseum. Te zien is een interieur uit 1622. Sjofele gasten staan wat te chillen in het café. De een stopt een pijpje, de ander drukt een kruik aan zijn lippen. Let ook op het interieur: even sjofel als de gasten. Kapotte schoenen op de grond, verwaarloosd stucwerk tegen de muur. Tegelijkertijd heerst rust en gemoedelijkheid. Het barre boerenleven heeft blijkbaar geen effect op de ontspannen levenslust van de bevolking.


Of neem de laatste IKEA-catalogus - eigentijdser en minder dorps dan bij Van Ostade, maar ergens toch vergelijkbaar. In een keuken staat een (alleenstaande?) vader met zijn twee zoontjes te koken. Het gezinnetje heeft een buiten-Europese oorsprong, terwijl de keuken er Europees uitziet. Hoe clichématig ook, de reclamefoto oogt als promotie voor de multiculturele samenleving, waarin integratie als ultieme, smetteloze droom aan potentiële IKEA-klanten wordt voorgeschoteld.


Wat Van Ostade en IKEA lijken te willen zeggen: mens en omgeving, ze bezitten een symbiotische verbondenheid, waardoor meubels en inrichting iets zeggen over de bewoners; bewoners lijken op hun beurt elk meubelsstuk van een menselijke, zeg maar sociale karaktertrek te voorzien.


Wie deze manier van kijken eenmaal door heeft, zal ook de foto's van de Canadees Jeff Wall zo bezien. Niet als perfect uitgelichte kunstwerken, glanzend groot van formaat, maar als een beeldstudie van hoe mens en omgeving elkaar bevestigen, becommentariëren en aanvullen. In het Stedelijk Museum wordt de komende maanden een selectie van zijn fotowerk uit de periode 1996-2013 geëxposeerd.


Voorbeeld van wat u te wachten staat: Walls foto van twee jongetjes die met elkaar staan te boksen in een kraakheldere woonkamer. Als in de IKEA-catalogus is het beeld opgebouwd uit onderliggende tegenstellingen: het subtiele etnische verschil tussen beide boksers, de bruine en witte bokshandschoenen, de donkere pot met witte bloemen, de speelsheid van het spel in een tot op de millimeter ingericht, vacuüm getrokken interieur (waarin met elke onverhoedse beweging alle vazen aan diggelen liggen).


Nu heeft Wall in de jaren tachtig en negentig een naam opgebouwd als fotograaf van het menselijke gedrag én van de door mensenhanden gemaakte omgeving. Hij fotografeerde rondhangende jongeren op een loze groenstrook langs de snelweg. Een criminele bewoner die wordt afgevoerd uit zijn woning in een Canadese prefab-buitenwijk. Een Marokkaanse schoonmaker in het hypermodernistische Barcelonahuis van Mies van der Rohe.


Ook: portret van twee mannen van wie de een (Kaukasisch type) zijn ooglid tot een spleetoog trekt op het moment dat hij een Aziatische buurtgenoot passeert. Een zwerver die melk uit een pak laat spuiten op het trottoir. Een vereenzaamde bewoner, liggend op de vloer van zijn keuken.


Het waren (soms) wat aandoenlijke en (veelal) anekdotische studies van het moderne stadsleven. Hoe mensen met elkaar omgaan, inclusief hun onderlinge spanningen, onderhuidse animositeit en verborgen conflicten; gedragingen vastgelegd in de burgerlijke setting van de grote stad. 'Ik denk dat iedere persoon die ik creëer is gevuld met onderdrukte emoties, waarvan het niet de bedoeling is dat je dat direct ziet', zei Wall er zelf over.


Nu moet je dat 'creëren' bij Wall ook letterlijk zien. Wall maakte lange tijd zijn foto's nooit met een enkele opname. De beelden waren samengesteld uit details van tientallen opnamen, die hij met de computer aan elkaar plakte. Wall kreeg er grote bekendheid mee. Vooral omdat hij met die vernieuwende montage-aanpak het onderscheid tussen schilderkunst en fotografie wist te slechten. Met pixels probeerde Wall een beeld te maken, vergelijkbaar met hoe een schilder zijn penseel hanteert, zo legde hij graag uit.


Of het nu precies aan de nieuwe techniek lag of niet, de montage van afzonderlijke stukjes gaf het eindresultaat niet alleen iets filmisch, ook iets verhalends. Je zag Wall denken hoe hij als een geëngageerd cineast een bepaald maatschappelijk thema in één stilstaand beeld zou kunnen vastleggen: de mislukte multiculturele samenleving (spleetoogmoment), de onzichtbare criminaliteit (Canadese buitenwijk), de uitzichtloze armoede (zwerver met melkpak).


Het was duidelijk wat Wall precies wilde: mensen laten zien als slachtoffer van de omgeving. Van de maatschappij. Het systeem. De keerzijde van het hoopvolle, moderne leven. Nadeel was wel: het lag er allemaal net iets te dik bovenop. Wall liet zich lange tijd als een marxistisch kunstenaar zien. Die mooie foto's maakte, zeker, maar daaronder ook altijd graag een extra, sociaal bewogen, kritisch bodempje legde.


Niet zo gek dat Wall in interviews zinsneden liet vallen als 'mislukt utopia', 'verward proletariaat', 'urbane vervreemding' of dat het sociale experiment 'lijden en onteigening' tot gevolg heeft. Wall probeerde, zoals hij het zelf noemde, mededogen te laten zien met mensen die de 'belofte van geluk' nastreefden, maar dat net niet bereikten.


Dat mededogen met de medemens heeft de laatste tien jaar bij Wall evenwel een ander gezicht gekregen. Minder slachtofferachtig; daadkrachtiger juist. Zo vertegenwoordigen de twee boksertjes een nieuwe veelbelovende generatie. Voortgekomen uit de migratiestroom, maar inmiddels volledig aangepast. Terwijl het heldere, modernistische interieur de aangepastheid alleen maar lijkt te bevestigen. De foto verbeeldt een middenklassegezin dat zich een status heeft aangemeten door hard werken, timing en aanpassingsvermogen. Aan de muur een schilderij van Josef Albers (of een reproductie?).


Wall heeft oog voor deze moderne middenklasse, die het hoofd boven water weet te houden. Een bevolkingsgroep van arbeiders, ziekenhuispersoneel, onderwijzers en entrepreneurs; de ene wat rijker dan de andere, maar allen even vindingrijk als ondernemend. Kleine en grote krabbelaars die hun eigen wetten maken. Kippenboeren die in de schuur een slachterij hebben opgezet. Kleinverdieners die illegaal benzine tappen uit andermans auto. Kermisklanten die in een verwaarloosde garage hun act oefenen.


Wall lijkt gefascineerd door, wat je deftig kunt noemen, 'omgevingsdeterminisme': de mate waarin mens en omgeving elkaar bepalen en vormgeven. En zo elkaar identiteit geven. Het zit hem soms in de kleine details. Zoals bij de foto van een rommelige woonkamer waarvan de bewoners geen geld hebben voor een huishoudster, maar wel voor dure modetijdschriften.


De subtiele manier waarop Wall dat fotografeert, is nauwelijks zichtbaar, wel altijd voelbaar. Dankzij het panoramische formaat. De menselijke schaal. Wall biedt de kijker de mogelijkheid zich met de gefotografeerde mensen te identificeren. Het lijkt alsof je in dezelfde ruimte staat. Het legt over de foto's een extra laag van maatschappelijke waarde en betrokkenheid. Je stapt als het ware een wereld binnen. Alsof hun woonkamer de jouwe is en hun leven het jouwe kan zijn.


Het artistieke (en commerciële) doel mag bij Wall anders zijn, maar zijn foto's ogen daardoor even aantrekkelijk als een IKEA-reclame.


Jeff Wall. Tableaux Pictures Photographs 1996-2013. Stedelijk Museum, Amsterdam, 1/3 t/m 3/8. stedelijk.nl





BUITENRECLAME


Belezen, erudiet en ook nog eens behept met een fotografisch oog en analytische interesse in andere kunstvormen. De Canadese kunstenaar en criticus Jeff Wall (67) is van alle markten thuis. Hij studeerde aan de University of British Columbia in Vancouver en het Courtauld Institute of Art in Londen. Hij werd bekend met levensgrote dia's die, als bij buitenreclame, van achteren worden aangelicht. Zijn foto's lijken snapshots, maar zijn veelal met de computer uit meerdere opnamen samengesteld. Compositorisch refereren ze vaak aan schilderijen van oude meesters als Manet, Velázquez, Goya en Hokusai.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden