Wolkers kon schitterende bouwseltjes uit de natuur toveren

Voor Wolkers waren er eigenlijk maar twee schrijvers. De ene was God, schrijver van de Bijbel.

Een van de creaties van Jan Wolkers. Beeld Annabel Miedema

Toen ik het atelier binnenkwam en het wezentje in het oog kreeg, dacht ik eerst dat er een Texelse muis op tafel was geklommen. Die zie ik geregeld lopen in de tuin en het huis. Nog vaker zie ik alleen maar een glanzende, donkere gal van een muis liggen, die Rafaël de kat als nagekomen post op de mat heeft achtergelaten.

Dit wezentje verroerde zich niet. Het bleef rustig staan, nog geen paar centimeter hoog, tussen Wolkers' in elkaar gelaste figuur van schroefjes, moertjes en radertjes uit de jaren zestig, het bronzen portret van Annemarie en de glazen maquettes: het biggetje van de bruin geworden vrucht van een lis, inclusief krulstaartje van de stengel, met pootjes van lucifers en oogjes van zwavelkopjes.

Met gezond gevoel voor overdrijving zou je het Wolkers' eerste ontwerp voor een beeldhouwwerk kunnen noemen. Een van zijn oudste vriendinnetjes, Anneke Maarsen, heeft me verteld dat Jan als jongen heel vaak poppetjes, sieraden en wezentjes uit de natuur tevoorschijn toverde voor zijn broertjes en zusjes.

Anneke had nog jarenlang zo'n diertje bewaard, maar op een gegeven moment was het verpulverd. In de zomer van 1944, tijdens een lange wandeling door de bossen en weilanden om Oegstgeest, had Jan de stevige vrucht van een gele lis geplukt. Thuis had hij twee lucifers doormidden gebroken, de zwavelkopjes eraf gehaald en die allemaal in de vrucht gestoken. ' Et voilà, vier pootjes en twee oogjes.

In een van de afleveringen van de televisieserie De achtertuin kun je Wolkers nog zien voordoen hoe je zo'n diertje maakt. Hoe hij daar deinend over het mossige gras naar de poel loopt en zijn oude handen over de groene zwaardpunten van de lissen laat scheren. En hoe hij de vrucht van een lis - Iris pseudacorus, de vruchten zijn net augurkjes - plukt en met zijn nagel in de lengte een incisie maakt, zodat de volmaakt gerangschikte, platronde zaadjes bloot komen te liggen. 'De zaden zitten erin als beschuiten in een pak', zegt hij. 'Verkade had het niet beter kunnen bedenken.'

Niet voor niets verwees Wolkers naar Verkade, want daar, in de pakken beschuit van Verkade die zijn vader in zijn kruidenierswinkel verkocht, zaten de schitterende, geaquarelleerde plaatjes die je in de albums kon plakken bij de bevlogen tekst van Jac. P. Thijsse. Voor Jan waren er in zijn jeugd eigenlijk maar twee schrijvers: God, die de Bijbel had geschreven, en Jac. P. Thijsse, die de Albums van Verkade had geschreven. Samen vertegenwoordigden ze hemel en aarde.

Als jongen had Jan een keer zo'n wezentje op het kussen van zijn zuster gezet, vlak voor haar heerlijk slapende gezicht. Toen Jan beneden zat te ontbijten hoorde hij van boven een afgrijselijke meisjesgil. 'Mijn vader rende meteen de trap op. Toen hij beneden kwam, kreeg ik behoorlijk op mijn duvel. Hij zei dat ik zelf voor straf nog eens een biggetje zou worden. Dat is gelukkig nooit gebeurd. Ik heb zelfs geen krul in mijn staartje gekregen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden