Woede én vreugde bij Palestijnen

Op de dag dat honderdduizenden Palestijnen 64 jaar geleden huis en haard verloren, geeft Israël toe aan de eisen van de 1.500 Palestijnse gevangenen in hongerstaking.

BETLEHEM - Op het plein waar Jezus van Nazareth volgens de overlevering het licht zag, moet de 'rampdag' nog beginnen, als de eerste protesttenten tegen de vlakte gaan. De Israëliërs hebben bakzeil gehaald, zegt Mohammed Al Masri, 'de meeste eisen van de hongerstakers zijn ingewilligd'. Terwijl hij een spandoek naar beneden haalt, zegt hij: 'Dit is een dag van verdriet, maar vandaag is het ook een dag van vreugde.'


Meer dan twintig dagen stonden er op het Kribbeplein tenten, waarin familieleden en andere sympathisanten hun solidariteit betuigden met Palestijnse gedetineerden die in Israëlische gevangenissen weigerden voedsel tot zich te nemen. Meer dan 1.500 gevangenen, van de in totaal vijfduizend Palestijnse gedetineerden, deden mee aan de actie. Een aantal leefde meer dan zeventig dagen zonder voedsel.


Maandagavond kwamen de Israëlische autoriteiten tegemoet aan hun eisen. De hechtenis van gevangenen die zonder aanklacht worden vastgehouden, zal niet na zes maanden opnieuw worden verlengd. Gedetineerden met familie in Gaza mogen voortaan bezoek ontvangen. Ook belooft Israël Palestijnen niet langer in de isoleercel op te sluiten.


'Dit is een mooie dag', zegt de 35-jarige Al Masri, terwijl hij meehelpt de protesttenten af te breken. Hij is sociaal werker in Betlehem en zat als tiener ook al eens vast. 'Zeven maanden in administratieve hechtenis. Ik weet nog steeds niet waarom ik destijds werd opgepakt.'


Vandaag is tegelijkertijd een verdrietige dag. Al Masri wijst naar de zwarte vlaggen die de betogers met zich meedragen. Het is 'Nakba', 'rampdag'. Nu, 64 jaar geleden, in 1948, verloren honderdduizenden Palestijnen huis en haard in steden en dorpen die nu in Israël liggen, of die geheel verdwenen zijn.


Het is een dag die traditiegetrouw gepaard gaat met demonstraties. In Israël gaan Arabische Israëliërs (1,5 miljoen mensen, op een bevolking van 7 miljoen) de straat op. Op de bezette Westoever, waar veel nazaten van vluchtelingen wonen, zijn er marsen richting de zo gehate checkpoints, waarbij het ieder jaar, als een vast ritueel, tot een gewelddadig treffen komt, waarbij traangasgranaten en stenen over en weer vliegen. Dit jaar raakten tientallen demonstranten gewond.


Demonstreren de Palestijnen op de Westoever tegen de bezetting van hun land, de eis van de Arabische Israëliërs komt er grofweg op neer dat ook hun geschiedenis in de officiële annalen van de staat Israël wordt opgenomen. Het is een eis die in Israël steevast tot felle debatten leidt.


Het is het onontkoombare lot van de in 1948 gestichte staat: in de weken dat de grootste (Joodse) bevolkingsgroep de onafhankelijkheid viert, betreuren de Arabische burgers van hetzelfde land het verlies van de huizen en de grond van hun grootouders.


'Wij zijn niet tegen het bestaan van Israël', zegt een 21-jarige Arabisch-Israëlische student uit Jaffa die op bezoek is in Betlehem, 'we willen erkenning voor het leed dat de Arabische bewoners in 1948 is aangedaan. Dat is alles. Verder voel ik mij een Israëlische staatsburger.'


Dat laatste kan niet gezegd worden van Abdel Majid. Hij is de moefti van Betlehem en woont dus aan de andere kant van de 'Groene Lijn' die de bezette Westoever van Israël scheidt. De moslimgeestelijke gelooft dat het ooit tot een vergelijk 'moet' komen tussen Israël en de Palestijnen. Maar dat zal niet onder de 'de heerschappij van premier Netanyahu' zijn. 'Kijk om u heen, het land rondom Betlehem is volgebouwd met Israëlische nederzettingen en de illegale nieuwe Joodse wijken van Jeruzalem.'


Aan de andere kant is de man die zelf vele maanden in Israëlische gevangenissen doorbracht ('tijdens de geboorte van de meeste van mijn kinderen zat ik achter de tralies') sinds vandaag weer wat optimistischer gestemd. 'Met geweldloos verzet, met een hongerstaking, hebben duizenden Palestijnse gevangenen de Israëliërs op de knieën gekregen. Dat is hoopvol.'


Sjeik Majid verwacht veel van acties die via sociale media lopen. 'Vroeger wist de wereld nauwelijks wat zich in Israëlische gevangenissen afspeelde, nu kan iedereen het allemaal via internet volgen. Daarom ging Israël overstag. Weet u dat de Egyptische president Nasser werd vergiftigd? Zijn opvolger Sadat werd door een kogel gedood. En diens opvolger, Mubarak? Die kwam door Facebook ten val.'


De moefti glimlacht: 'Dat noem ik vooruitgang. Op deze manier moeten we de Israëlische bezetting ook aanpakken.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden