Witte oude dame

Als ik vanaf mijn huis op de derde verdieping de straat in kijk, staat ze daar. Ze straalt niet, daar is ze te oud voor....

De Boekenweek gaat dit jaar over de liefde. Er zijn veel uiteenlopende liefdes in mijn hart, maar die zijn niet zo boeiend, in de zin dat ze niet verrassend zijn. Maar een paar jaar geleden heb ik een nieuwe categorie objecten voor mijn liefde ontdekt. Dat ik zo'n diepe affectie zou kunnen voelen, had ik tot dan niet kunnen vermoeden.

Mijn meest vreugdevolle, ongecompliceerde liefdesrelatie met een levenloos object onderhoud ik met mijn auto. Wat verbazingwekkend is, aangezien ik in de wieg gelegd ben voor een autoloos, zo niet autovijandig bestaan. Ik ben opgroeid in een autoloos gezin. Als ze ergens heen wilden, kochten mijn ouders een trein- of een buskaart. Eerst met drie, en na de geboorte van mijn jongste zusje met vier kinderen reisden zij met het openbaar vervoer Nederland rond. Als het echt moest, vroegen mijn ouders familieleden om een lift van en naar het station, maar liever behielden ze hun autonomie en vervoerden ze zichzelf, hun kinderen en vaak ook enorme hoeveelheden bagage op eigen kracht.

Had je vader dan geen rijbewijs, is de slimme vraag. Nee, dat had hij niet, en heeft hij nog steeds niet. Hij heeft ooit geprobeerd zijn rijbewijs te halen, maar dat mislukte. Ik herinner me dat hij op zaterdagochtend rijlessen nam. Wij kinderen dromden dan om de lesauto en juichten als hij de straat uitreed. Maar het mocht niet baten, mijn vader werd doodziek van al dat gezeur van de rijschoolman. Mijn moeder heeft het zelfs niet eens geprobeerd. Jaren later deed mijn zusje - de eerste van ons die het zich kon veroorloven - een poging. Ook zij sneuvelde in de loopgraaf van het niet kunnen wennen aan al dat gedoe met zo'n machine en de constante kritiek van de instructeur in je rechteroor. Wij legden ons erbij neer. Dit was ons lot. Ergens in ons Meijers ontbreekt het gen voor automobiliteit, wisten we.

Totdat ik. Jij? vroegen de vrienden en bekenden. Jij? Dat kun jij helemaal niet! Je bent veel te veel een dromer! Je weet de helft van de tijd niet eens hoe laat het is! Je weet niets van het ware leven! Of zoiets. Want vaak trok men slechts misprijzend de bovenlip op, als teken van verachting. Ik hoorde ze denken dat het niet veel gekker moest worden. Hoe durfde ik de natuurlijke orde der dingen zo in de war te schoppen?

Ik zette door. Laat het een les zijn voor alle mensen die dit lezen en met de moed der wanhoop iedere keer maar weer in die lesauto stappen. Als ik het kan leren, kan vrijwel iedereen het. Na twee jaar had ik de hoop al bijna opgegeven. En toen lukte het.

Wat een vreugde.

Wat een dikke opgestoken middelvinger naar al die types die ervan overtuigd waren dat er iets existentieels aan mij mis is, zodat ik het nooit zou kunnen. Het zou toen nog een paar jaar duren voor ik voldoende moed vergaard had om de witte oude dame te kopen die nu voor de deur staat weg te roesten. Want iemand die uit een autoloos gezin komt, staat bij een garage zonder enig vermogen tot oordelen, machteloos, naakt en blind en zonder een benul van wat er onder de motorkap gebeurt en wat goede banden zijn.

Maar ook dit is me gelukt. En daarom houd ik zo van mijn auto. Het is schaamteloos narcisme. Uiteraard. Zij symboliseert vrijheid en autonomie en geeft me alleen al door haar aanwezigheid zelfvertrouwen. Ze is van mij; ik heb haar en het vermogen om haar voor mij te laten werken voor de poorten van de hel weggesleept. Ik heb haar zelf met mijn eigen geld gekocht, nou ja... met het aanvullend honorarium dat ik eind 1999 van het Fonds voor de Letteren ontving voor een toneeltekst die ik had geschreven.

Ik kan haar openen met mijn sleutels. En ik kan haar motor starten en ermee wegrijden. Dat wegrijden vat ik zo letterlijk mogelijk op. Zo heeft ze me al meer dan eens naar Antwerpen gebracht, 's middags heen en 's avonds terug. En naar Berlijn, op bezoek bij mijn jongste zusje. Ik ben met haar tot aan het Italiaanse Volterra gereden. De langste afstand tussen twee punten op de landkaart van Europa die wij samen hebben afgelegd is Amsterdam-Cordoba. Met mijn moeder en mijn zusje naar de Feria, scheurend over onbekende, met palmbomen omzoomde boulevards. Dat is geluk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden