Wir zeichnen Autos

Nederland heeft dan misschien zelf geen auto-industrie meer, maar intussen bekleden 'Dutch designers' belangrijke posten bij Renault, Volvo en BMW. Wat is hun geheim? Over Pininfarina in de polder.

Dit is de wereld van de sierlijke bolling, de strakke lijn, de scherpe vouw, de glanzende lak. Mooi? Lelijk? In deze biotoop gebruiken de protagonisten andere kwalificaties. De combinaties van staal, chroom, kunststof en glas worden vermenselijkt. Ze ogen 'agressief', 'zelfverzekerd', 'stoer', 'olijk'.


Dit is het domein waarin enkele Nederlanders een hoofdrol spelen. Kijk naar Laurens van den Acker (48, Deurne) op de grootste autobeurs van Europa, de Internationale Automobil-Ausstellung in Frankfurt. Voor een haag van cameralieden en fotografen - er is zelfs een tribune opgetrokken - gebaart hij liefdevol naar welvingen onder een wit doek. Het bedekt zijn jongste ontwerp: de Initiale Paris is een voorproefje van de opvolger van Renaults luxebusje de Espace.


Of probeer een glimp op te vangen van Adrian (vh Adriaan - maar de dubbele a leidde in het buitenland tot verwarring) van Hooydonk (49, Echt). Achter de glazen deuren van de ontvangstruimte van BMW houdt hij een volle dag audiëntie voor autojournalisten, zo'n 20 minuten per gesprek. Belangrijkste onderwerp: op de beurs debuteren de stadsauto i3 en de sportwagen i8, waarmee de Bayerische Motoren Werke hun entree op de markt van elektrische auto's markeren.


Op de stand van Volvo wordt onder zware synthesizerklanken en zwiepende lampen het doek van een conceptcoupé af getrokken, het visitekaartje van de recentelijk als chief designer aangetrokken Duitser Thomas Ingenlath. Leden van het team van Fedde Talsma (60, Leeuwarden) werkten eraan mee. Zelf is hij in Göteborg gebleven - hij zou later wel komen - maar zijn jongste stempel staat op de nieuwe snuit en kont van de V60, XC60 en S80 - de modellen staan in Frankfurt, maar intussen ook al in de showroom.


Nederlandse ontwerpers zijn succesvol in de autobranche. Ze werken onder meer bij Audi, Opel en Ford. De vaandeldragers zijn Van den Acker, senior vice president of corporate design bij Renault en ook verantwoordelijk voor de auto's van dochters Dacia en Sam-sung, en Van Hooydonk, designdirecteur van de BMW-groep, waaronder ook Mini en Rolls-Royce vallen. Talsma, designbaas exterieur bij Volvo, is de nestor; hij is al dertig jaar verbonden aan het Zweedse merk.


Gemeenschappelijke noemer: een opleiding aan de Technische Universiteit Delft. Van den Acker en Van Hooydonk waren eind jaren tachtig zelfs jaargenoten en zijn sindsdien bevriend gebleven. Van Hooydonk: 'Het was wel opvallend. Toen we begonnen was de boodschap: voor autodesign moet je niet in Delft zijn. Maar terugkijkend was het een goede voorbereiding. Industrieel ontwerpen speelt zich af in het gebied tussen vrije kunst en techniek. Mijn hart lag bij het creatieve, ik tekende destijds veel. Maar wat ik meekreeg aan techniek komt me van pas. Auto's zijn gecompliceerd geworden. Je voelt beter de dilemma's van de engineers aan, je moet een beetje hun taal spreken.' Inmiddels heeft de TU een poot automotive design.


Van Hooydonks tips heeft voor een aanstelling in de bedrijfstak? 'Niet snel opgeven.' BMW wees hem eerst ook af, waarna hij zich bijschoolde aan het Art Center Europe in Vevey, Zwitserland. Toen pikten de Duitsers hem alsnog op.


Hij woont al jaren in München. Als hij praat, dringt het Duits zich geregeld op, de Limburgse g heeft standgehouden. Heeft hij er een verklaring voor dat Nederlanders het goed doen? 'Een Duitser in Frankrijk of een Fransman in Duitsland zal sneller tegen conventies aanlopen. Een Nederlander is neutraal. Hij heeft geen last van de traditie van een auto-industrie. Vorsicht, generaliseren is nogal hachelijk, maar wat ik van mijn collega's hoor, is dat ze ervan onder de indruk zijn hoe open we zijn. Daarbij zijn we ook in staat resultaat te leveren. Je kunt heel vrij denken en van alles op papier zetten, maar het moet wel haalbaar zijn.'


In de coulissen van de Renaultstand op de IAA in Frankfurt wisselt Laurens van den Acker afhankelijk van zijn gesprekspartner van Duits naar Frans of Engels. Onder het donkergrijze pak vallen zijn sneakers met knalroze flappen en veters op; de designer onderscheidt zich van de bestuurders en marketeers met casual accenten. Zijn uitleg: 'Nederlandse auto-ontwerpers moeten naar het buitenland. Dat betekent dat je offers moet brengen om je passie na te jagen. Je laat je familie achter, je vrienden. Dan zet je misschien net dat stapje extra.' De loopbaan van Van den Acker voerde hem naar Italië (Design System), Duitsland (Audi), de Verenigde Staten (Ford) en Japan (Mazda). Hij proefde even wat reserves toen hij bij Renault Patrick le Quément opvolgde, die zowel succesnummers als miskleunen op zijn naam had staan. In kranten rees de vraag waarom er eigenlijk een buitenlander nodig was en of er in Frankrijk soms zelf geen talent was. 'Maar dat is wel verdwenen. Ik kwam binnen bij Renault in 2009, toen men nogal de weg kwijt was. Er moest iets anders gebeuren. Wat verwachten jullie, vroeg ik bij mijn aanstelling. Ze zeiden: great cars.'


Inmiddels staan er zes conceptauto's van zijn hand, waarvan er tot dusver twee in productieversies zijn verschenen, de nieuwe Clio (met een stationvariant) en de Captur, een kleine SUV. Van den Acker laat zich leiden door de levensfasen van de potentiële koper. De Clio straalt bijvoorbeeld verliefdheid uit, de Captur de zucht naar avontuur, de Initiale Paris levenswijsheid. Overal staat prominent het logo op de neus. Het merk kon volgens Van den Acker wel wat zelfvertrouwen gebruiken.


In de designstudio van Volvo bij Göteborg zet Fedde Talsma met de druk op de knop draaischijven in beweging. De V60, de XC60 en de S80 beginnen aan een geluidloze ronde. Hij wijst op de horizontale chromen spijlen in de grille, het afgenomen aantal hoeken in het koetswerk. 'Het oogt zelfbewuster nu, minder zenuwachtig.' Aan de achterzijde vallen de rechthoekige uitlaten op, geïntegreerd in de bumper. 'We hebben even overwogen om ze buiten het zicht te houden. Maar dan hadden de petrolheads zich afgevraagd of het wel een echte auto was.' Een facelift behoort ook tot het arsenaal van de ontwerper. 'Je moet tijdig iets doen. Anders kom je erachter dat er iets met een oud bekkie in de showroom staat.'


Talsma noemt de prominente aanwezigheid van Nederlandse ontwerpers 'wonderbaarlijk'. Ook hij ziet de afwezigheid van een chauvinistische erfenis in een wereldmarkt als voordeel. Maar ook: 'Misschien zijn we niet eens de allerbeste ontwerpers. Wat we gemeen hebben, is het vermogen een ontwerp door de hele organisatie heen te sleuren, langs techniek, marketing, directie.'


Hij won in 1983 een designwedstrijd voor Volvo, dat hem daarna een baan aanbood. Daarvoor ontwierp hij stofzuigers, ijskasten, motorjachten en machines in de voedingsindustrie. Hij pendelde lange tijd heen en weer tussen Nederland en Göteborg, maar besloot zich enkele jaren geleden in Zweden te vestigen. Hij heeft een huis aan een fjord. 'Dat ik hier zo lang ben gebleven, heeft wel met de liefde voor de auto te maken. Op de broodroosterafdeling had ik het niet volgehouden.' Zijn hand is terug te zien in onder meer de 440, 460 en 480, de verschillende generaties van S40 en V40, de C70 cabrio en de jongste V40. 'Ik houd van de continuïteit van Volvo - het ene model komt uit het andere voort.' Vaste stijlelementen: de grille, de lijn op taillehoogte van de koets en een bolling van portieren naar ramen - dat versterkt het veiligheidsgevoel.


Dat Volvo de laatste jaren de robuuste rechthoek - criterium: er moet een koelkast in passen - heeft verlaten en zich meer profileert met scherpere, schuine lijnen om sportiviteit uit te stralen, is niet in strijd met de traditie. 'De aantrekkelijkheid van een veilig en betrouwbaar vervoermiddel wordt alleen maar groter door een meer dynamisch en emotioneel uiterlijk. Als die eerste eigenschappen daardoor in het geding komen, worden we teruggestuurd naar de tekentafel. Met basiswaarden moet je niet sollen.'


Bestaat er een Nederlands handschrift in het lijnenspel van auto's? Adrian van Hooydonk gelooft van niet. 'Het design moet passen bij het merk. Een BMW is authentisch, moet beweging uitstralen, uitnodigen tot rijden.' Hoewel de karakters van bijvoorbeeld een 7-serie en de M-reeks sterk uiteenlopen, moet er ook sprake zijn van een familiegezicht. Aan de twee nieren van de grille en de dubbele koplampen valt niet te tornen. Toch voelt hij zich schatplichtig aan Dutch design. 'Dat zit 'm in het sterke karakter, de duidelijkheid, het ongecompliceerde, het brutale.' Het uitgesproken lijnenspel en de veelheid aan vouwen kwam BMW de laatste jaren geregeld op kritiek te staan, de eerste grote rechthoekige kofferbak van de 7-serie werd meesmuilend theetafel genoemd; nooit eerder verkocht het model beter. Van Hooydonk zegt zelf dat hij zich altijd afvraagt of er ergens nog een hoek of lijn af kan. 'Een zekere mate van understatement is voor premiumproducten niet verkeerd.'


Hoewel hij de vrije hand kreeg van zijn superieuren, voelt Laurens van den Acker dat beeldvorming en geschiedenis van een merk een uiterlijk sterk domineren. 'Bij Renault weet je dat je auto's moet maken die warm zijn, sensualiteit uitstralen en niet te ingewikkeld in elkaar zitten. Het is een merk voor een breed publiek. Mazda was meer zoom zoom, Ford in Amerika is Built Ford tough, testosteron. Dat verhaal moet je creëren.' Fedde Talsma: 'Als er al iets is van Dutch design, dan is het nuchterheid en pragmatisme in het hele traject van schets naar werkelijkheid. Gezond verstand.'


Aan zelf tekenen komen ze nog maar beperkt toe. Van Hooydonk heeft 650 ontwerpers onder zich, niet alleen in München, maar ook in Californië en Sjanghai, Van den Acker stuurt 500 tekenaars aan. Is het nog wel hun ontwerp dat over straat rijdt? Onder Van Hooydonk krijgen designers aanvankelijk alle vrijheid. Maar tijdens tussenpresentaties stuurt hij bij en maakt de keuzen. 'Ik zie de big picture én de millimeter. Het kan niet voorkomen dat de directie iets aan te merken heeft en ik moet antwoorden: o, dat was me niet opgevallen.' En opletten moet hij: bij BMW, Mini en Rolls-Royce lopen doorgaans 40 tot 45 projecten tegelijk. Van den Acker ziet zichzelf als dirigent van een orkest. Hij bepaalt wat er op de lessenaars belandt en bewaakt het totaal. Maar hij verlaat wel eens de bok. 'Je ziet dat ontwerpers soms vast raken als een nieuwe fase in de productie aantreedt. Dan wil ik wel eens zelf een lijntje trekken of wat tape op de auto plakken.'


Letten ze op elkaar? Op beurzen lopen ze over elkaar stands, maar niet zozeer om inspiratie op te doen. Talsma: 'Met een ontwikkelingstijd van zo'n vier jaar ben je toch te laat om te reageren. Soms zie je wel overeenkomsten of trends - misschien bestaat het wel, morfogenetische resonantie.' Van Hooydonk: 'Competitie spoort je aan nog beter je best te doen. Ik ken bijvoorbeeld de chef-designers van Mercedes en Audi goed, we vinden elkaar aardig. Maar vanaf elke maandagmorgen proberen we elkaar te verslaan.'


De Nederlandse ontwerpers hebben het bij enkele grote merken voor het zeggen op een moment dat de auto-industrie zich opmaakt voor ingrijpende veranderingen: de komst van elektrische aandrijving, internet aan boord, de ontwikkeling van zelfstandig sturende auto's en de erosie van de automobiel als statussymbool. Zijn er gevolgen voor het design? Van Hooydonk: 'Het element van schoonheid zal zeker blijven. Maar het accent zal minder op uiterlijk vertoon liggen. Niet meer: kijk eens wat ik heb bereikt. De consument van morgen zal meer gericht zijn op innerlijke waarden: wat kan die auto voor mij doen? Maakt die mijn leven aangenamer, makkelijker?' Van den Acker heeft een kanttekening. 'Het zijn vooral West-Europese gedachten. In India houden ze nog erg van dikke auto's, in China kunnen ze niet groot genoeg zijn en in Zuid-Amerika is de liefdesaffaire met de auto nog maar net begonnen. Vrijheid, het avontuur tegemoet... Het gevoel dat de auto geeft, is onverslaanbaar. Je wilt toch een eigen speeltje hebben?'


Applaus klatert als de Initiale Paris in volle glorie onder het doek vandaan komt. Het motief van de Eiffeltoren op de velgen, in het glazen dak is de plattegrond van Parijs verwerkt. Van den Acker: 'Renault is back, better than ever.' Nederlandser hoeft het van zijn Franse bazen waarschijnlijk niet te worden.


EN ZELF RIJDEN ZE IN...


Laurens van den Acker

Renault Clio RS


Adrian van Hooydonk

BMW 4, de nieuwe coupé


('Nog niet te koop, wel al te bestellen.')


Fedde Talsma

Volvo V40 R design


DE MOOISTE OOIT


Volgens Laurens van den Acker Lancia Stratos Zero van Bertone (foto links). 'De auto is geloof ik nog geen meter hoog. Het verhaal gaat dat de ontwerper de fabriek niet binnen mocht. Toen is hij onder de slagboom doorgereden.'


Adrian van Hooydonk '


Lancia Stratos Zero

van Bertone. Maar eigenlijk geldt: elke volgende auto die we maken is het allermooist.'


Fedde Talsma '


De Jaguar E-type

.' (foto rechts)


ONTWERP ALS EXPORTPRODUCT


Adrian van Hooydonk en Laurens van den Acker treden in de voetsporen van Harm Lagaay. Deze in Den Haag geboren ontwerper tekende in de jaren zeventig voor Porsche mee aan de 911, 924 en 928 en kreeg het later voor het zeggen bij Ford. Na een tussenstop bij BMW, keerde hij eind jaren tachtig bij Porsche terug als hoofd van de designafdeling en had de hand in onder meer de Boxster, Cayman, Cayenne en nieuwe 911-generaties. Op dit moment is naast Van Hooydonk, Van den Acker en Talsma (Volvo) een pelotonnetje Nederlanders betrokken bij auto-ontwerp. Zo is bij Volvo Corien Pompe designmanager identiteit en innovatie. Doeke de Walle is senior interior designer bij BMW, hij kwam van Pininfarina. Lotte Kanters bepaalt bij Ford mede kleur- en materiaalgebruik. Sarkis Benlyian en Mattijs van Tuijl zitten bij Audi. Bij Opel werkt Ivo van Hulten, hij maakte onder meer de eerste schetsen van de Monza Concept, ook op de IAA Frankfurt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden