Analyse

Winst maken met scholen kan, maar mag niet

Ondernemen in onderwijs

Het moet makkelijker worden een school te beginnen, vindt staatssecretaris Dekker. Werkt dat commercie in de hand?

Beeld Thinkstock

Winst maken door een hele batterij scholen te stichten? Het klinkt als een onwenselijk scenario, maar binnenkort ziet een slimme ondernemer er wellicht brood in. Dat gaat dan ongeveer zo: de ondernemer bedenkt een vernieuwend onderwijsconcept, richt een scholenstichting op, toont via een groot marktonderzoek de interesse voor zijn aanpak aan, schrijft een degelijk plan en doet vervolgens in tientallen gemeenten aanvragen voor nieuwe scholen.

Die scholen mogen vervolgens allemaal van start gaan, als tenminste het wetsvoorstel wordt aangenomen dat staatssecretaris Sander Dekker (Onderwijs) woensdag in internetconsultatie gaf. Deze wet, die in 2018 aangenomen moet zijn, maakt het oprichten van scholen gemakkelijker: de oprichters hoeven alleen te bewijzen dat er voldoende belangstelling is en dat ze de kwaliteit op orde hebben.

Nu komt het. Naast die stichting begint de ondernemer ook een bedrijf dat leermiddelen aan scholen verkoopt. Al die nieuwe scholen gaan hun computersystemen of boeken inkopen bij dat bedrijf. Ook sturen ze hun docenten er op cursus om de finesses van het onderwijsconcept onder de knie te krijgen.

Interview Sander Dekker
Lees hier het interview met minister Sander Dekker over de versoepeling voor het stichten van een school.

Honderden miljoenen aan omzet

'Als je het zo aanpakt, heb je een goede business case', zegt Misha van Denderen van de Stichting voor Persoonlijk Onderwijs, die zelf de afgelopen jaren een aantal scholen oprichtte - zonder daar naar eigen zeggen zelf financieel van te profiteren. 'De kans is groot dat een partij dit gaat doen als de wet straks verandert. Het is aantrekkelijk, het gaat om honderden miljoenen aan omzet.'

Het kan ook nog anders, zegt Van Denderen. De ondernemer zou bijvoorbeeld een detacheringsbureau kunnen oprichten dat docenten levert aan al die scholen. Dat bureau strijkt een percentage van het loon op. Met tientallen scholen valt er flink wat te verdienen.

En ook wie al een bedrijf heeft, zou kunnen profiteren van de nieuwe wet. Stel bijvoorbeeld dat je een uitgeverij van leermiddelen bezit, zoals bijvoorbeeld Noordhoff Uitgevers. Waarom zou die dan niet honderd scholen stichten, allemaal bekostigd door de staat, die allemaal lesmateriaal afnemen bij de uitgeverij?

Volgens Van Denderen zou dergelijke commerciële invloed van binnenlandse of buitenlandse partijen slecht zijn, omdat de samenleving er weinig mee opschiet. 'Zulke partijen streven niet naar goed onderwijs voor iedereen. Ze hebben een ander belang, een commercieel belang. Het kan gunstig voor ze zijn om te zorgen dat zich vooral goede leerlingen inschrijven. Die zijn het goedkoopst, waardoor er meer geld overblijft. De scholen zouden zich daarom bijvoorbeeld alleen in rijke wijken met veel hoogopgeleiden kunnen vestigen.'

'Onwenselijk'

De Tilburgse hoogleraar onderwijsrecht Paul Zoontjens vindt het geschetste scenario niet ondenkbaar. 'In de wet is vastgelegd dat scholen geen winst mogen maken', zegt hij. 'Maar ze mogen natuurlijk wel van commerciële partijen producten of diensten betrekken. Als je het zo weet te organiseren dat al die scholen hun spullen bij één partij afnemen, dan heb je een winstgevend concept.'

Zoontjens denkt niet dat dat een goede ontwikkeling is. 'Scholen moeten gericht zijn op onderwijs, niet op het maken van winst. 'Ik zou het onwenselijk vinden als mensen scholen gaan oprichten om geld te verdienen. Dat moeten we zien te voorkomen, al zal dat behoorlijk lastig zijn.'

Hoogleraar onderwijsrecht Pieter Huisman van de Erasmus Universiteit denkt niet dat commerciële partijen in groten getale gaan proberen scholen te stichten. 'Waarschijnlijk bevat het systeem voldoende checks and balances in de wetgeving om te voorkomen dat we het onderwijs uitverkopen aan allerlei private partijen.'

Belangenverstrengeling voorkomen

Ook het ministerie maakt zich vooralsnog geen zorgen. 'Ik ben niet zo bevreesd voor het theoretische scenario dat hier wordt geschetst', zegt staatssecretaris Dekker. 'Er zijn verschillende wettelijk beperkingen die het heel lastig - zo niet onmogelijk - maken om straks bekostigde scholen te stichten, om er vervolgens aan te verdienen. Maar ik nodig iedereen van harte uit om zo nodig het wetsvoorstel tijdens deze internetconsultatie verder aan te scherpen.'

Een woordvoerder van Dekker verwijst naar de verschillende codes van goed bestuur in zowel het basis- als het voortgezet onderwijs, die vermelden dat elke schijn van belangenverstrengeling moet worden voorkomen. 'Wanneer een bestuurder een belang heeft in een uitgeverij waar al zijn scholen boeken afnemen, is vanzelfsprekend sprake van een dergelijke belangenverstrengeling.'

Ook via het Burgerlijk Wetboek zou het mogelijk moeten zijn belangenverstrengeling aan te pakken, denkt hij. 'Als een bestuurder winst wegsluist, moet hij te vervolgen zijn.'

Winst halen uit een detacheringsbureau dat docenten aan de scholen uitleent, is volgens het ministerie ook onwaarschijnlijk. De personeelskosten van de scholen zouden dan de pan uit rijzen. In de cao ligt vast dat gedetacheerde docenten evenveel verdienen als docenten die in dienst zijn en daar komen dan nog de btw en de winstmarge voor het bedrijf bovenop. 'Dan ben je dus heel duur uit. Zo veel geld hebben scholen niet.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.