Interview Wim Pijbes

Wim Pijbes mag met miljoenen van schatrijke familie strooien in cultureel Rotterdam: ‘We kunnen doen wat we willen’

De Fenixloods op Katendrecht. Beeld Harry Cock

Oud-Rijksmuseumdirecteur Wim Pijbes begint het ene na het andere cultuurproject in Rotterdam met de miljoenen van een mecenas om wie een waas van mysterie hangt. ‘Dit wordt de grootste kunstruimte van het land.’

Waar is Wim? Na zijn zelfgekozen afscheid in 2016 als directeur van het Rijksmuseum en zijn kortstondige betrekking bij Museum Voorlinden in Wassenaar  ‘ik had andere verwachtingen van mijn rol’  leek het stil te zijn geworden rond Wim Pijbes (57).

Begin 2017 was hij directeur geworden van Stichting Droom en Daad, die kunst en cultuur wil bevorderen in Rotterdam. Dat leek een ‘baan in de luwte’, zoals de Volkskrant schreef in een artikel over Panorama Pijbes, zijn tv-serie over Nederlandse landschapskunst.

Schijn bedriegt. De laatste maanden duikt zijn naam voortdurend op omdat Droom en Daad miljoenen in de havenstad steekt. De stichting is met de gemeente in gesprek over de aankoop van drie markante gebouwen — de Fenixloods, het Katoenveem en het RDM Veerhuis. Het Katoenveem is een kolossaal pakhuis uit 1920. Na een grondige restauratie van het rijksmonument zal daar kunst te zien zijn, onthult Pijbes: enorme beelden en installaties die speciaal voor die ruimte worden gemaakt. ‘Zoiets bestaat nog niet in Nederland. Het wordt de grootste kunstruimte van het land.’

Wim Pijbes. Beeld ANP

Daarnaast financiert Droom en Daad tal van andere zaken: van de instelling van een jaarlijkse choreografieconcours (hoofdprijs: een ton) tot de aanschaf van een zeldzaam art-deco-affiche uit 1935 voor het Stadsarchief. 893 euro kostte die op een veiling in New York. Die aankoop haalde alle kranten; Pijbes weet feilloos hoe hij publiciteit moet genereren. ‘Een ouderwets Wimmetje’, lacht hij in de vergaderzaal van het statige pand waarin Droom en Daad zetelt.

Dat hij daar nu werkt, is het gevolg van een serie toevalligheden. Na zijn vertrek bij Museum Voorlinden (waar hij nog wel bestuurslid is) werd hij zo vaak gebeld dat hij een bv oprichtte. Een opdracht was een zwakte-sterkte-analyse van de cultuursector in Rotterdam, de stad waar hij sinds jaar en dag woont.

‘Daarna kreeg ik telefoon van iemand die ik weleens een hand had gegeven: of ik vorm wilde geven aan een nieuwe stichting die wil investeren in cultuur in Rotterdam. De kunstsector is door bezuinigingen ongelooflijk uitgehold. Hij zei: er moet extra brandstof in de tank.’

Simpele keuze

Pijbes hoefde niet lang na te denken. ‘In het Rijksmuseum had ik goede ervaringen opgedaan met mecenaat en filantropie. En ik had natuurlijk gewerkt met Joop van Caldenborgh (de ondernemer en kunstverzamelaar achter Voorlinden, red.). Bij zulke mensen zie ik energie, slagkracht, ambitie, goede ideeën. Dit was bovendien iets dat ik nog niet had gedaan.

‘Nederland kende een rijke filantropische traditie, maar het openbaar bestuur heeft gaandeweg veel taken overgenomen. Nu treedt de verzorgingsstaat weer terug. Tegelijk staan we aan de vooravond van de grootste transgenerationele vermogensoverdracht ooit. Hoogleraar Theo Schuyt heeft becijferd dat de komende decennia 100 miljard euro voor goede doelen beschikbaar komt uit legaten en erfstellingen. Daarvoor moet een agenda worden ontwikkeld. Niet eenzijdig door de overheid, maar samen met de filantropische sector. Mecenassen geven geen blanco cheques, ze willen betrokkenheid.’

Havenbaronnen van der Vorm

De man die Pijbes belde over een nieuwe cultuurstichting is Martijn van der Vorm. Een investeerder om wie een waas van mysterie hangt. Ook Pijbes zwijgt over deze telg van gefortuneerde havenbaronnen.

Willem van der Vorm (1873-1957) was een boerenzoon die een succesvol ondernemer werd met de handel in steenkool en het vervoer daarvan over water. Hij redde later de in financiële nood verkerende Holland-Amerika Lijn (HAL), de rederij die honderdduizenden landverhuizers naar de Nieuwe Wereld verscheepte.

Zijn neef Nico van der Vorm (1927-1995) maakte van de HAL een cruisemaatschappij en verkocht die in 1989. De opbrengst investeerde hij in bedrijven, vooral in Rotterdam. Diens zoon Martijn (1958) bouwde de HAL  de naam bleef behouden  verder uit. En hoe: volgens maandblad Quote waren de Van der Vorms in 2017 de op een na rijkste familie van Nederland met een geschat vermogen van 9,2 miljard euro.

Pijbes is in de schoot gevallen van een schatrijke familie die wat terug wil doen voor de stad en in 2011 al een andere organisatie had opgezet. Stichting De Verre Bergen investeert jaarlijks ongeveer 25 miljoen euro in sociale projecten in Rotterdam, zoals nieuwe vrachtwagens voor de voedselbank en tweehonderd huizen voor Syrische vluchtelingen die ook een inburgeringsprogramma krijgen. Ook heeft Verre Bergen 20 miljoen euro bijgedragen aan de bouw van het Collectiegebouw, het nieuwe depot van Museum Boijmans Van Beuningen.

Daar is dus Stichting Droom en Daad bijgekomen, opgericht ‘ter bevordering van kunst en cultuur in Rotterdam’. ‘De stad is het doel’, verduidelijkt Pijbes, van oorsprong kunsthistoricus. ‘Niet kunst en cultuur. Dat zijn middelen om de stad aantrekkelijker te maken; livable voor bewoners, lovable voor bezoekers.’

Uit het directieverslag blijkt dat de stichting in 2017 ruim 2 miljoen euro aan giften heeft verstrekt en bijna 7 ton aan toezeggingen aan projecten heeft gedaan. Er zijn in 2018 alweer de nodige nieuwe initiatieven bijgekomen. Pijbes zwijgt over zijn budget. Droogjes: ‘We kunnen doen wat we willen doen. Dus dat is heel fijn.’

Fietsselectie

Hoe komt de selectie tot stand? Door eerst door de stad te fietsen, antwoordt Pijbes. Daarna hebben hij en adjunct-directeur Laura Dufour zo’n driehonderd gesprekken gevoerd. Langzaam leidde dat tot een beeld wat de stichting wel en niet wil doen.

‘Punt 1: we nemen geen aanvragen in behandeling. We dekken ook geen tekorten voor volgende exposities of voorstellingen. Punt 2: wie met ons in zee gaat, krijgt ons erbij. Wij zeggen niet: hier heb je een bedrag, los het maar op. We beheren ‘conscious capital’, bewust kapitaal: we zijn een betrokken investeerder, we willen dat het goed met je gaat. Zo goed dat we ons op termijn kunnen terugtrekken. We verwachten geen financieel, maar maatschappelijk rendement.’

Het stichtingsbestuur, met Martijn van der Vorm als voorzitter, beslist over de keuze van de projecten. Er klonk ook kritiek uit de stad, bijvoorbeeld op het plan om Het Park onder de Euromast een facelift te geven. Een raadslid vroeg zich op de lokale zender af waarmee Pijbes zich bemoeide: ‘Het is toch onbestaanbaar dat een particulier gaat bepalen hoe het groen in de stad eruit gaan zien, buiten de gemeenteraad om, terwijl het een park van de gemeente is.’

Pijbes heeft het raadslid tijdens een rondleiding uitleg gegeven. ‘We zijn het nu roerend eens. Natuurlijk is Het Park van de gemeente. We willen het niet kopen, we willen het mooier maken voor iedereen. Het ligt er nu niet optimaal bij. Ik ben niet de enige die dat vindt. De openbare ruimte is niet alleen een zaak van het openbaar bestuur, die bepalen we met z’n allen.

‘Stadsparken worden de laatste tien jaar steeds intensiever gebruikt. Tegelijk worden ze als problematisch gezien: ze kosten veel geld en niet één partij stelt zich als verantwoordelijk eigenaar op. De veiligheid ligt bij de politie, de verlichting bij het elektriciteitsbedrijf, de aanleg bij de Dienst Stadsontwikkeling en het beheer bij de Dienst Stadsbeheer. Ze hebben onderling amper contact. Soms zijn er zelfs tegenstrijdige belangen.’

Een mogelijke oplossing zag Pijbes in Central Park in New York: maak een stichting verantwoordelijk voor Het Park. Betrek daar particuliere begunstigers bij en verdien onder meer geld door een vergoeding te vragen voor evenementen. ‘In Central Park is een cyclus van verval en onveiligheid doorbroken door een continue stroom van niet alleen geld, maar vooral betrokkenheid en zorg. Een kapotte prullenbak wordt meteen gemaakt.’

Hebben we alle initiatieven besproken, vraagt hij aan het einde van het interview. Hij vinkt de handgeschreven lijst af die voor hem op tafel ligt. Droom en Daad heeft zoveel op de rails gezet dat hij voor zichzelf een overzicht heeft gemaakt. Zijn organisatie heeft voorlopig de handen vol, erkent hij. ‘We sluiten aan bij de kracht van deze stad: de rivier, de openbare ruimte en het talent. Waar loopt de energie? Als je daarop aanhaakt, kun je het laten stromen.’

Klik of tik op bovenstaande afbeelding om een grotere versie te zien. Beeld de Volkskrant
1. Fenixloods II: Grote loods op Katendrecht uit 1923, schuin tegenover Hotel New York. Na een grootscheepse restauratie komt hier onder meer een ‘Landverhuizersmuseum’, over de vele migranten die vanaf deze plek vertrokken naar Amerika. Pijbes: ‘Het Stadsarchief Rotterdam heeft de passagierslijsten van de Holland-Amerika Lijn (HAL) uit 1900-1969, zo’n drie miljoen namen. Die worden digitaal toegankelijk. De Fenix gaat ook het verhaal vertellen van de migranten die naar de stad zijn gekomen.’ Beeld Harry Cock
2. Het Park en Het Heerenhuys: Het grote park, een rijksmonument tussen Veerhaven en Euromast, moet volgens Pijbes worden verbeterd. ‘Dit kan het mooiste park van Europa worden.’ Droom en Daad heeft al bijgedragen aan de restauratie van Het Heerenhuys in het hart van Het Park, ook een rijksmonument. ‘Daar komen met onze steun ook concerten op zondagmiddag.’ Beeld Harry Cock
3. Katoenveem: Een pakhuis van 138 bij 43 meter in het Merwe-Vierhavengebied uit 1920. Dit moet een art commissioned space worden, met kunst die speciaal voor deze immense ruimte wordt gemaakt. ‘Denk aan The Shed die in 2019 in New York opent. Het Katoenveem oogt van buiten vervallen, maar het is een weergaloze ruimte. We willen dit rijksmonument in oude glorie herstellen.’ Beeld Harry Cock
4. RDM Veerhuis: Het veerhuis van de Rotterdamse Droogdok Maatschappij (RDM) staat nu op instorten, maar verdient het om gered te worden. Pijbes: ‘Het wordt een huis waar het boek en de schrijver centraal staan. We werken samen met onder anderen Ernest van der Kwast, Wilfried de Jong en Maaike Pereboom.’ Beeld Harry Cock
5. Batavierhuis: In het voormalige hoofdkantoor van rederij Müller & Co in het historische Delfshaven kunnen musici repeteren. ‘Toen we met muzikanten spraken, vroegen ze niet om extra inkomen, maar om repetitieruimtes. Die hebben we gekocht, maar de muzikanten gaan het verder helemaal zelf regelen.’ Beeld Harry Cock

6. Internationaal Film Festival Rotterdam

Filmfestival IFFR viert in 2022 zijn vijftigste editie. ‘Wij steunen ze in de opmaat daarnaartoe. Het is een goed festival dat echter al tien jaar aan zijn plafond zit. Met extra geld kun je een schaalsprong maken, waardoor je financiële zekerheid, een beter programma, meer bezoekers en betere sponsors kunt realiseren.’

7. Kunsthal

De Kunsthal, waarvan Pijbes tussen 2000 en 2008 directeur was, krijgt steun om jaarlijks een grote internationale co-productie te programmeren. ‘Dat vereist een lange aanloop en een grote investering vooraf. Het is hetzelfde verhaal als bij het filmfestival: hopelijk kan er een schaalsprong worden gemaakt.’

8. Werkplaats Walhalla

Een productiehuis van Theater Walhalla op Katendrecht waar theatermakers kunnen experimenteren. ‘Om talent te kunnen laten ontluiken. Zitten we komende drie jaar in.’

9. Choreografieconcours

De Rotterdam International Duet Choreography Competition is een competitie voor duetten en nieuw talent. Pijbes: ‘Rotterdam heeft een hoog aangeschreven dansopleiding. Daarom steunen we deze nieuwe prijs drie jaar.’

10. Classical Next

Een keer per jaar is er een grote conferentie in De Doelen voor klassieke muziek. ‘Alle grote programmeurs uit Europa komen daar. Dat is een geweldig netwerk.’

11. Internationaal dirigentenconcours

Initiatief van onder anderen Martijn Sanders, voormalig directeur van het Concertgebouw, voor jonge dirigenten. ‘Het probleem van dirigenten is dat ze een orkest nodig hebben. Dat pluk je niet even van de boom. Het Rotterdams Philharmonisch heeft een avontuurlijke traditie voor jonge dirigenten. Daar haakt dit concours bij aan.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.