Willem Melching zoekt spijkers op laag water

Volgens Geert Mak mag pas na het zien van alle afleveringen van zijn serie worden gezegd wat de makers hebben nagelaten....

Er gebeurt iets leuks in Nederland. Zo’n 800 duizend mensen kijken opeens naar een televisieserie over de geschiedenis van Europa. Door de waan van de dag, en soms ook door zure historici, zijn ze indertijd de les uitgejaagd, maar nu praten ze er weer over. Ze delen mee in het verleden van hun mede-Europeanen, ze voelen hoe nabij die 20ste eeuw soms nog is. Ze duiken hele avonden in de uitbundige website die om de serie heen is gebouwd. Ze luisteren iedere zondagochtend met honderdduizenden naar allerlei deskundigen in het radioprogramma OVT. Ze beginnen verder te lezen. Er lukt warempel iets!

Op zo’n moment begint, volgens goed Nederlands gebruik, de heggenschaar te ratelen.

Afgelopen dinsdag verscheen op de Forumpagina van de Volkskrant een felle aanval op de serie onder de kop ‘Geert Maks tv-serie ‘In Europa’ barst van de fouten’. In het betreffende opiniestuk, een bekorte weergave van een artikel uit het Historisch Nieuwsblad, wees de historicus Willem Melching op exact drie feitelijke onjuistheden – bij eentje heeft-ie trouwens niet goed gekeken of geluisterd – en daarnaast hekelde hij een paar interpretaties die de zijne niet zijn. Hij baseerde zijn betoog op, als ik het goed begrijp, twee afleveringen, waarvan eentje ook nog eens een soort aankondiging was voor de rest.

In een tweede stuk bekritiseerde de sociaal-culturele wetenschapper Samir Garic, afkomstig uit Bosnië, de aflevering over Sarajevo, waarin volgens hem met veel te veel relativering werd teruggekeken naar Gavrilo Princip en de zijnen.

Wat moet je daarop zeggen?

Willem Melching en Samir Garic gaan er beiden zonder meer van uit dat deze serie van a tot z mijn werk is en dat iedere aflevering door mij is bedacht, gedraaid en gemonteerd. In werkelijkheid spelen hier alle klassieke problemen die rond de verfilming van ieder boek opduiken. De schrijver moet zich voegen in wat de documentairemakers – en het medium televisie – met zijn werk doen. Als een medestuurman moet een auteur proberen het schip enigszins op koers te houden. In dit geval gaat die samenwerking eigenlijk wonderbaarlijk goed.

Aan beide kanten stuiten we echter wel op de onmogelijkheden én mogelijkheden die eigen zijn aan boek en beeld. In een boek kun je een gecompliceerde situatie – zoals de oorzaken van de Eerste Wereldoorlog – veel duidelijker, diepgaander en genuanceerder uitleggen dan in die paar minuten van een tv-aflevering mogelijk is. Aan de andere kant kan met filmbeelden van een tiental seconden soms meer worden gezegd dan in twintig boekenpagina’s. Televisie heeft een eigen dynamiek, die vaak heel onthullend en confronterend kan zijn.

Deze serie In Europa ontwikkelt zich dan ook – en dat gebeurt deels bewust, deels onbewust – op een andere manier dan het boek. In het boek wordt nog, binnen alle beperkingen, enigszins gestreefd naar een compleet beeld. In de serie is die opzet losgelaten: er moeten meer en andere keuzes gemaakt worden, maar op die keuzes wordt vervolgens diepgaand ingegaan.

Trouwe kijkers en goede lezers van het boek merken dat daarom in de serie vaak totaal andere mensen aan het woord komen dan in het boek. Vaak gebeurt dat noodgedwongen. Vrijwel alle dagboek- en brievenschrijvers die ik in het boek citeer, liggen immers al op het kerkhof. Het heeft ook nadelen: sommige vertellers, zoals de familie van Gavrilo Princip, kleuren het beeld natuurlijk in. In de serie – ook in deze Sarajevo-aflevering – wordt dan tegenwicht geboden door teksten, door beelden, door anderen aan het woord te laten. Maar zonder kleur geen geschiedenis. Al die vertellers brengen hun familiegeschiedenissen immers op een heel directe manier over het voetlicht, waardoor je soms als kijker bijna naast de betrokkenen staat, alsof de kloof in tijd even niet bestaat. Dat maakt de serie soms onverwacht direct en emotioneel.

Sommige afleveringen behandelen ook indringend de verschillende manieren waarop mensen proberen de – soms gruwelijke – geschiedenis een plaats te geven in hun leven. Dat was bijvoorbeeld het geval met de aflevering over Sarajevo, waarin we slechts constateerden dat er achteraf op heel verschillende manieren naar die aanslag wordt gekeken. Ik heb het gevoel dat we daarbij, impliciet, voortdurend lopen te waarschuwen. Hopelijk is, na nog een paar afleveringen, ook Samir Garic daarvan overtuigd.

Voor een oordeel over dit alles is het nog veel te vroeg, maar soms bekruipt me het gevoel dat door de televisiemakers in deze serie, gaandeweg en bijna per ongeluk, een nieuw soort geschiedschrijving wordt uitgevonden. Het is een heel team van documentairemakers, researchers, producenten en cameramensen dat hiervoor alle eer verdient. Ikzelf vertel het verhaal, ik ben het gezicht van de serie, maar verder ligt mijn rol voornamelijk op het adviserende vlak. Ook dat is de gebruikelijke verhouding tussen auteur en filmmaker(s). Dat neemt niet weg dat ik dit project beschouw als mede mijn kindje, dat ik er hartstikke blij mee ben, en dat ik me er in alle opzichten medeverantwoordelijk voor voel.

Nu over de inhoudelijke kritiek van Willem Melching. Voor een deel is die terug te leiden op bovengenoemde keuzes. In het boek In Europa – Melching heeft het waarschijnlijk nooit ingekeken, anders zou hij me nooit bepaalde opvattingen hebben aangewreven – wordt bijvoorbeeld uitgebreid aandacht besteed aan het gecompliceerde karakter van zowel Wenen als Berlijn. In de tv-aflevering 1906 is er echter bewust voor gekozen om beide keizers centraal te stellen. In dat verband wordt de Habsburgse monarchie inderdaad – in tegenstelling tot de Duitse Hohenzollerns – betiteld als vastgeroest.

Maar nergens wordt in de serie gezegd dat de hele stád Wenen was vastgeroest – we verwijzen zelfs met zoveel woorden naar Freud en de zijnen. Bovendien: was de doorsnee Weense burger werkelijk zo dol op Freud, Mahler en de rest van de progressieve toplaag die Melching aanhaalt? En hoe kun je in hemelsnaam de schrijver Robert Musil als bewijs noemen voor het feit dat de Habsburgse burgers helemaal niet bang waren voor de moderniteit? Diens hoofdwerk, De man zonder eigenschappen, gaat over niets anders dan over die angst!

Iets soortgelijks is het geval met de kritiek op het idee van ‘de eeuw van de massa’, die opgehangen wordt aan één zinnetje uit de inleidende uitzending. Alsof met name Stalin en Hitler, ondanks alle tirannie en andere gruwelijkheden, gaandeweg niet beschikten over een enorme en geestdriftige aanhang onder die massa.

Idem dito de Köpenick-scène: enkel op basis van die paar beelden schuift Melching me een wel heel simplistische opvatting over het toenmalige Duitsland in de schoenen. In de tv-beschouwingen over keizer Wilhelm, en zeker in het boek In Europa, wordt wel degelijk alle aandacht gegeven aan de gecompliceerde combinatie van moderniteit en reactionaire krachten in het toenmalige Duitsland. En dat vraagstuk zal ook verderop in de serie op allerlei manieren naar voren komen.

Het feit dat Melching nog vrijwel niets van de serie heeft gezien, speelt hem ook parten op andere punten. De aflevering 1929 zal nog uitvoerig ingaan op de achterban van Hitler en de manier waarop hij aan de macht kwam. De centrale rol van de Alexanderplatz – oef, wat een blunder, ook Alfred Döblin had zijn vertier dus elders moeten zoeken – zal daarin eveneens duidelijker worden. Hoe thuis die Russische boerensoldaten zich in de Franse loopgraven voelden, het zal allemaal nog worden vertoond.

En na een aflevering of tien moeten de kijkers zelf maar beoordelen of wij de vorige generaties Europeanen ‘als een soort wilden’ beschouwen. Naar mijn gevoel is het tegendeel het geval, komen juist die vorige generaties in deze serie nabijer dan ooit. Wat mijzelf betreft, je kunt veel over Jorwert, de Eeuw van mijn Vader en In Europa zeggen, maar niet dat mijn visie getuigt van ‘een totale minachting voor onze voorouders’.

Alweer: grootse meningen, maar waarschijnlijk nooit goed gelezen.

Willem Melchings kritiek houdt ons scherp, en op een enkel punt heeft hij gelijk. De man die van de Eiffeltoren sprong – in tegenstelling tot wat Melching beweert noemen we nergens het jaartal 1901 – wilde inderdaad niet vliegen, maar een soort vleermuispak uitproberen. Alleen ging het ons vooral om het tomeloze optimisme dat uit dit treurige incident sprak, en dan doet het er waarachtig niet zo veel toe of die man nu wilde vliegen of zweven.

Dan is er dat zinnetje over het rijk van Franz-Joseph, dat zich zou uitstrekken tot de Zwarte Zee. De schitterende kaarten die de serie telkens vertoont, zijn correct, en we hadden moeten zeggen: ‘bijna tot de Zwarte Zee’. Stom. Suf dat we het lieten glippen. Maar om uit die ene omissie te concluderen dat de makers en ik ‘geen vat hebben op de geopolitieke situatie in de Balkan en Midden-Europa’, dat is toch te zot voor woorden.

Eenzelfde spijker op laag water meent Willem Melching gevonden te hebben bij een kaart van het Duitse Rijk, die in een van de afleveringen passeert. Hij beweert dat die kaart het Duitsland van 1945 inplaats van 1906 laat zien, en hij betitelt deze fout als een ‘hilarisch dieptepunt’. Melching heeft alleen niet goed gekeken. De kaart hangt namelijk in huize Doorn en toont wel degelijk het Duitse rijk onder Wilhelm II. Dat op die kaart gearceerd de contouren van Polen staan, heeft te maken met de speciale vormgeving, ten gerieve van Wilhelms wensen.

Tegelijkertijd beschrijft de conservator van huize Doorn in deze scène nauwkeurig de werkelijke reikwijdte van het toenmalige Duitse keizerrijk. De schitterende kaarten van de serie zelf laten bovendien, ook op dit punt, aan precisie niets te wensen over. Melching is nu niet alleen een slechte, maar vooral een heel selectieve waarnemer.

Het is en blijft knap, een oordeel vellen over een serie van 35 delen, op basis van anderhalve aflevering. Maar is dát nu de ware geschiedschrijving, mijnheer Melching?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden