Wilders

Een kruispunt in Limburg, iets buiten Horn, vlak bij Roermond: automobielbedrijf Van Iersel, café De Graaf van Horne (twee stille drinkers in het halfduister), drogisterij Vermeulen (alles onder 1 dak) en restaurant-partycentrum De Postkoets, grind voor de deur....

Martin Bril

Geert Wilders is hier.

Zijn Partij voor de Vrijheid heeft vanavond een bijeenkomst belegd in een zaal van De Postkoets. Op een steenworp van Wilders’ hometown Venlo, dus de verwachtingen zijn hooggespannen. Maar in de zaal zitten slechts 31 mensen, onder wie diverse kinderen. Ook is er een grote, dikke hond, helemaal vooraan.

De zaal zelf is een verbouwde boerenschuur met een systeemplafond en een barretje met een luidruchtig zoemende koffieautomaat. Aan de muur hangen posters van Wilders, en achter het spreekgestoelte staat een schutting uit het tuincentrum, met klimop begroeid. De mensen zitten aan tafels met gele kleedjes, kopje koffie voor zich, een enkeling staat aan een wankele hangtafel. Alvorens Wilders te voorschijn komt om zijn mensen toe te spreken, moet hij nog even naar het toilet. Een beveiligingsman volgt hem.

Daar is hij dan.

Met grote passen marcheert hij op de katheder af. Als hij teleurgesteld is in de opkomst, laat hij dat niet blijken. Blijmoedig en vastberaden heet hij de mensen welkom. Iedere kiezer is er één, dat is de harde waarheid van het campagnevoeren, ook Wilders weet dat, en wellicht houdt hij zich vast aan de vorige spreekbeurt die hij hield: in Eindhoven, daar waren bijna tachtig mensen. Hij steekt intussen van wal met wat in Amerikaans verkiezingsparlando zo mooi een stump speech heet; een praatje dat overal hetzelfde is, geen verrassingen bevat en op de automatische piloot kan worden afgestoken: over fatsoen, veiligheid, te lage straffen, illegalen, de islam, Nederland, trots, hufterig gedrag, ouderenzorg en de overheid die terug moet in het hok.

Het publiek luistert aandachtig.

Ook Europa komt aan de beurt. Hier is Wilders extra op dreef. Miljarden die over de balk worden gesmeten om landen als Roemenië en Bulgarije toe te laten. Ons geld dat naar Franse en Poolse boeren verdwijnt, en wat krijgen we ervoor terug: Poolse bouwvakkers die ons werk komen stelen. Ondanks het vuur waarmee de spreker het brengt, klinkt een grote vermoeidheid in zijn stem door. Weliswaar haalt hij een peiling aan waarin de Partij voor de Vrijheid op vijf zetels staat, maar wat lijkt te overheersen is het gevecht tegen de bierkaai.

Hij is geen Don Quichot, Geert Wilders, de molens waartegen hij vecht zijn niet denkbeeldig, maar iets treurigs straalt hij beslist uit. Zelfs zijn blonde manen, in Den Haag en in de media altijd zo prominent zichtbaar, stellen hier, in de feestzaal van De Postkoets, maar weinig voor. Het meest heeft hij nog weg van een man die verzekeringen probeert te verkopen. Hij moet wel, maar hij zou liever wat anders doen.

De zaal klapt beleefd als hij klaar is. ‘Als u echt iets anders wilt, moet u op ons stemmen. Wij steken onze nek uit, wij houden Nederland wakker.’ De grote hond die vlak vooraan zit, blaft. ‘Kijk, hij is het me eens’, zegt Geert Wilders. Hij neemt een slokje water en kijkt de zaal rond met de blik van iemand die eigenlijk niet wil zien wat hij ziet: 31 kiezers en nog een lange, lange weg te gaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden