Wild woestijnplan voor stroom uit zonnestralen

De Nederlander Paul van Son leidt een van de grootste industriële projecten aller tijden: zonne-energiecentrales in de Sahara...

Hij is net terug uit Egypte, zegt Paul van Son, nadat hij is aangeschoven aan een tafel in zijn anonieme kantoor in München. Hij was een week op pad met de Duitse minister van Ontwikkelingssamenwerking, Niebel, die in zijn kielzog een delegatie van grote Duitse bedrijven had – van Siemens tot BASF. ‘Maar tot mijn eigen verbazing was ík het belangrijkste thema.’

Hij doet er bescheiden over, maar Van Son geeft leiding aan een van de meest ambitieuze industriële plannen aller tijden: de ontwikkeling van zonne- en windenergiecentrales in de woestijnen van Noord-Afrika en het Midden-Oosten. Daarmee kan in 2050 zo’n 15 procent van Europa, én van de landen zelf, van stroom worden voorzien, is het idee. De benodigde investering, inclusief dikke stroomkabels over de bodem van de Middellandse Zee, wordt geschat op 400 miljard euro.

Het plan, ooit bedacht in een flat in Hamburg door de natuurkundige Gerhard Knies, werd overgenomen door de Duitse afdeling van de Club van Rome. Een jaar geleden werd het ineens opgepikt door het Duitse bedrijfsleven. Het bedrijf Munich Re, een grote verzekeraar van verzekeringsmaatschappijen, maakte zich al een paar jaar zorgen over de mogelijke rampen ten gevolge van klimaatverandering, en besloot het heft in eigen handen te nemen. Het verzamelde elf andere concerns om zich heen (waaronder turbinebouwer Siemens, energiebedrijven Eon en RWE, Deutsche Bank) en promoveerde het wilde woestijnplan tot ‘industrieel initiatief’.

‘Ik zie het simpel’, zegt Van Son. ‘Als je kijkt welke opties we op lange termijn hebben om de wereld van energie te voorzien, dan zijn dat er niet zoveel. Wind op zee, zon, biomassa, water. Dat zijn allemaal energiebronnen waarvoor je grote oppervlakten nodig hebt. Moeten we dan zonnestroom gaan opwekken in een vol gebied waar het regent en vaak wolken hangen? Dat denk ik niet. Je moet naar het zuiden. Naar zonnige gebieden waar geen mensen wonen.’

De Nederlander had, naast zijn naam, het perfecte profiel om Desertec te leiden. Na zijn studie energievoorziening in Delft werkte hij bij Siemens, begon met energiehandel voor Essent, zette groene stroom op de kaart, werkte aan de eerste stroomkabel tussen Nederland en Noorwegen, en zat in de directie van het inmiddels failliete duurzame energiebedrijf Econcern. Afrikaanse ervaring deed hij op als oprichter van de stichting Energy4All, dat autarkische energiecentra heeft ontwikkeld voor de derde wereld.

Hij is daarnaast vooral een nuchtere Nederlander. Een man die zijn rol niet groter wil maken dan hij is. Nee, Desertec zelf gaat die 400 miljard niet zelf bijeenbrengen. ‘Wij zijn geen projectontwikkelaar. Wij zijn geen investeerders. Wij zijn een wegbereider, een katalysator. Een beweging. Een idee.’

Het idee is dat een stukje van 4 bij 5 meter woestijn genoeg zonlicht krijgt om een Europeaan van energie te voorzien. Desertec wil het zonlicht opvangen met spiegels die het zonlicht concentreren in een buis vloeistof, die daardoor wordt verwarmd. De warmte drijft een turbine aan, en zo ontstaat stroom. Concentrated Solar Power (CSP), heet dat. Voor de plannen van Desertec is een totaal oppervlak van 100 bij 150 kilometer nodig – dat valt mee, Algerije alleen al is 150 keer zo groot. ‘Je moet niet denken aan één groot veld van spiegels’, zegt Van Son. ‘Het worden eerder honderden of duizenden centrales. Met daarnaast windmolens.’

Een dromer zou hij zich niet willen noemen, zegt Van Son. ‘Ik ben een realist. Dit kan. En dit gaat ook gebeuren.’

De techniek is bewezen: in Californië staat al twintig jaar een centrale die zo stroom levert. De laatste jaren zijn ook in Spanje enkele van deze centrales gebouwd. Maar dat is op relatief kleine schaal, van zo’n 50 megawatt. Van Son wil in de Sahara centrales van minimaal 250 megawatt, een halve kolencentrale – vanwege de schaalvoordelen, efficiency, en vanwege de betrouwbaarheid van de stroomleverantie.

De eerste centrale komt waarschijnlijk in Marokko. Tussen Marokko en Spanje liggen al twee onderzeese gelijkstroomkabels, die de elektriciteit naar Spanje kunnen vervoeren. Desertec-mensen zijn in Marokko op zoek gegaan naar een geschikte locatie: met veel zonlicht, weinig stof, koelwater in de buurt. De omgeving van Ouarzazate, ten zuiden van de Hoge Atlas, lijkt een grote kanshebber, zegt Van Son, die geen specifieke plek wil noemen. ‘Dat werkt speculatie in de hand.’

Nee, Desertec is geen vorm van neokolonialisme, zoals weleens wordt geroepen. ‘Zo werkt het niet’, zegt Van Son. ‘Het zou kolonialistisch zijn om nu een gebied te gaan leegplunderen en het land met een fooi af te schepen. Dit is totaal anders. Noord-Afrika is geen onbeschreven blad. Die regeringen zijn zeer zelfbewust over hun mogelijkheden. Ze zijn vaak al jaren bezig met onderzoek. Het verschil is alleen dat het concept door ons salonfähig is geworden. Er werd eerst lacherig over gedaan, toen was het lastig investeerders te vinden. Die zijn er nu wel. Dus gaat de rode loper voor ons uit.’

Desertec is meer dan een Duits consortium, zegt hij. Er zitten Franse, Spaanse, Italiaanse, Algerijnse, Tunesische, Egyptische en Marokkaanse partners bij. ‘Het gaat ook om kennisoverdracht, om werkgelegenheid. Die landen moeten er ook wat aan overhouden. Royalties op de zon, zoals op olie? Dat kan. Linksom of rechtsom moeten die landen eraan verdienen. Het mag niet de minste sfeer van uitbuiting oproepen.’

Van Son ziet het project zelfs als een manier om Europa en Noord-Afrika dichter bij elkaar te brengen. ‘Energie is een prachtige basis om samen te werken. Dit gaat om de herontdekking van Afrika.’

En Afrika, daar moet je toch echt zijn, voor deze vorm van zonne-energie. Waarom niet in Spanje? Daar staan nu toch ook al CSP-centrales? ‘De zonkracht is daar eenderde lager dan in de Sahara. En Spanje is relatief dichtbevolkt. De grondprijzen zijn daar een stuk hoger, en stijgen meteen als je plannen aankondigt voor een CSP-project. De Sahara is gewoon een andere categorie.’

Maar goedkoop zal het ook in de Sahara niet worden. De huidige kilowattuurprijs van zonthermische stroom is 25 cent, vier keer zoveel als de kosten van kolenstroom. ‘We verwachten dat die kosten meer dan gehalveerd zullen worden door onder meer schaalgrootte en betere spiegels. Daarnaast zal fossiele stroom steeds duurder worden, zeker als je de milieukosten gaat inprijzen. Wat kost een Golfje van Mexico eigenlijk?’

Dat betekent wel dat de woestijnstroom voorlopig nog gesubsidieerd moet worden, zegt Van Son. En daartoe moet de eerste stroom fysiek naar Europa worden getransporteerd, waar subsidies zijn voor groene stroom. ‘In 2012 hoop ik dat de haalbaarheid van het eerste referentieproject is aangetoond. Investeerders en ontwikkelaars kunnen dan aan de slag. Tegelijkertijd moeten die landen hun netten gaan versterken, en de markt opengooien. Er is nog veel te doen.’

‘We hebben Afrika niet nodig voor stroom’
Niet iedereen is blij met het Desertec-initiatief. De Duitse parlementariër Hermann Scheer, de man achter de Einspeisevergütungen, de vergoedingen aan particulieren die de enorme groei van zonnestroom in Duitsland mogelijk hebben gemaakt, keert zich ertegen.

Waarom?

‘We kunnen onze stroom decentraal in Europa opwekken. We hebben geen megaproject in Afrika nodig.’

In Afrika levert de zon meer op.

‘Maar de rest is ongunstiger dan hier. Zandstormen kunnen de installaties beschadigen. De hoogspanningsleidingen naar en door Europa zijn duur, en zullen veel protest oproepen. Daarnaast heeft het project veel subsidie nodig.’

De Duitse zonnepanelen krijgen ook miljardensubsidies.

‘Maar die komen de Duitse economie ten goede. Bovendien worden de winsten decentraal verdeeld. Het woestijnstroomproject zal de afhankelijkheid van grote ondernemingen weer doen toenemen.’

Is Afrika erbij gebaat?

‘Ik denk het niet. Die landen moeten hun stroom ook zo veel mogelijk decentraal opwekken.’

Levert decentrale opwekking in Europa wel genoeg stroom? Zonne-energie is in Duitsland ondanks de subsidies nog steeds marginaal.

‘Zon blijft groeien, en daarnaast hebben we windenergie. Dan hebben we geen Afrikaanse zonnecentrales nodig.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden