Wild grijpt opnieuw wereldtitel op de baan, na goud op scratch nu ook op omnium

Het was vrijdagvond wéér oogsten voor de Nederlandse ploeg op de WK baanwielrennen in Apeldoorn. Kirsten Wild (35) behaalde haar tweede gouden medaille. Na de titel woensdag op de scratch, was ze ook overtuigend de beste op het omnium, dat uit vier onderdelen bestaat.

Foto afp

Met een fenomenale rush in de laatste ronden op het afsluitende onderdeel van het omnium, de puntenkoers, stelde Wild haar titel veilig. Ze vocht zich, hoog in de baan, een keer een duw uitdelend, naar de kop om elke verrassing uit te sluiten. Ze had een behoorlijke marge. Het begon 's middags al met een overwinning op de scratch; als kersverse wereldkampioen was ze het aan haar stand verplicht. In de daaropvolgende temporace eindigde ze als vierde. In de afvalrace was ze weer onverslaanbaar. Ook op dat onderdeel had ze een reputatie te verdedigen: in oktober was ze in Berlijn Europees kampioen geworden. Of ze na het tweede goud al als koningin kan worden aangesproken? Wild: 'Je mag me nu alles noemen. Dit is zo fantastisch.'

Volstrekt ongeloof bij Jan Willem van Schip: zilver

Jan Willem van Schip (23) reed na het behalen van het zilver met de mond wijd opengesperd zijn ererondjes op de baan - het leek een combinatie van herstel na uitputting en volstrekt ongeloof. De Schalkwijker ontbrak vooraf op de lijst met kanshebbers. De oud-student is vanaf 1 januari prof bij de ploeg van Roompot en heeft als amateur zeges in wedstrijden als de Ronde van Drenthe en de Grote Prijs Marcel Kint in West-Vlaanderen op zijn naam staan.

Vlak voor het einde van de race op de WK stond hij nog op een vijfde plek in de klassering, maar met een eindsprint die hij uit de krochten van zijn gestel putte, sprong hij naar de tweede plek. Waar het vandaan kwam? Diep voorover gebogen op een stoeltje naast de baan zocht hij naar woorden. Hij kon al bogen op enige originaliteit op dit terrein: hij omschreef zijn manier van rijden eens als 'doorgesnoven junkie style.'

'Waar anderen op trainingen wel eens zeggen: laat maar zitten, dan doe ik hem toch'

'Je moet altijd het sprintje doen, altijd. Waar anderen op trainingen wel eens zeggen: laat maar zitten, dan doe ik hem toch. Eruit rammen, steady houden en dan versnellen.' In de race over 40 kilometer, waarbij om de tien ronden in een spurt punten zijn te verdienen, volgde de ene aanval de andere op.

Van Schip: 'Aan die Meyer is niks te doen. Maar dat komt nog wel.'
Nog voor de blijdschap over de twee medailles, incasseerde de Nederlandse ploeg vrijdag een tegenvaller van formaat. Jeffrey Hoogland en Harrie Lavreysen, woensdag nog glorieuze winnaars op de teamsprint, strandden in de achtste finales op de individuele sprint. Lavreysen haalde vorig jaar nog zilver op het WK in Hongkong.

Volgens bondscoach Bill Huck had Hoogland al enkele dagen last van zijn luchtwegen. De renner zelf voerde het niet als excuus aan. Hij had in de kwalificatie nog de snelste tijd geklokt. Maar de gewenste versnelling waarmee hij de Duitser Maximilian Levy wilde kloppen, kwam er niet uit.
Lavreysen moest het afleggen tegen de Nieuw-Zeelander Edward Dawkins.

Hij gaf toe dat hij na de teamsprint op woensdag en de keirin op donderdag niet helemaal fris meer was. Maar hij schreef de nederlaag vooral toe aan een tactische fout. Het tempo lag bij aanvang te laag, hij probeerde te snel over zijn tegenstander heen te komen. 'Het was dom.' Beiden verklaarden teleurgesteld te zijn, maar de voortijdige uitschakeling kon de euforie over het goud met het team niet overschaduwen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.