Wij zijn onhandig in het beheren van onze koloniale erfenis

Beeld de Volkskrant

Er is heibel met Sint Maarten, het eiland dat zwaar getroffen is door de orkaan Irma. De Nederlanders dachten dat zij als toegesnelde hulpverleners terugbetaald zouden krijgen in gevoelens van dankbaarheid, maar in plaats daarvan verklaarde premier William Marlin dat onze mariniers niets hebben gedaan tegen het plunderen. Zij stonden erbij en keken ernaar.

Commandant der Zeestrijdkrachten Rob Verkerk reageerde 'verbijsterd' en sprak van 'klinkklare onzin'. De ministers Plasterk en Hennis zeiden het hem na, terwijl parlementariërs van alle gezindten zich spoedig schaarden achter de regering in Den Haag. Die Marlin was zelf in de uren van nood nergens te vinden geweest. Zo er iets was misgelopen dan lag de schuld bij de lokale bestuurders, die het eiland plegen te regeren met corruptie en nepotisme. Die Marlin wordt niet voor niets 'Mister 10%' genoemd.

Lang maakte Sint Maarten deel uit van de Antillen, maar sinds 2010 is het 'een zelfstandig land binnen ons Koninkrijk'. Daardoor hebben de kleine veertigduizend bewoners een eigen regering, een eigen volksvertegenwoordiging en een eigen wet. En uiteraard ook een eigen vlag, een eigen begroting en een eigen begrotingstekort. De bewoners hebben zelf voor die constructie gekozen, maar dat leek eerder een stem tegen Nederland dan dat er veel voordelen van te verwachten waren.

Bijna twintig jaar geleden heb ik een tocht gemaakt langs de Bovenwindse Eilanden Sint Maarten, Saba en Sint Eustatius. Het langst was ik toen op Sint Maarten. Ik ben geen deskundige wat betreft onze koloniale geschiedenis, maar wat mij toen al opviel, is dat Nederland op Sint Maarten beslist geen koloniale droom heeft waargemaakt.

Er werd juist een nieuwbouwwijkje aangelegd dat nog het meest leek op Almere in de tropen. Ik ben benieuwd of het Irma heeft overleefd. Stormbestendig werd er niet gebouwd. De wegen zaten vol gaten en hielden soms zo maar ergens op.

Van vrienden op het eiland hoor ik dat sindsdien aan de wegen weinig is gedaan en werden zij wel opgeknapt dan verkeerden ze al snel weer in een deplorabele staat.

Maar wat mij toen nog het meest opviel, was dat het Franse deel er welvarender bij lag. Je denkt natuurlijk gauw aan de Franse slag, maar op Saint Martin verliep het leven meer geordend. Of het nog zo is weet ik niet, maar destijds bestonden aan Nederlandse kant wachtlijsten en gingen patiënten liever naar de Franse ziekenhuizen.

Uiteraard waren de restaurants aan de Franse kant ook een stuk beter, maar alla, dat is in Europa niet veel anders. De bewoners op het Franse deel voelen zich veel meer Frans dan de bewoners op het Nederlandse deel zich Nederlands voelen. Het Franse deel stemt voor het Franse parlement, spreekt Frans en betaalt met de euro. Ze kijken naar de Tour de France. Het Nederlandse deel stemt voor een krachteloos parlement, spreekt wel Nederlands maar toch voornamelijk Engels, betaalt met dollars en kijkt eveneens naar de Tour de France.

Destijds speelden sommige inwoners al met de gedachte dat het misschien de beste oplossing zou zijn om het Nederlandse deel gewoon aan de Fransen over te dragen. Wij zijn onhandig in het beheren van onze koloniale erfenis. Met de Indonesiërs bestaat nog steeds geen echte vriendschap, in Suriname regeert de poppenkast en op onze Antillen wordt geregeld een politieke kop gesneld. Het ziet er allemaal klungelig uit.

Tel daar eens bij op - of liever trek er maar van af - dat na de catastrofe met Irma op het Nederlandse thuisfront 13 miljoen euro is opgehaald. Dat lijkt een heel bedrag, maar het is een stuk minder dan wat voor Haïti, de Filipijnen of Nepal bijeen is gebracht. Pijnlijk: voor ons eigen stukje koninkrijk hebben wij minder over dan voor Nepal, dat ook nog eens een rare communistische dictatuur is.

Nederlanders kunnen wel klagen over de corruptie op Sint Maarten, maar het lijkt erop dat wij nooit de interesse hebben gehad daar de boel echt te organiseren. Ze moeten het zelf maar doen - dat heet volwassen worden - en verder dweilen wij liever met de kraan open als er weer een orkaan langskomt.

Toen ik destijds op Sint Maarten was, kwam ook Willem-Alexander aan, vergezeld door Bram Peper, minister van Koninkrijksrelaties. W-A, toen nog prins, opende de Koninkrijksspelen. De minister zei bij die gelegenheid: 'De Antillen zijn lang bezig de zure appel vooruit te duwen, het wordt tijd dat ze in die appel bijten. Ik ben ervan overtuigd dat als politici de problemen bij de kop pakken, de situatie binnen drie à vier jaar rooskleuriger zal zijn.'

Die voorspelling is niet uitgekomen. De zure appel wordt nog steeds voortgeduwd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden