DE ONDERNEMING

'Wij zijn geen stelletje aasgieren'

Veilinghuis Troostwijk floreerde cynisch genoeg tijdens de crisis, met als topjaar 2013, toen 8376 bedrijven failliet gingen. Het familiebedrijf richt zich nu op meer dan veilen alleen.

In een loods in Almere liggen de spullen opgeslagen die later online geveild worden.Beeld Io Cooman

'De afgelopen jaren hoefden we alleen te zorgen voor iemand bij de deur', zegt Arnold Feenstra, directeur van Troostwijk Veilingen Nederland. 'Af en toe ging de deur open en, hup, de klanten kwamen binnen.' Die klanten zijn voor Troostwijk bedrijven die failliet gaan of in moeilijkheden verkeren en het veilinghuis in de arm nemen om hun inboedel te verkopen. Maar, zegt Feenstra, de wereld is inmiddels veranderd. 'Het gaat goed met de economie. Het aantal faillissementen is vorig jaar met 21 procent gedaald. Wij staan voor een uitdaging.'

Troostwijk, het in 1930 opgerichte familiebedrijf met vestigingen in vijftien landen in Europa, veilt jaarlijks voor 200 miljoen euro aan voornamelijk industriële goederen. Wie van een grote partij spullen af moet - van verzamelaars die hun collectie postzegels laten veilen tot kwakkelende bedrijven die computers of boormachines willen verkopen om de schulden af te lossen - kan bij Troostwijk terecht. Zij taxeren de handel en zetten die in kavels op hun website. Op de veilingsdag kunnen klanten online bieden. Zelf houdt het veilinghuis 16 procent van de verkoopprijs.

'Tegenwoordig is nog maar 15 procent van de veilingen die wij organiseren afkomstig uit faillissementen', zegt Feenstra. In de crisisjaren was dit dubbel zoveel. Met als topjaar 2013, toen in Nederland 8376 bedrijven failliet gingen. Gouden jaren voor de veilingbranche, dus. Daar getuigt de jaarlijkse omzetstijging van zo'n 30 procent bij Troostwijk gedurende de crisisjaren van. Troostwijk ziet zich nu gedwongen meer in te zetten op handelaren die bedrijfsinboedels opkopen en Troostwijk contacteren om die voor hen te verkopen.

Actief benaderen

Een andere grote bron van inkomsten is de 'vrijwillige veiling' van bedrijven die in financiële problemen verkeren of met spullen zitten waar ze vanaf moeten. Troostwijk benadert die bedrijven actief. Feenstra: 'Als een bedrijf in het nieuws komt omdat het gaat reorganiseren of een fabriek gaat sluiten, whatever, gaan we bellen.'

Als buitenstaander denk je al gauw: stelletje aasgieren! Maar Feenstra wuift de kritiek stellig weg. 'Een aasgier pakt zijn prooi en vreet die helemaal kaal, totdat er niks meer van over blijft. Wij geven producten juist een tweede leven.' Hij noemt een voorbeeld. 'Speelgoedfabrikant Berg Toys besloot vorig jaar zijn fabriek naar China te verplaatsen. Wij hebben ze toen benaderd. Wat ga je doen met alle machines die hier overblijven? Zullen wij dat voor jullie wegveilen?'

Als ze bij Troostwijk hun werk goed doen, zegt Feenstra, is er meer geld voor het bedrijf, voor de banken en in het geval van een faillissement voor de crediteuren en een sociaal plan. Oftewel: iedereen blij. 'Wat moeten ze dan doen met die spullen? In de container gooien?'

Directeur Arnold Feenstra: 'We hebben ooit geld geveild. Bizar toch?'Beeld Io Cooman

Achter de computer

Feenstra vertelt zijn verhaal in een grote, tochtige loods in Almere. Zijn onberispelijke pak contrasteert met de goederen die in de hal uitgestald zijn. Van plastic open haarden, koelkasten en bankstellen tot aan Betty Boopshirts en waterballonnen. Mensen bekijken hier de producten waar ze later via de website op gaan bieden.

Na omzwervingen in de bancaire wereld kwam Feenstra in 2013 bij Troostwijk. 'Toen ik 14 was bezocht ik al mijn eerste veiling. Ik werd er door mijn vader op uit gestuurd te bieden op een mahoniehouten schoorsteenmantel.' Het bedrag dat hij mocht besteden: 650 gulden. Hij bood 750 en kreeg hem. Zijn vader ging er gelukkig mee akkoord. Nog steeds struint hij het land af om naast zijn werk kunstveilingen bij te wonen.

Dat het veilen verworden is tot anonieme individuen die van achter een computer een bod uitbrengen, vindt hij als veilingliefhebber enigszins spijtig. 'Er is wel een stukje romantiek verdwenen, ja.' De veilingmeester die de boel opzweept, het tegen elkaar opbieden door middel van opgestoken handen: klassieke veilingen kennen een eigen dynamiek.

Maar bedrijfstechnisch zijn de voordelen van online veilen legio. Waar vroeger hooguit driehonderd mensen in een zaal pasten, kunnen nu mensen van over de hele wereld bieden. Dat drijft de prijs op.

Concurrentie

De concurrentie is groot. Naast Troostwijk is in Nederland onlineveilingbedrijf Daan Auctions actief, dat in april de Duitse prijs 'Veilingbedrijf van het jaar' won. Ook BVA Auctions is een geduchte concurrent. BVA werd afgelopen zomer overgenomen door investeringsmaatschappij Bencis. In maart werden daar het Duitse veilinghuis Dechow en het Oostenrijkse Karner & Dechow aan toegevoegd, waardoor ook BVA zich nu op Europa richt.

Recentelijk heeft een partij een minderheidsaandeel in Troostwijk genomen. Wie dat is, wil Feenstra niet zeggen. 'Maar wij zullen nooit met een private-equityhuis in zee gaan. Dan zouden de spreadsheets regeren boven de passie voor het veilen, en dat willen we niet.' Met de hulp van deze onbekende partij wil Troostwijk zich de komende jaren nog meer op Europa richten. Dat betekent: meer vestigingen openen en de bestaande veilinghuizen uitbreiden. Voor de rest zijn de aandelen van Troostwijk in handen van voormalig directeur Wim Dieker en zijn zoon Tjade, die tegenwoordig algemeen directeur is.

Feenstra maakt zich over de concurrentie geen zorgen: 'Zij zitten op de consumentengoederen. Dat doen wij ook, zoals je hier ziet, maar daarnaast worden wij gezien als dé industriële partij. Niet alleen bread and butter-stuff.' Zodra het specialistisch wordt, zegt Feenstra, komen ze naar Troostwijk. 'Rare machines die voor één taak gebouwd zijn, zoals een sludgepijp die 300 meter in de grond zit. Wij zijn er goed in daar klanten voor te vinden.'

Beeld Wendy Waal, Van Der

Profiel

Bedrijf Troostwijk Veilingen

Waar Amsterdam

Sinds 1930

Aantal werknemers 200

Jaaromzet geheim

Troostwijk is zich meer gaan richten op andere inkomstenbronnen dan veilen alleen. Troostwijk Waardering en Advies bestaat nu dertien jaar. Deze tak adviseert bedrijven in moeilijkheden en taxeert hun inboedel; dat is dus een stap voor de beslissing om de inboedel bij Troostwijk te laten veilen. Inmiddels is 15 procent van de omzet hieruit afkomstig.

Hoewel kastelen, levensgrote, plastic dinosaurussen en F-16-schietstoelen onder de hamer zijn gegaan, is de bijzonderste veiling die Feenstra meemaakte op het eerste oog vrij normaal: 'Contant geld', zegt hij lachend. Ponden en dollars van het failliete reisbedrijf OAD. 'Medewerkers namen die terug van hun reizen. Muntgeld kun je niet inwisselen. Dus wij verkochten het uiteindelijk voor ze.' Bieders die met geld op geld bieden. 'Dat is toch bizar?' Het leverde meer dan 80 procent van de waarde op.

Veilt Troostwijk alles wat op zijn pad komt? Nee, zegt Feenstra. Er zijn grenzen. Vorig jaar wilde een verzamelaar van oorlogsmateriaal via Troostwijk zijn collectie verkopen. Motoren, Duitse veldkeukens, legerhelmen: daar wilde Troostwijk wel aan meewerken. Maar Mein Kampf en objecten met hakenkruizen zaten er ook tussen. Dat ging de Joodse familie Troostwijk, die tijdens de oorlog het land ontvluchtte voor de nazi's, te ver.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden