REPORTAGE

'Wij spreken van de IJzijde'

De achterkant van het Centraal Station Amsterdam is niet langer de achterkant. 'Wij spreken van de IJzijde', zegt gemeentelijk projectmanager Charles Mann. Zaterdag is een nieuwe fiets- en voetgangersdoorgang onder het spoor geopend. Het is er een in een serie nieuwe tunnels die een historische bouwfout in Amsterdam moet repareren.

Bij de nieuwe taxistandplaats aan de noordkant van Amsterdam Centraal Station. Beeld Julius Schrank

Waar het IJ tegen de stationskade klotst, stappen dagelijks 40 duizend fietsers en voetgangers van de pont. De pontgangers mengen zich met 250 duizend trein- en busreizigers. Het levert een gekrioel van jewelste op. Dit is het enige knooppunt in Nederland waar pont en trein tegen elkaar aan liggen.

De drukte, maar vooral de aanleg van een nieuwe metrolijn, is de reden dat het station ingrijpend op de schop is genomen. De gemeente noemt de IJzijde 'een nieuwe entree' van de stad. Die wordt gemarkeerd door het grootste plaatsnaambord van Nederland. Op de nieuwe, 360 meter lange, boogvormige kap die de IJzijde overhuift, staat in letters van 21 meter hoog 'Amsterdam'. Er zijn winkels en een nieuwe kade. 'Amsterdam heeft een nieuwe waterkant gekregen', zegt Mann. 'Er is horeca, de verblijfskwaliteit van het gebied is sterk vergroot. Je hebt een mooi uitzicht op de noordoever van het IJ.'

Vroeger was dit de achterkant van de stad. Tot in de jaren negentig werd vlakbij nog druk getippeld. De binnenstad eindigde op het voorplein van het Centraal Station, ontworpen door Pierre Cuypers de architect die ook het Rijksmuseum bouwde. Het station is in 1889 letterlijk als eiland in het open havenfront gelegd, waardoor de oude rede van Amsterdam de Prins Hendrikkade zieltogend op het droge kwam te liggen.

Aan de IJzijde is de kade veertig meter verder in het IJ gelegd. 'Het was er echt te krap', zegt Mann. De vergroting van het stationseiland was nodig om het busvervoer van het voorplein naar de waterzijde te verplaatsen. Boven de nieuwe kade en de winkels in de IJhal zweeft een enorm busplatform. De bussen zijn opgetild naar het spoorniveau: één verdieping boven de straat.

Maar het stationsprogramma omvat nog meer. Aan de IJzijde is ook een nieuwe metro instap van de Noord-zuidlijn, die in 2017 opent. Het autoverkeer is ondergronds gestopt in twee tunnelbuizen. De taxi's hebben een eigen oprit. Het levert op deze eilandlocatie een indrukwekkende stapeling van verkeerslogistiek op, die gaat van het metroperron op 25 meter diepte tot aan de nieuwe pleinoverkapping 20 meter bovengronds.

Delftsblauw in de tunnel

De zaterdag geopende tunnel voor fietsers en voetgangers onder Amsterdam CS is een belangrijke schakel in de verbeterde noordzuidverbinding. Ontwerper Irma Boom creëerde een imposant tegeltableau, dat een groot deel van de 110 meter lange tunnelwand bestrijkt. Het bestaat uit 77.730 met de hand beschilderde tegeltjes, vervaardigd door ambachtslieden van de Koninklijke Tichelaar in Makkum. Die hebben heel secuur een zeegezicht van de Rotterdamse tegelkunstenaar Cornelis Boumeester (1652-1733) overgebracht. Het werk begint aan de zuidzijde van de tunnel met het in Delftsblauw uitgevoerde zeetafereel. Richting noord wordt het steeds abstracter en lichter.

De fietstunnel onder Amsterdam Centraal Station. Beeld Julius Schrank

Het grote idee is om op maaiveldniveau alle obstakels voor voetgangers weg te halen', zegt Joost Vos van Benthem Crouwel Architects, de hoofdontwerpers. Alleen de tram rijdt straks nog op straatniveau. Voor het overige is de voetganger koning, samen met de fietser. Die combinatie levert aan de waterzijde wel wat spanning op. Fietsers schieten op en af naar de pont naar Amsterdam-Noord.

De op- en afrit van de drukste pont is een zogeheten 'shared space', zonder aparte fietsstroken of trottoirs. Zeker als de pont dreigt te vertrekken en fietsers en scooters gas geven om hem te halen, schiet het verkeer rakelings langs de voetgangers. 'Mensen moeten hier rekening met elkaar houden', zegt Mann, 'dat hoort bij een grote stad.'

De kade oogt nog rommelig. Pas tegen de zomer van 2016 is de IJzijde grotendeels af, met de laatste nieuwe voetgangerspassage aan de oostzijde van het station. Naast de fietstunnel zijn onder het spoor twee nieuwe passantentunnels gegraven, waarvoor je geen ov-pas nodig hebt.

Samen met de drie bestaande voetgangerstunnels, kun je straks op zes plekken het station van Cuypers doorsteken. Dat doet meer recht aan de historische relatie die Amsterdam heeft met het water, vindt Vos.

Aan dat water ontleent de stad immers zijn bestaansrecht, wat op een symbolische wijze wordt onderstreept in de vormgeving van de nieuwe fietstunnel. Hier maakte grafisch ontwerper Irma Boom op de tunnelwand een tegeltableau gebaseerd van een 18de-eeuws zeegezicht van Cornelis Boumeester, waardoor met wat fantasie Amsterdam weer een beetje zout gaat ruiken.

Het door Irma Boom ontworpen tegeltableau in de nieuwe fietsers- en voetgangerstunnel. Beeld Julius Schrank
Doorsnede van de verkeersstromen aan de IJzijde van Amsterdam CS. Beeld Impressie Zwart Licht/Atlantic Crossings
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.