Wij kunnen ons ook losmaken van Antillen

Het Koninkrijksstatuut is achterhaald. Maar als de Antillen daaraan geen andere invulling willen geven, dan kan Nederland gebruik maken van het recht op zelfbeschikking, meent H....

Het debat over de toekomst van de Antillen is opengegooid, H voor de zoveelste keer. In de aanloop tot de viering van het vijftigjarig bestaan van het Koninkrijksstatuut in 2004 wordt er opeens van alles voorgesteld. Actuele aanleidingen genoeg. Het regeerakkoord bevatte al een passage over de Antillen. Daarin werd voorgesteld de huidige structuur aan te passen, maar wel binnen het kader van het Statuut. Die aanpassing moet het mogelijk maken meer recht te doen 'aan de eigen mogelijkheden en eigen verantwoordelijkheden om de problemen van de afzonderlijke eilanden aan te pakken'.

Meer autonomie voor de afzonderlijke eilanden? Dat deze optie niet uit de lucht is gegrepen, kan worden afgeleid uit de zinsnede dat de aanpassing zal plaatsvinden 'in samenspraak met het land de Nederlandse Antillen en de afzonderlijke eilanden'. Het land de Nederlandse Antillen heeft een instemmingsrecht, net als het land Aruba (dat merkwaardigerwijs hier niet eens wordt genoemd), maar de afzonderlijke eilanden als zodanig niet. Sint Maarten dat zoekt naar een status aparte, los van de grotere eilanden, en zelfs dreigt met onafhankelijkheid, zal dit als muziek in de oren klinken. Toch blijkt nergens in welke richting de aanpassingen worden gezocht.

Nederland blijft stelselmatig niet thuis geven als het gaat om de invulling van de verantwoordelijkheid die het heeft bij het waarborgen van de verwezenlijking van de fundamentele rechten en vrijheden, de rechtszekerheid en de deugdelijkheid van bestuur, zoals in art. 43 lid 2 Koninkrijksstatuur voorgeschreven. In jargon: dit is een koninkrijksaangelegenheid. In de praktijk moet men voor Koninkrijk lezen: Nederland. Dus geen militaire of politionele bijstand van enige omvang waarom door de Antillen wordt gevraagd, financiële wensen via het IMF laten lopen en de handen wassen in onschuld, de corruptie en het cliëntelisme in stand laten enzovoort.

De troonrede zal misschien meer over de voornemens van de Nederlandse regering onthullen. Maar wat Nederland ook zou wensen, binnen het Statuut zal het meeste niet te verwezenlijken zijn, omdat de Nederlandse Antillen en Aruba, de koninkrijkspartners, alles willen, behalve verandering die de Nederlandse parasol inklapt. John Leerdam onderschrijft dit (de Volkskrant, 8 augustus): 'kennelijk heeft driehonderd jaar kolonialisme door Nederland de Curaçaose bevolking terughoudend gemaakt bij het weggeven van autonomie, ook al staat daar een vette economische premie tegenover.' Hij vraagt om maatwerk en doet allerlei voorstellen voor verbetering van de toestand van de schurkeneilandjes, zonder aan te geven welke mogelijkheden er bestaan om die ook te verwezenlijken.

Het 'hou me vast laat me los' heeft naar mijn mening te lang geduurd. Het wordt tijd voor structurelere oplossingen dan pappen en nathouden. Het Statuut, dat altijd al als een tussenfase is beschouwd naar onafhankelijkheid van de Antillen, heeft na vijftig jaar zijn beste tijd gehad en moet worden verlaten. Daarom zijn de herhaalde voorstellen om van de Antillen en Aruba een provincie te maken, en bijvoorbeeld van de eilanden gemeenten, zoals onder anderen onlangs door Pieter van Vollenhoven gedaan, niet bruikbaar. De landen overzee zullen dat niet aanvaarden.

Maar stel even dat de andere landen binnen het Statuut daarmee zouden instemmen, dan zijn de lokale problemen natuurlijk niet opgelost. Zonder provincie geen gemeenten: in tal van opzichten zijn er relaties tussen gemeenten en provincie, zoals bij het goedkeuren van bestemmingsplannen, milieuvraagstukken en zo verder. Maar als werkelijk ernst wordt gemaakt met het normaliseren van de eilanden in de Cariben en het daadwerkelijk invullen van art. 43 van het Statuut, dan zal dat alleen zijn beslag kunnen krijgen door herkolonisatie. Dan gaat het om vervangen van een corrupt ambtenarenapparaat, het instellen van een berekenbaar bestuur, het invoeren van een fatsoenlijke verzorgingsstaat, en nog veel meer dat lokaal niet van de grond komt.

Afgezien van het feit, dat zo'n operatie Nederland naar zich laat aanzien flink wat extra begrotingsgeld zal kosten, is een dergelijke ingreep in termen van toeleiding naar de onafhankelijkheid een wat merkwaardige tournure. Ook is het niet aannemelijk dat het provinciemodel wordt ingevoerd op de Antillen, terwijl deze bestuurslaag in Nederland op de tocht staat.

Een andere uitweg laat zich ook denken. Nu het er naar uitziet dat de Nederlandse Antillen en Aruba zich met hand en tand zullen verzetten tegen inlijving in een Nederlandse eenheidsstaat én tegen het losser maken van de banden met het moederland, en dat dus alle pogingen om binnen het Statuut tot veranderingen te komen vergeefs zullen zijn, is een van de weinige begaanbare wegen een eenzijdig uittreden van Nederland. Ook het Nederlandse volk heeft een recht op zelfbeschikking, dat het zonder toestemming van anderen kan uitoefenen. Dit volkenrechtelijk erkende recht komt niet alleen toe aan eertijds gekoloniseerde volken, maar geldt ook in nieuwe situaties.

Bij de implosie van het Sovjetimperium hebben verscheidene landen gebruik gemaakt van dit recht, zoals de DDR en Slowakije. Het recht geldt tegenover iedereen, dus ook tegenover de landen overzee. Nederland kan dus eenzijdig opstappen, en het statuut kan 'gelet op de ontwikkelingen' door de overblijvende partners aangepast worden.

Natuurlijk moet dit geen koude sanering worden: ruimhartig zullen, gegeven de oude relaties, ontwikkelingsgelden ter beschikking gesteld moeten worden. Maar wel wordt het tijd de laatste stap naar de onafhankelijkheid van de oude koloniën te zetten door de uitoefening van het Nederlandse zelfbeschikkingsrecht.

De landen overzee hebben uiteraard het volste recht hun eigen toekomst uit te stippelen, en wie weet willen zij graag een monarchietje onder de Oranjes vormen. Maar daar gaan wij in Nederland niet meer over.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden