'Wij hebben nauwelijks ervaring'

Tunng maakt fluisterzachte popliedjes in een bedje van knisperende, elektronische geluiden. Gemaakt in de kelder van een Londense lingeriewinkel. 'Dat claustrofobische is op de plaat te horen.'..

Van onze medewerker Menno Pot

Bij het afscheid, zijn jas al aan, heeft Mike Lindsay nog een vraag ter afsluiting. De jonge Engelsman heeft net een uur lang vragen beantwoord. Nu wil hij de interviewer er zelf een stellen. Ietwat bedremmeld: 'Hoe deed ik het?'

Pardon? Hoe hij het dééd?

Hij biecht op dat het gesprek van zojuist, in een café in Amsterdam-Oost, zijn allereerste interview was. Nooit eerder, ook niet thuis in Engeland, had een journalist hem ondervraagd over zijn bandje Tunng, waarmee hij zaterdag op London Calling in het Amsterdamse Paradiso speelt, en begin dit jaar een prachtig album uitbracht: This Is... Tunng. Mother's Daughter And Other Songs.

Een collectie fluisterzachte popliedjes is het, rustend op een bedje van knisperende, pruttelende elektronische geluiden. Het genre, dat in Vlaanderen vertegenwoordigers als Styrofoam heeft en in Engeland bijvoorbeeld Four Tet, is door journalisten 'folktronica' gedoopt. Je leest ook wel 'laptopfolk'. Lindsay: 'Ik hoorde die term pas onlangs voor het eerst en bied de wereld mijn excuses aan: ik ben medeverantwoordelijk voor de lelijkste genre-naam aller tijden. Ik zal nog heel veel mooie liedjes moeten schrijven om het goed te maken.'

Vertellen over zijn bandje en zíjn muziek; dat voorrecht had Lindsay nog niet vaak. Vroeger speelde hij in de omgeving van Southampton en Portsmouth als gitarist in glamrock-en metalbandjes, tot hij op een goede dag besloot dat dat allemaal 'a bit shit' was. Hij legde zich toe op het componeren en produceren van elektronische muziek. Tot begin dit jaar verdiende hij de kost met televisie-jingles en soundtracks voor softpornofilms op het Engelse Fantasy Channel. 'Over sommige van die soundtracks was ik eigenlijk best tevreden, maar je krijgt er natuurlijk nooit erkenning voor. Ik ontdek nu eigenlijk pas dat muziek maken ook heel dankbaar werk kan zijn.'

Tunng is in de studio een duo, maar op het podium een vijfmanband. Lindsay is de enige constante factor. De plaat nam hij op met Sam Genders, een Amerikaanse folkie met wie Lindsay in een kroeg in gesprek raakte over de horrorfilm The Wicker Man (1973). De soms grimmige teksten op het Tunng-album zijn goeddeels op die film gebaseerd.

Genders en Lindsay knutselden aan hun debuut in hun eigen 'studio': de lage, krappe kelder van een lingeriewinkel in de Londense wijk Soho. Lindsay: 'Dat was nu eenmaal de goedkoopste ruimte die we konden vinden. De enige ingang was een soort luik, midden in de paskamer. Op drukke dagen, als rijke dames het ene setje ondergoed na het andere kwamen passen, zaten we soms uren opgesloten in die kleine, bedompte ruimte zonder ramen. Dat claustrofobische gevoel is op de plaat terug te horen.'

Van de live-bezetting, die in totaal nog geen vijftien optredens achter de rug heeft, maakt Sam Genders geen deel uit. Op het podium is niet hij, maar Lindsay de zanger. Verder is er een meisje dat een speelgoedmondorgel bespeelt, een zonderlinge, bebrilde knaap die aan knopjes draait en een drummer die een grote kist met zich meezeult, waarin hij zijn op straat gevonden percussie-instrumentarium bewaart. 'Stokjes, blikjes, stenen, schelpen', somt Lindsay op. 'Je kunt het zo gek niet verzinnen. Alsof onze live show zonder zijn experimenten nog niet riskant genoeg is. We hebben nauwelijks ervaring. Er kan van alles misg aan.'

Niettemin betoverde Tunng (dat op dat moment pas vier of vijf keer had opgetreden) begin maart voor het eerst een publiek buiten Engeland. Het Dwars-festival in de Amsterdamse Desmet-studio had de primeur. Zaterdag is de band terug in Amsterdam. Op London Calling, het festival dat al zo vaak als springplank naar de roem diende voor beginnende Engelse bandjes.

Mike Lindsay haalt zijn schouders erover op. Echt 'groot' zal Tunng wel niet worden en hoe het is om een liedje te schrijven dat iedereen kan meezingen, weet hij in feite al: voor de Britse satellietzender ITV componeerde hij de huisjingle. 'Het stompzinnigste riedeltje ooit geschreven. Tientallen keren per dag is het te horen en elke Engelsman kan het neuriën. Zo'n enorme hit scoor ik niet nog eens.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden