Wij en de anderen, Les 5: als vrouwen vissticks gaan eten

Goedemorgen jongens en meisjes. Vandaag alweer les 5 van Zelf communiceren naar de ander toe. Waarin wij dit keer de problematische liefdesrituelen in de moderne man-vrouw-relatie gaan behandelen....

Hoe heeft het zover kunnen komen? Slalommen wij samen eens stapsgewijs door het mijnenveld van kleine misverstanden, schermutselingen en hooglopende conflicten dat Liefde heet. Waar gaat het reeds mis? Inderdaad, in fase één. Dus al op het moment dat man en vrouw samen besluiten een stel te vormen. Tussen het kennismaken met wederzijdse ouders, vrienden en kennissen door, wil het stel immers zo veel mogelijk samen zijn. Dit is de enige fase van een relatie waarin een vrouw met een man op de bank wil hangen, pizza eten en tv-kijken, maar helaas: op dat ogenblik beseft de vrouw dat nog helemaal niet.

Wanneer dat wèl tot haar doordringt, in fase twee, is er feitelijk al geen redding meer mogelijk. In haar binnenste wordt het 'onzekerheids-onding' tot leven gewekt. Gevolg: de vrouw gaat zich onmisbaar maken in het huishouden, de vrouw gaat de man door lieve briefjes en telefoontjes op haar toewijding wijzen, en de vrouw wil voortaan alles samen met hem doen. Gevolg: door dat surplus aan aandacht wortelt bij de man een beetje gevoel van onbehagen; hij wordt een beetje onrustig, hij voelt zich een heel klein beetje gevangen. De vrouw beseft, na eerst een meidenavond te hebben belegd, dat alleen de veel-en-hard-huilen-patstelling nog uitkomst kan brengen.

Volgt fase drie in de relatie, die van de totale uitputting. U bent een TU-vrouw als u uw haar laat uitgroeien tot het zijn eigen kleur weer heeft, als u nog een drankje neemt, nog een croissantje neemt, en wanneer u heel veel vissticks koopt. Bent u óók nog moeder dan kunt u uzelf er op betrappen dat u reflexmatig restjes baby-eten bij uzelf naar binnen brengt: geweekte lange vingers, vissticks, Bambix en vanillevla.

De TU-vrouw raakt er meer en meer van overtuigd dat ze in een stelletjes-vesting woont. De ideale stelletjes-vesting ligt op 24 bushaltes van het stadscentrum. Er is een tuin bij voor de barbecues en de kinderen. Er liggen veel kleine, harde dingetjes op de grond. De muren zitten vol blauwe punaises en er hangen veel verschillende misvormde, kleurige voorwerpen aan het plafond. De TU-vrouw geeft haar man de schuld van dit alles. Zij kan zich onder andere wreken door haar 'sporen te gaan verdienen' of 'leuke gekke dingen te gaan doen' (diploma binnenhuisarchitecte, Spaanse les, het Pieterpad lopen), of zij glijdt gewoon zonder slag of stoot fase vier binnen: die van de status quo, de totale berusting. De TB-vrouw raakt nog hooguit een beetje uit haar hummetje in een geval als dit:

Man verwent zichzelf op zondagochtend met een lekker lange weekbeurt in bad. Ziet dat er nog maar een klein stukje zeep in het bakje ligt, en pakt dus een stuk zeep van de plank. Dit zeepje is gelig van kleur, heeft de vorm van een schelp en is een beetje stoffig.

Vrouw komt de badkamer binnen, zegt iets liefs tegen man en lacht erbij, maar plotseling verandert haar gelaatsuitdrukking Zegt: 'Waarom gebruik je dat zeepje nou? Er ligt nog genoeg zeep in het kastje.' Man ziet aan haar gezicht dat ze echt een beetje overstuur is, maar wat is het verschil tussen de zeep op de plank en de zeep in het kastje?

Gegevens en zinsneden in deze aflevering komen uit 'Liefde liegt, Wat mannen niet weten en vrouwen niet willen toegeven' van Deborah McKinlay, onlangs verschenen bij Luitingh-Sijthoff in Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden