Wij en de anderen, Les 1

Goedemorgen, jongens en meisjes. Wij weten allemaal dat naast de taal van het woord ook de taal van het menselijk gedrag bestaat....

Welnu: zittaal is territoriumtaal. Een gebied markeren, uitbreiden dan wel verdedigen. De kantoortas op de vrije plek naast u in de intercity. Of de jas op de aanpalende fauteuil in de bios.

Ook door de manier van zitten zendt u psychologische boodschappen uit. Heel bekend is natuurlijk benen over de stoelleuning: ik maak aanspraak op deze ruimte. Tevens veelvuldig toegepast zijn: abrupt kruisen van de benen (er valt weerstand te verwachten, er wordt een kritiek punt geraakt), opgetrokken schouders tijdens het zitten (angst, beduchtheid) en hoekige schouders (bereid verantwoordelijkheid te dragen).

Looptaal signaleert behalve karakter en persoonlijkheid ook de gemoedstoestand van de loper. Wie vlug en met wijd uitzwaaiende armen loopt, is zelfbewust en doelgericht. Zwaaien de armen overdreven ver naar voren en naar achteren, en loopt de loper met opgeheven kin en stijve benen, dan hebben wij te maken met het zelfgenoegzame type dat arrogantie wil etaleren. Observeren wij trappen tegen denkbeeldige voorwerpen (let op: korte, spontane beweging vanuit de knie), dan is de conclusie gewettigd dat er sprake is van uiting van woede en teleurstelling.

Gaan wij vervolgens over naar de gebarentaal. Bewegingen van het gezicht (let op: niet te verwarren met gezichts-uitdrukkingen) en bewegingen van hoofd en romp. Wie de vingertoppen uitgestrekt tegen elkaar aanlegt straalt zelfvertrouwen en optimisme uit. Wie de handen achter het hoofd vouwt geeft duidelijk blijk van zelfverzekerdheid en superioriteit.

De armen over elkaar kruisen heeft uiteenlopende betekenissen. In het algemeen wil dit gebaar zeggen dat de gesprekspartner zich vooralsnog wil isoleren en bescherming zoekt. Het drukt gereserveerdheid uit en men zou er het bestaan van vooroordelen uit kunnen afleiden. In een groep kan deze houding er ook op wijzen dat men het gevoel heeft zich te moeten verdedigen. Daarom kan dit gebaar ook goed gebruikt worden bij een groepsanalyse.

Gebaren die flirtgedrag uitdrukken, ten slotte, ontstaan uit een chemische huwelijk tussen biologische drang en vrije fantasie. Flirtgedrag onderscheidt zich in een mannelijke en vrouwelijke variant. De man zal aan zijn manchetten plukken, zijn das rechttrekken, een afgezakte sok ophalen, en kijken of zijn nagels schoon zijn. Staat hij op een party dan zal hij nonchalant tegen de muur of bar leunen, waarbij hij zijn bekken een beetje naar voren draait en zijn duimen in zijn riem haakt, zodat zijn vingertoppen in de richting van zijn genitaliën wijzen.

Een flirtende vrouw zal haar benen langzaam over elkaar slaan of (op de bank of stoel) tegen elkaar aan trekken en tijdens het gesprek haar handen, kuiten, knieën of dijen strelen. Gevaarlijk wordt het wanneer zij haar schoen op de top van haar voet laat balanceren: dit kan als teken van agressiviteit geïnterpreteerd worden.

Fijn, tot zover les 1. Volgende week: mimiek, fonetiek en exotische lichaams- en spreektaal.

Gegevens in 'Zelf communiceren naar de ander toe' zijn ontleend aan Signalen in het gesprek, een beknopte handleiding bij het communiceren, onlangs verschenen bij uitgeverij Nelissen in Baarn.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden